Volledig scherm
© ANP

Een klein gebaar voor de onfortuinlijken in Tiel

Veel tanden heeft hij niet, maar er is in ieder geval één gouden bij. Het sjofele figuur dat me voor de supermarkt aanspreekt, houdt zijn hand op en kijkt me onderdanig lachend aan. Hij wil wat geld om boodschapjes te doen, niet zoveel hoor, twee euro ofzo, voor eieren en kaas.

„Ik heb bijna nooit contant geld bij me”, zeg ik zonder te liegen. Om dit te illustreren laat ik het lege muntenvak in mijn portemonnee zien. Terwijl ik wegloop zie ik plots de mogelijkheid om me van mijn barmhartige kant te laten zien.

Ik draai me daarom weer om en stel hem voor om wat boodschappen voor hem te doen. „Eieren en kaas, zei je, brood misschien?” Hij lacht en stemt in.
Ik probeer me er niet te voldaan over te voelen, het is maar een klein gebaar. Zelf kom ik hier speciaal voor de lactosevrije yoghurt en het scheersysteem met vijf mesjes. Daarbij neem ik en passant gerookte zalm, lamshaasjes en een T-bone steak uit de diepvries mee. Even zoeken naar de eieren.

Terwijl ik voor de kassa sta te wachten zie ik hem buiten in onderhandeling met een andere supermarktbezoeker, die grif zijn portemonnee trekt. Zo doen we allemaal wat voor de minder fortuinlijken in Tiel.
Ik voel me een knurft als ik buiten met mijn spulletjes de hoek om loop en hij verdwenen is. Dat hij drugs nodig heeft, à la, maar eventjes op mijn goede daad wachten moet toch kunnen.

Menno Provoost