Onder de titel 'Ik heb geen vijanden, ik ken geen haat' is een reeks teksten van Liu gebundeld. Hij schreef die, voordat hij in 2008 werd opgepakt. Ze symboliseren zijn lange strijd voor de mensenrechten in China. Hij schrijft over de politiek, de Olympische Spelen, Chinese cultuur en over kindslaven die in illegale steenovens moeten werken.
Daarnaast is een aantal gedichten van Liu in het boek opgenomen, evenals een vertaling van Charta 08, een document waarin de dissident samen met anderen oproept tot meer democratie in China. De toon in het door Uitgeverij De Geus uitgebrachte boek is soms ongenadig kritisch, zoals trouwe lezers van Liu al gewend waren.
Zo schrijft hij ergens: ,,De macht van de dictatuur is kil tot op het bot''. En: ,,Als het heersende regime van de Communistische Partij echt de complete uitbarsting van de haat van het volk af wil wenden, dan kan ze niet anders dan het rechte pad betreden''. Verder stelt hij dat Tibetanen, in zijn ogen overigens net als de Han-Chinezen, fundamentele vrijheden worden ontzegd.
De 56-jarige Liu zit een celstraf van 11 jaar uit. Zijn vrouw Liu Xia staat onder huisarrest. Het is niet voor het eerst dat Liu door de Chinese autoriteiten is opgesloten: dat gebeurde ook al na de studentenprotesten op het Plein van de Hemelse Vrede in Peking in 1989. Voor de ogen van de gehele wereld ontruimden tanks met grof geweld het plein. Honderden, mogelijk duizenden mensen zijn om het leven gebracht in die periode.
Vrijdag wordt het boek gepresenteerd in Den Haag. Daarbij is ook Tienchi Martin-Liao aanwezig. Zij is de voorzitster van de onafhankelijke schrijversbond in China. Ook zullen schrijver Ma Jian en dichter Tang Lian aanwezig zijn.















