Opstand der professionals

Auteur: door Yvonne Jansen |   woensdag 25 maart 2009 | 13:59 | Laatst bijgewerkt op: woensdag 25 maart 2009 | 14:05

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Een wijkverpleegster helpt een cliënt bij het aankleden. foto ANP

Een wijkverpleegster helpt een cliënt bij het aankleden. foto ANP

In een hoog tempo zijn de laatste jaren onder politieke druk veel veranderingen opgelegd in de gezondheidszorg. Wat veel artsen, verpleegkundigen, thuiszorgmedewerkers, psychiaters steekt is dat ze hun werk niet meer kunnen doen zoals ze vinden dat het moet gebeuren: met toewijding en bezieling.

Een groot deel van haar leven werkte Lineke Steenhuis als (wijk)verpleegkundige. Met toewijding en plezier. Maar er veranderde veel. 'Strontziek' werd ze van de stopwatchcultuur. "Je belt aan, iemand komt met de rollator naar de deur, terwijl jij al met een half oog op de klok kijkt. Tien minuten voor een insuline-injectie, tien minuten voor het aantrekken van steunkousen. Die cultuur, daar voelde ik me door gekrenkt. Dat je door alle protocollen niet meer zelf je tijd kunt indelen. Of dat je uren lang achter je bureau zit formulieren in te vullen in plaats van aan het bed te staan."

Nu is Lineke Steenhuis de drijvende kracht van vrijwilligersorganisatie De Oppepper die, vooral in het westen en midden des lands, wensen vervult van chronisch zieken en daar alle tijd voor neemt.

Toewijding, bezieling: het zijn woorden die er nog steeds toe doen in de gezondheidszorg, stelt Thijs Jansen van het platform Beroepseer. Hij is mede-oprichter van de stichting die in het leven is geroepen als reactie op de onvrede in de publieke sector, van politie en onderwijs tot jeugdhulpverlening en zorg.

Met de hoogleraren Gabriël van den Brink (maatschappelijke bestuurskunde) en Dorien Pessers (rechtstheorie) schreef Jansen Beroepszeer - Waarom Nederland niet goed werkt. Een boek dat veel weerklank vond. Niet alleen in de zorg, maar ook in de politiek.

De stichting Beroepseer is tegelijk overdrukventiel (nu het gist aan alle kanten) en portaal waar professionals onderling en managers en de werkvloer met elkaar in contact kunnen komen. In open brieven, blogs en opiniërende artikelen worden ergernissen gedeeld, discussies gevoerd, oplossingen aangedragen en activiteiten aangekondigd.

Wat volgens Jansen in de gezondheidszorg het meest steekt is dat artsen, verpleegkundigen, thuiszorgmedewerkers, psychiaters vinden dat hen de zeggenschap over het werk - en daarmee tevens de erkenning van hun vakmanschap - is afgenomen. Zij worden niet gezien als deskundigen, maar als uitvoerders van beleid dat is gemaakt zónder dat zij geconsulteerd zijn. Patiënten werden cliënten en later zorgconsumenten. Prestaties worden beoordeeld in termen van productiviteit en omzet. Daarmee ontstond een toenemende verantwoordingscultuur, de 'registratieziekte'.

Jansen is niet tegen 'meten is weten'. "Maar mensen moeten wel de overtuiging hebben dat het niet ten koste gaat van het échte werk. Wat mis ging is dat in hoog tempo ontzettend véél veranderingen zijn opgelegd onder enorme politieke pressie. Diagnose Behandelings Combinaties, aanbestedingen, standaardisering van werkprocessen, het eeuwige getrek aan de financiering. Dat gaat ten koste van betrokkenheid. Daar bovenop kwam de trend tot schaalvergroting. Een aantal grote instellingen kwam als gevolg daarvan onder druk te staan. Die druk verplaatst zich van de top van organisaties naar beneden, waar het draagvlak zienderogen afkalft. Zuinigheid gaat ten koste van de zinnigheid."

Jansen vindt het te gemakkelijk om de bal eenzijdig bij managers en de overheid te leggen. Wie z'n vak terug wil, moet het gezag heroveren, zegt hij. "Veel werkers in de zorg klagen. Als puntje bij paaltje komt durven ze niet voor hun mening uit te komen. Wie wat wil veranderen, moet opstaan. Geruggensteund door bestuurders en managers. Gezamenlijk moeten ze burgerlijk ongehoorzaam worden, zeggen; dit doen we niet."

In de voorhoede van de gezondheidszorg is volgens hem de opstand al uitgebroken. Psychiaters weigeren vertrouwelijkheid op te geven nu zij verantwoording moeten afleggen over de aard van aandoeningen en duur van de behandeling. Huisartsen doen niet mee aan het Elektronisch Patiënten Dossier tot bewezen is dat de privacy gewaarborgd is.

Thuiszorgers en verpleegkundigen lopen over naar kleinschalige organisaties als Buurtzorg, waar niet de eierwekker maar de menselijke maat regeert. Jansen, die inmiddels werkt aan een boek over beroepstrots, is daar verheugd over: " De makheid in Nederland was veel te groot."

www.beroepseer.nl

© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Reacties van bezoekers op artikelen op deze site zijn meer dan welkom.

Echter: reacties die kwetsend, onnodig grof of beledigend zijn worden niet

geplaatst.

Klik voor de uitgebreide versie van de spelregels