article
1.6193293
Mijn moeder belt. Ze zit al dagen binnen. Er komt geen water uit de kraan en de elektriciteit is uitgevallen. In Aleppo is iedereen opgeroepen vooral binnen te blijven, scholen en bedrijven zijn dicht. Zo hevig als nu was het geweld er nog niet eerder. In de wijk waar mijn ouders wonen, zijn al tweehonderd mensen gedood de laatste dagen.
Anwar burgert in - Misselijk
Mijn moeder belt. Ze zit al dagen binnen. Er komt geen water uit de kraan en de elektriciteit is uitgevallen. In Aleppo is iedereen opgeroepen vooral binnen te blijven, scholen en bedrijven zijn dicht. Zo hevig als nu was het geweld er nog niet eerder. In de wijk waar mijn ouders wonen, zijn al tweehonderd mensen gedood de laatste dagen.
http://www.gelderlander.nl/regio/arnhem-e-o/arnhem/anwar-burgert-in-misselijk-1.6193293
2016-07-20T07:59:00+0000
http://www.gelderlander.nl/polopoly_fs/1.5806507.1473325360!image/image-5806507.JPG
Arnhem,Vluchteling,column,Anwar burgert in
Arnhem
Home / Regio / Arnhem e.o. / Arnhem / Anwar burgert in - Misselijk

Anwar burgert in - Misselijk

Foto's
1
    • Afbeelding
      Beschrijving
      Anwar Manla Sadoon.
      Fotograaf
    Mijn moeder belt. Ze zit al dagen binnen. Er komt geen water uit de kraan en de elektriciteit is uitgevallen. In Aleppo is iedereen opgeroepen vooral binnen te blijven, scholen en bedrijven zijn dicht. Zo hevig als nu was het geweld er nog niet eerder. In de wijk waar mijn ouders wonen, zijn al tweehonderd mensen gedood de laatste dagen.

    Ik zit aan het ontbijt met Ahmed. We drinken milkshakes, hebben broodjes en koffie. We praten over Syrië. Over een feestzaal in de stad die wij beiden goed kennen. Tijdens het Suikerfeest zijn er vaders, moeders en kinderen die het einde van de ramadan vieren. Tijdens het feest is er een bominslag, doden en gewonden liggen overal. Nadat ambulances en hulpverleners arriveren, volgt een tweede bominslag. Het is een nieuwe tactiek van de rebellen. Aanvallen, wachten tot hulp komt en dan nog een keer toeslaan.

    Langzaam word ik misselijk, ik kan geen hap meer door mijn keel krijgen. Ik zit hier rijkelijk te ontbijten terwijl mijn ouders al dagen naar drie lijken staren die voor hun huis liggen.
    Mijn moeder huilt aan de telefoon. Ze zegt dat ze blij is dat ik niet bij hen ben. „Ik ken mijn zoon. Jij zou toch naar buiten gaan, jij zou gewonden helpen, ook al liggen er scherpschutters op de loer. Je bent al zo lang weg, maar nog altijd denk ik bij iedere bominslag, waar is mijn zoon?” Dan beseft ze dat ik veilig ben.

    Tijdens het ontbijt besluiten Ahmed en ik dat we zo niet verder kunnen. We willen ons niet vol eten terwijl onze familie wordt beschoten en zonder elektriciteit, eten en water zit. Morgen doen wij het ook een dag zonder. Geen elektriciteit, geen wifi, geen water en geen eten. We willen dicht bij onze familie zijn en voelen wat zij voelen. We hebben vijf jaar zo geleefd in de oorlog, maar na een jaar in Nederland verdwijnt dat gevoel steeds verder naar de achtergrond.

    Morgen halen we het terug, voor één dag. Helpen we er iemand mee? Alleen onszelf. Maar soms is dat even nodig.

    Anwar Manlasadoon (25) is een Syrische advocaat en vluchteling. Hij woont met zijn huisgenoot Ahmed in de Arnhemse wijk Presikhaaf. Deze column komt tot stand met hulp van de redactie.