‘Aan autisme kun je iets doen’

Auteur: Door Will Gerritsen |   woensdag 28 maart 2007 | 13:19

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Foto: Peter Wijnands

Foto: Peter Wijnands

Rob Nijssen (43) uit het Limburgse Nederweert werkte jaren aan een behandelmethode waar autistische kinderen over de hele wereld baat bij lijken te hebben. Medici gaan de methode testen. Belangrijkste drijfveer: zoon Freek (10).

Het was de zoveelste teleurstelling, na een lange reis van Limburg naar het ziekenhuis in Amsterdam. De arts die het echtpaar Nijssen wilde consulteren over de pijnlijke ontlasting van hun autistische zoon Freek, bleek een invaller die maar vijf minuten de tijd had. Rob Nijssen werd cynisch: „ Ach dokter, het stelt eigenlijk niets voor. We komen niet terug.”

Buiten draaide Nijssen zich vastberaden om naar partner Anita: „Ik ga het zelf doen.”

Zelf doen? Wat kan een leek doen? Nijssen had een bloeiend internationaal handels- en verhuurbedrijf in grondverzetmachines opgebouwd. Maar zelfs met de grootste bulldozer zou je Freek geen duwtje in de goede richting kunnen geven.

Ooit was Freek, nu tien jaar oud, een normaal, gezond en sprekend kind. Als baby ontwikkelde hij zich perfect.

Dat alles veranderde echter nadat hij de bmren dktp-vaccinatie kreeg. Gaandeweg diende zich de ene kwaal na de andere aan. Ontstoken amandelen, oorklachten, diarree en altijd die eeuwige verkoudheid. Freek keek je ook niet meer aan. Tegen onbekende mensen schreeuwde hij.

Heel erg. Op dierlijk niveau, zegt Nijssen. Het jongetje leed ook aan slapeloosheid. Nijssen: „Mijn partner en ik brachten negen maanden in ploegendienst de nacht door. Freek sliep slechts drie uur, ontwaakte, en dan kon je erachteraan blijven rennen.”

Sinds 2001 doet Nijssen het zelf.

Hij dook in boeken, surfte zich suf op internet, liep vakcongressen plat, praatte met medici en wetenschappers, onderhield contacten met ouders. Naar eigen zeggen was hij er vaak zestien uur per dag zoet mee. „Mijn constante drive was het zoeken naar de oorzaak van Freeks toestand. Autistisch gedrag is een symptoom en heeft een oorzaak. Wil je het gedrag verbeteren, dan moet je de oorzaak aanpakken.”

Na jaren zoeken is hij er van overtuigd geraakt de boosdoeners te kennen. Hoe verschillend autistische kinderen immers ook zijn, ze eten vrijwel allemaal slecht en hebben veelal last van allergieën, slapeloosheid, buikpijn, een bleke, droge huid. En meestal last van verkoudheid, keelpijn, oorontsteking.

De oorzaak is volgens Nijssen daar- om een ontspoord immuunsysteem en, daaraan gekoppeld, slecht werkende maag- en darmfuncties. En een verstoorde stofwisseling, het biochemische raderwerk in het lijf. Als bijvoorbeeld de verwerking van boterham en glas melk in zo’n haperend biochemisch fabriekje vastloopt, kan het lichaam morfineachtige stofjes aanmaken. „Freek hing vaker high over de bank.”

Uiteindelijk is volgens Nijssen het virus van Epstein-Barr, de verwekker van onder meer de ziekte van Pfeiffer, medeverantwoordelijk voor autisme. Nijssen: „Dat virus kan zich onder andere in de hersenen nestelen en er schade aanrichten in het deel dat emoties verwerkt: huilen, lachen, affecties, knuffelen.”

Rob Nijssen trekt een lade open.

Een compleet regiment ampullen met natuurlijke ingrediënten ligt in het gelid. Tal van kruiden, olien, probiotica, vitamines, mineralen, voedingsstoffen, uit de hele wereld. Van China tot de Amazone. „Kostte me vijf jaar om dit bijeen te krijgen.” Zijn overtuiging is dat je autistische kinderen kunt helpen door hun afweer te versterken, te activeren, de stofwisseling te ondersteunen en een gezonde spijsvertering te bevorderen. Hij heeft in de loop van jaren een reeks van ’ formules’ ontwikkeld die de lichamelijke conditie van de patiëntjes zouden kunnen verbeteren. Deze middelen worden volgens een stappenplan ingenomen. Bij zoonlief sloeg de methode aan.

Freek ging ondanks herhaalde tegenslagen vooruit. Nijssen: „ Hij zit nu lekker in zijn vel, maakt normaal oogcontact, heeft gevoel voor humor, zoekt contact met anderen, ook vreemden, en is veel minder afhankelijk van vaste patronen. Hij eet weer normaal en slaapt goed.”

De wonderlijke vorderingen bleven niet onopgemerkt. Zo paste Maastrichtenaar John Hufkens de supplementen van Nijssen toe op zijn veertienjarige dochter Lianne.

Bij haar was op negenjarige leeftijd een milde vorm van autisme (PDD-NOS) vastgesteld. Binnen twee weken heelde haar lichte psoriasis. „ Na drie maanden zagen we haar gedrag veranderen. Ze werd veel emotioneler.” Lianne hield voor het eerst rekening met anderen. Met klasgenoten bijvoorbeeld. „Vroeger ging ze gewoon uit van het principe: ik vind iets leuk, dus iedereen vindt dat leuk.”

Steeds meer wanhopige ouders zochten hulp bij Nijssen. Ook uit het buitenland. Zeker nadat de Britse krant The Daily Mail een lijvig artikel aan hem wijdde. Zo’n 250 kinderen zouden wereldwijd baat hebben gevonden bij de methode. Nijssen: „ Ouders denken dat bij autisme niets helpt. Maar er is zeker iets aan te doen.”

Nijssen heeft intussen zijn handelsbedrijf beëindigd en een nieuwe onderneming gesticht: Synergy Nutriceutica. Dat produceert onder andere het Immune Balance Protocol.

Kinderarts en kinderneuroloog Ton Haagen van het Venlose ziekenhuis VieCuri raakte geïnteresseerd toen een autistisch patiëntje door Nijssens methode ‘opmerkelijk verbeterde’, zo vertelt hij in zijn spreekkamer. „ Autisme is een aandoening waar wij medici weinig mee kunnen. Met begeleiding vangen we de symptomen op, maar aan de oorzaak kunnen we niets doen. Daar weten we verdomd weinig van af.”

Haagen heeft zich grondig in de wetenschappelijke literatuur verdiept. „Veel onderzoekers leggen een verband tussen autisme en een verstoord immuunsysteem.

Kinderen met een kwetsbaar immuunsysteem hebben beschadigd slijmvlies aan het maagdarmkanaal. Schadelijke stoffen kunnen zo de hersenen bereiken.”

De Venlose medicus is een wetenschappelijk onderzoek gestart naar de methode van Nijssen. Dertig tot vijftig autistische kinderen worden een jaar lang gevolgd. Haagen waarschuwt echter voor te hooggespannen verwachtingen. Schade aan de hersenen kan moeilijk helemaal teruggedraaid worden. Dat is dus ook het geval bij Freek.

Rob Nijssen: „ Als ik toen had geweten wat ik nu weet, hadden Freek en ons gezin betere perspectieven gehad. Freek spreekt nog niet en heeft momenteel een ontwikkelingsniveau van een kind van vier, vijf jaar. We zijn er nog lang niet, maar zijn kwaliteit van leven wordt steeds beter.

Info op web: www.threewells.nl ; telefoon 0495-513535.

© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.