Voor het eerst mochten ook Vlamingen meedoen aan de Nationale Gedichtenwedstrijd, met de grootste geldprijs ter wereld voor één gedicht. Ook op de derde plaats eindigde een Vlaamse dichter en 15 Vlaamse gedichten eindigden in de Top 100.
De jury koos ervoor gedichten te nomineren ,,die zich veelal niet direct prijsgeven, die iets achterhouden en daarmee uitnodigen tot herlezing'', zei Nasr. ,,Het winnende gedicht trekt de lezer in al zijn beelden, zijn taal en de opgeroepen sfeer diep de zompige Hollandse klei in.'' Des te verrassender was het voor de jury dat de auteur een Vlaming bleek te zijn.
In totaal werden 10.131 gedichten ingezonden, iets meer dan vorig jaar. Aan deze editie deden 2227 mensen mee, van wie er 314 uit België kwamen. De Nationale Gedichtenwedstrijd is de enige poëzieprijs waarom iedereen van 16 jaar of ouder kan wedijveren. Alle gedichten worden anoniem beoordeeld. De jury kijkt alleen naar de kwaliteit.
De tweede prijs (1500 euro) was voor Kate Schlingemann uit het Friese Hartwerd met haar gedicht Bemoeizorg. Hilde van Cauteren uit het Belgische Hamme ontving de derde prijs van 1000 euro voor haar gedicht Carne Vale.
De gedichtenwedstrijd wordt elk jaar georganiseerd door de Poëzieclub, die Gerrit Komrij in 2001 oprichtte in zijn functie van Dichter des Vaderlands (2000-2004). De Turing Foundation, een goed doel van een van de oprichters van navigatiebedrijf TomTom, stelt het prijzengeld ter beschikking. De twee organisaties hebben de wedstrijd in het leven geroepen om de belangstelling voor poëzie te vergroten door zowel professionele als amateurdichters een nieuw podium te bieden.














