Minister Ronald Plasterk (links) en commissievoorzitter Elco Brinkman bij de presentatie van het rapport over de toekomst van de pers. foto Valerie Kuypers/ANP
Het rapport van de commissie Brinkman over de toekomstmogelijkheden van de gedrukte pers is niet al te somber. Terecht.
De commissie-Brinkman doet zo'n twintig aanbevelingen voor maatregelen die
moeten zorgen dat er in Nederland stevige, onafhankelijke journalistiek
blijft. De afgelopen dagen ging het bijna alleen maar over dat ene voorstel:
een heffing van een paar euro op alle internetaansluitingen.
Vooral
op internet was heel wat onzin over dit idee te lezen. Nog voordat ze één
zin van het rapport van de commissie hadden gelezen, begonnen de
vertegenwoordigers van de 'nieuwe media' al te kwaken. Eén conclusie mogen
we al vast trekken: goede, serieuze journalistiek is hard nodig en het is
hoogst twijfelachtig of die ooit door de internetgemeenschap zal worden
verzorgd.
Daarmee zitten we bij het probleem waarvoor de Commissie
Innovatie en Toekomst Pers onder leiding van Elco Brinkman aan het werk werd
gezet: de zorg over de journalistiek in Nederland. Het aantal journalisten
bij de dagbladen is de afgelopen vier jaar met bijna zeshonderd gedaald en
er verdwijnen er dit jaar nog zeker zo'n tweehonderd.
De gevolgen
zijn vooral zichtbaar op het regionale en lokale niveau. Het proces van
schaalvergroting is daar al jaren aan de gang. In het overgrote deel van de
Nederlandse regio's is er nog maar één regionale krant over. In Den Haag,
Rotterdam en Utrecht is de eigen krant zelfs al gedegradeerd tot een filiaal
van een landelijk ochtendblad.
Als de uitgever zich door de
recessie gedwongen ziet nog eens het mes te zetten in de redacties blijven
er te weinig journalisten over om alles in stad en regio te volgen. Dat
vindt ook de politiek zorgwekkend en daarom vroeg minister Ronald Plasterk
begin dit jaar een commissie eens uit te zoeken wat daartegen te doen is.
Wie had gehoopt dat de commissie het tovermiddel zou bedenken waarmee de
regionale dagbladen van alle kwalen zouden worden verlost, zal het rapport
met teleurstelling hebben gelezen. Zo'n tovermiddel is er niet.
De
commissie had bij het zoeken naar oplossingen te maken met drie beperkingen.
Om te beginnen is er in Nederland geen breed draagvlak voor massieve
overheidssteun aan de pers. Naar radio en televisie gaat jaarlijks rond 850
miljoen euro, maar de gedrukte pers moet zichzelf redden. De tweede handicap
is de verdeeldheid in de sector. De grote uitgeverijen zien elkaar als
concurrenten en journalisten denken heel verschillend over overheidssteun.
En dan is er, ten derde, de werkelijkheid van dit moment. Daarin is steeds
meer nieuws gratis te krijgen en speelt internet een steeds grotere rol bij
de informatievoorziening.
Het speelveld voor de commissie was dus
beperkt. Heeft ze toch nog iets kunnen vinden, in het bijzonder voor de
regio's? Gelukkig wel, maar dan zullen de journalisten en uitgevers zelf wel
in beweging moeten komen.
Naast de krant is er in elke provincie
ook een publieke omroep die aan nieuwsvoorziening moet doen. De commissie
denkt dat het goed is voor de kwaliteit van de regionale journalistiek als
krant en omroep hun krachten vaker bundelen. Begin bijvoorbeeld met een
diepgravend wekelijks journalistiek programma. Zet samen onderzoeksprojecten
op. Daar is geld voor beschikbaar uit het innovatiefonds van Plasterk.
En waarom maken de krant en de regionale omroep niet samen één sterke
regionale nieuwssite? De krantenredactie levert de berichten, want daar is
zij beter in, en de omroep zorgt voor de bewegende beelden, zijn
specialiteit. De wettelijke beperkingen voor deze samenwerking tussen
'privaat en publiek' worden uit de weg geruimd. Bij de regionale
journalistiek worden de huis-aan-huisbladen en nieuwsbladen nog wel eens
over het hoofd gezien, Maar in de totale informatiestroom spelen zij hun
eigen rol. De commissie wil dat er geld komt voor projecten waarbij
uitgevers investeren in de kwaliteit van de journalisten bij deze bladen.
Op een ander niveau kunnen de regionale uitgevers ook profiteren van de
vorming van één bedrijf voor de bezorging van de kranten en de sanering van
de grafische sector. Dat zijn reële kostenbesparingen, waardoor er meer geld
voor de redacties beschikbaar komt. Maar dat laatste kan de commissie niet
afdwingen.
Rimmer Mulder is hoofdredacteur van de
Leeuwarder Courant en lid van de commissie-Brinkman
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.


Sorteer reacties











