In een hoog tempo zijn de laatste jaren onder politieke druk veel veranderingen opgelegd in de gezondheidszorg. Wat veel artsen, verpleegkundigen, thuiszorgmedewerkers, psychiaters steekt is dat ze hun werk niet meer kunnen doen zoals ze vinden dat het moet gebeuren: met toewijding en bezieling.
Een groot deel van haar leven werkte Lineke Steenhuis als
(wijk)verpleegkundige. Met toewijding en plezier. Maar er veranderde veel.
'Strontziek' werd ze van de stopwatchcultuur. "Je belt aan, iemand komt
met de rollator naar de deur, terwijl jij al met een half oog op de klok
kijkt. Tien minuten voor een insuline-injectie, tien minuten voor het
aantrekken van steunkousen. Die cultuur, daar voelde ik me door gekrenkt.
Dat je door alle protocollen niet meer zelf je tijd kunt indelen. Of dat je
uren lang achter je bureau zit formulieren in te vullen in plaats van aan
het bed te staan."
Nu is Lineke Steenhuis de drijvende kracht
van vrijwilligersorganisatie De Oppepper die, vooral in het westen en midden
des lands, wensen vervult van chronisch zieken en daar alle tijd voor neemt.
Toewijding, bezieling: het zijn woorden die er nog steeds toe doen in de
gezondheidszorg, stelt Thijs Jansen van het platform Beroepseer. Hij is
mede-oprichter van de stichting die in het leven is geroepen als reactie op
de onvrede in de publieke sector, van politie en onderwijs tot
jeugdhulpverlening en zorg.
Met de hoogleraren Gabriël van den
Brink (maatschappelijke bestuurskunde) en Dorien Pessers (rechtstheorie)
schreef Jansen Beroepszeer - Waarom Nederland niet goed werkt. Een boek dat
veel weerklank vond. Niet alleen in de zorg, maar ook in de politiek.
De stichting Beroepseer is tegelijk overdrukventiel (nu het gist aan alle
kanten) en portaal waar professionals onderling en managers en de werkvloer
met elkaar in contact kunnen komen. In open brieven, blogs en opiniërende
artikelen worden ergernissen gedeeld, discussies gevoerd, oplossingen
aangedragen en activiteiten aangekondigd.
Wat volgens Jansen in de
gezondheidszorg het meest steekt is dat artsen, verpleegkundigen,
thuiszorgmedewerkers, psychiaters vinden dat hen de zeggenschap over het
werk - en daarmee tevens de erkenning van hun vakmanschap - is afgenomen.
Zij worden niet gezien als deskundigen, maar als uitvoerders van beleid dat
is gemaakt zónder dat zij geconsulteerd zijn. Patiënten werden cliënten en
later zorgconsumenten. Prestaties worden beoordeeld in termen van
productiviteit en omzet. Daarmee ontstond een toenemende
verantwoordingscultuur, de 'registratieziekte'.
Jansen is niet
tegen 'meten is weten'. "Maar mensen moeten wel de overtuiging hebben
dat het niet ten koste gaat van het échte werk. Wat mis ging is dat in hoog
tempo ontzettend véél veranderingen zijn opgelegd onder enorme politieke
pressie. Diagnose Behandelings Combinaties, aanbestedingen, standaardisering
van werkprocessen, het eeuwige getrek aan de financiering. Dat gaat ten
koste van betrokkenheid. Daar bovenop kwam de trend tot schaalvergroting.
Een aantal grote instellingen kwam als gevolg daarvan onder druk te staan.
Die druk verplaatst zich van de top van organisaties naar beneden, waar het
draagvlak zienderogen afkalft. Zuinigheid gaat ten koste van de zinnigheid."
Jansen vindt het te gemakkelijk om de bal eenzijdig bij managers en de
overheid te leggen. Wie z'n vak terug wil, moet het gezag heroveren, zegt
hij. "Veel werkers in de zorg klagen. Als puntje bij paaltje komt
durven ze niet voor hun mening uit te komen. Wie wat wil veranderen, moet
opstaan. Geruggensteund door bestuurders en managers. Gezamenlijk moeten ze
burgerlijk ongehoorzaam worden, zeggen; dit doen we niet."
In
de voorhoede van de gezondheidszorg is volgens hem de opstand al
uitgebroken. Psychiaters weigeren vertrouwelijkheid op te geven nu zij
verantwoording moeten afleggen over de aard van aandoeningen en duur van de
behandeling. Huisartsen doen niet mee aan het Elektronisch Patiënten Dossier
tot bewezen is dat de privacy gewaarborgd is.
Thuiszorgers en
verpleegkundigen lopen over naar kleinschalige organisaties als Buurtzorg,
waar niet de eierwekker maar de menselijke maat regeert. Jansen, die
inmiddels werkt aan een boek over beroepstrots, is daar verheugd over: "
De makheid in Nederland was veel te groot."
www.beroepseer.nl
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.















