Film: De hel van '63
Regie: Steven de Jong
Met: Chris Zegers, Lourens van den Akker, Cas Jansen
Te zien in: Arnhem, Doetinchem, Ede, Malden, Nijmegen, Tiel, Winterswijk, Zevenaar
Bij de twaalfde Elfstedentocht in 1963 zijn geen doden gevallen. Er zijn wat
tenen afgevroren, er waren botbreuken en sneeuwblinheid. Winnaar Reinier
Paping werd bij -20 graden een sportlegende en dat geldt ook voor de andere
126 schaatsers die de finish haalden. Maar goed, geen doden. Toen de pers de
volgende ochtend bij Paping aanklopte voor zijn verhaal was de winnaar niet
thuis. Hij was een rondje rennen omdat hij zich 'wat stram' voelde. Wie De
hel van '63 van Steven de Jong bekijkt krijgt het gevoel dat de tocht der
tochten een soort Nederlandse versie van Omaha beach is geweest.
De Jong trekt alle registers open. Dat begint al bij het acteren, waarbij de
acteurs kennelijk de instructie krijgen elke zin uit te spreken alsof er een
uitroepteken in het script staat. Steven de Jong houdt in de Nederlandse
filmwereld in zijn eentje de Swiebertje-school van acteren omhoog. We zien
acteurs als Cees Geel, Dirk Zeelenberg, Chantal Janzen (ligt de halve film
een kind te baren – sterke parallelmontage tussen breken van de vliezen en
het scheuren van het ijs) en Chris Zegers worstelen met de enorme clichés
waarmee het script ze opgezadeld heeft. De jonge acteurs Chava voor in 't
Holt en Lourens van den Akker komen, als twee jonge schaatsers, het sterkst
naar voren tussen al die zwalkende veteranen.
In De hel van '63
volgen we vier toertochtrijders. Parallel daarmee loopt het verhaal van de
spanningen bij de rayonhoofden, die onder druk werden gezet door de
commissaris van de koningin om de tocht door te laten gaan, ook nadat het
weer verslechterde.
Sterkste punt van de film is de reconstructie
van de tocht waarbij handig beelden uit de computer werden samengevoegd met
opnamen uit het hoge noorden. Ik moest bij het kijken naar De hel van'63 aan
De storm van Ben Sombogaart denken. Voor alle duidelijkheid: bij de storm
vielen 1.800 doden, en bij de tocht van '63 vroor iemands kleine teen eraf.
Het is dat zwelgen in nostalgie dat de film zo moeilijk te verteren maakt.
Sombogaart reconstrueerde de Watersnoodramp en vertelde een uitgesproken
modern verhaal: een verhaal over een verstikkende gereformeerde moraal en
hoe trauma's in het verleden in de toekomst doorwerken.
Maar De
Jong maakt van het verleden een reactionaire Efteling, vol met sigaarrokende
burgervaders, godsvruchtige agrariërs en sergeant-majoors, die ondanks hun
ruwe bolster toch een blanke pit blijken te hebben. Dirk Zeelenberg speelt
een journalist van de krant van Wakker Nederland, die in de dubbelrol van
Randstedeling en mediavertegenwoordiger een dubbel kwaad vertegenwoordigt.
Geen wonder dan dat hij aan het slot van de film wordt ondergekotst.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.
















