Gretta Duisenberg spreekt in januari van dit jaar op het Malieveld in Den Haag demonstranten toe die zich hebben verzameld om te ageren tegen de oorlog in Gaza. Archieffoto Phil Nijhuis/GPD
Een levende democratie wordt gedragen door in de Grondwet verankerde
vrijheden. Deze vormen, om het zo te zeggen, ons familiezilver dat goed
beschermd en bewaakt moet worden. De Israël-lobby knaagt aan onze rechten op
vrijheid van meningsuiting en die van vereniging en vergadering.
Nederland moet niet terechtkomen in Amerikaanse toestanden. Twee moedige
geleerden, John Mearsheimer en Stephan Walt, schreven in maart 2006 het boek
The Israel Lobby. Zij toonden de wurgende greep aan van die lobby op het
Amerikaanse politieke leven en de academische wereld. Geen Amerikaans
politicus van enig niveau durft zich bij verkiezingen ook maar enigszins
kritisch over Israël uit te laten. Dan zou onmiddellijk het geld vrijkomen
voor uitgebreide smaadcampagnes. In de academische wereld worden de
contracten van onwelgevallige docenten niet verlengd. Norman Finkelstein, de
zeer kritische Amerikaans/joodse wetenschapper, is een van de honderden
slachtoffers.
De hoofdconclusie van de schrijvers van het boek
luidde dat het Amerikaanse buitenlandse beleid onder de dominantie van de
Israël-lobby ernstig was scheefgegroeid en niet meer het belang van de VS
zelf dient. Mearsheimer en Walt, die in eerste instantie geen uitgever in de
Verenigde Staten konden vinden, hebben ook nogal wat stormen moeten
doorstaan.
Nu wordt met spanning afgewacht in hoeverre president
Obama zich onder deze lobby uit weet te worstelen. Israël heeft zich in Gaza
overduidelijk misdragen. Bij voorbaat moet niet worden uitgesloten dat de VS
eindelijk een meer gebalanceerd beleid gaan voeren. Het zou een zegen voor
de Palestijnen en de Israëliërs zijn.
De officiële
voorlichtingsinstantie van Israël heet Hasbara. Het waarheidsgehalte van de
informatie is vaak twijfelachtig, om niet te zeggen leugenachtig. Onderdeel
is een internetcursus van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Deze
vierweekse 'Ambassador's Course' traint joden in de diaspora hoe de
Israëlische standpunten over het voetlicht te brengen, hoe zwakheden van de
tegenpartij te ontdekken en te weerleggen.
Hasbara geeft
wereldwijd pasklare antwoorden op alle mogelijke kritiek. Dat verklaart het
rituele karakter van de argumenten van de Israël-lobby. Er wordt niet
zelfstandig nagedacht. Het lijkt eerder op door Big Brother gestuurd gedrag.
In Nederland komen we, zoals in de Verenigde Staten, onder- en bovengronds
gewroet van de Israël-lobby tegen. Een grote landelijke krant werd tijdens
de recente oorlog tegen Gaza verlies aan abonnementen en advertenties in het
vooruitzicht gesteld wanneer kritische geluiden tegen dit geweld zouden
worden gepubliceerd.
Gretta Duisenberg werd, tot zij verhuisde,
jarenlang in het Amsterdamse Oud-Zuid getreiterd en bedreigd en zij ontving
stapels 'hate mail', natuurlijk vrijwel alle anoniem.
Het
Tropenmuseum bracht in 2008 de tentoonstelling Exhibition Palestine 1948.
Via een gerechtelijke procedure werd geprobeerd deze te verhinderen. De
rechter wees dit natuurlijk af.
Geprobeerd wordt om politieke
processen uit te lokken. Aan een aanklacht behoort altijd een vermoeden van
een strafbaar feit ten grondslag te liggen. Bij de recent ingediende
aanklachten tegen antisemitisme of haat, discriminatie en geweld ontbreekt
dat vermoeden. De beschuldiging van antisemitisme draagt een zware lading.
Beschuldigden worden in feite gelijkgesteld aan de nazibeulen uit de Tweede
Wereldoorlog.
In twee uitzendingen van Pauw en Witteman traden
respectievelijk rabbijn Evers (12 januari 2009) en advocaat Moszkowitz (14
januari 2009) op. Zij betoogden dat, waar in demonstraties antisemitische
teksten worden geschreeuwd, men zich op straffe van wetsovertreding dient te
verwijderen. Dat zou – doorredenerend – tot interessant gedrag van
voetbalminnend Amsterdam kunnen leiden.
Het chanteren en
intimideren door gedrag en met juridisch geweld heeft slechts één doel: het
doen verstommen van het kritische geluid over het Israëlische regime. Het
vormt een rechtstreekse aanval op het grondwettelijke recht van de vrijheid
van meningsuiting. En de bewering dat men zich aan demonstraties dient te
onttrekken als anderen iets strafbaars zouden roepen, tast direct de
vrijheid van vereniging en vergadering aan.
Veel mensen die ik
spreek, zeggen zich niet in het openbaar over het Israëlische conflict met
de Palestijnen te durven uiten omdat zij problemen met de Israël-lobby
vrezen.
Sommigen zijn zelfs bang voor wraakneming tegen hun
persoon en hun gezin. Mij wordt nogal eens aangeraden 'goed over de schouder
te blijven kijken'. Deze sfeer van angst past niet in een open en onbevangen
democratie.
De promotie van de belangen van Israël is op zich niet
onwettig. Samenspannen in chantage, intimidatie en misbruik van het recht
met als doel de Nederlandse politiek en media doorslaggevend te beïnvloeden,
is wel degelijk strafbaar.
Waar dit het geval is, pleegt de
Israël-lobby een aanslag op wezenskenmerken van onze democratie. Dat mag en
kan niet gebeuren. Ik pleit er dan ook voor dat het College van
Procureurs-Generaal dit probleem aanpakt, te beginnen met het inrichten van
een meldpunt voor dit type delicten.
Jan Wijenberg
is oud-ambassadeur in onder meer Jemen, Tanzania en Saoedi-Arabië en
bestuurslid van de stichting Stop de Bezetting, die zich keert tegen de
bezetting van alle Palestijnse gebieden door Israël en die ijvert voor een
duurzame vrede in het Midden- Oosten.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.


Sorteer reacties











