Jonge vossen foto M. Schaap ;In 1992 zijn in het natuurreservaat Oostvaardersplassen vijftig herten uitgezet. Deze populatie doet het fantastisch en bestaat inmiddels uit meer dan 2000 dieren. foto Otto Faulhaber
Jonge vossen foto M. Schaap ;In 1992 zijn in het natuurreservaat Oostvaardersplassen vijftig herten uitgezet. Deze populatie doet het fantastisch en bestaat inmiddels uit meer dan 2000 dieren. foto Otto Faulhaber
Onbegrijpelijk dat iemand tien edelherten in een veewagen laadt en in de vrije natuur op Terschelling loslaat. Om het transport te vergemakkelijken werd het mannelijk hert eerst van zijn gewei beroofd. Even onbegrijpelijk is de commotie die er dan ontstaat, als de minister van Landbouw toestemming geeft de dieren dood te schieten.
Omdat de herten van nature niet op de Waddeneilanden thuishoren, is er
sprake van faunavervalsing en moeten ze dus weer weg. De Partij voor de
Dieren is een mailactie gestart om amnestie voor de herten aan te vragen,
maar vijf herten zijn al neergelegd. De actiecoördinator van de PvdD heeft
zelfs een krans voor de gedode dieren gelegd met als tekst: 'Herten van
Terschelling gedood uit gemakzucht'. Waar zijn we toch mee bezig?
De herten kwamen van een fokkerij en waren al voor de slacht bestemd. Nu zou
je ze eerst moeten vangen, dan weer in een kar jagen, met de veerboot terug
naar de vaste wal en dan vroeg of laat naar het slachthuis. Waanzin!
In 1992 zijn er door jagers reeën op Terschelling uitgezet; dat is
stilzwijgend toegestaan. Inmiddels wordt de populatie op een driehonderd
dieren geschat.
Ook op Ameland komen reeën voor, maar die zijn
zelf gekomen. Reeën kunnen uitstekend zwemmen en ook 'wadlopen'. De diepte
van het water en de afstand vanaf de wal sluiten spontane kolonisatie op de
andere Waddeneilanden voorlopig uit. En dat is maar goed ook.
Eilanden kennen vanwege het isolement vaak een unieke flora en fauna. Het is
niet vreemd dat Darwin veel ideeën over de evolutie van soorten opdeed
tijdens zijn bezoek aan de Galápagos eilanden. Zijn theorie zoals hij die
formuleerde in zijn Origin of species was het resultaat van een langdurig
denkproces. Het gaat te ver om hier nu uitgebreid op in te gaan, maar voor
belangstellenden is de expositie Op expeditie met Darwin in het Museum
Naturalis in Leiden een aanrader. Het museum maakt de bezoekers duidelijk
dat op dergelijke geïsoleerde stukjes natuur de evolutie in een snelkookpan
zit. De variabiliteit binnen elke soort is groot. Als de variatie erfelijk
is, wordt de 'afwijking' op het nageslacht overgebracht. Meestal vallen
dergelijke mutanten, omdat ze opvallen, snel ten prooi aan roofvijanden,
maar als roofvijanden ontbreken, grijpt de variatie zijn kans. Vliegen kost
veel energie: vogels die op eilanden geen last hebben van predatoren konden
zich ontwikkelen tot 'niet-vliegers'. Zij waren door deze gunstige afwijking
in het voordeel op soortgenoten die energieverslindende vluchten moesten
ondernemen. De dodo – een duivensoort op Mauritius – is daar een voorbeeld
van. De aalscholvers van de Galápagos eilanden hebben zulke kleine vleugels
gekregen dat ze niet meer van de grond komen.
Als mensen in
gesloten levensgemeenschappen dieren of planten invoeren is de ecologische
en economische ellende vaak niet te overzien. Denk maar aan de invoer van
het konijn in Australië. En misschien wel even spectaculair is het
uitsterven van de dodo op Mauritius. Veroorzaakt, omdat onze voorouders er
huisdieren zoals het varken invoerden.
Misschien vraagt u zich nu
af wat deze evolutiegedachten met de uitgezette edelherten op Terschelling
te maken hebben. Ook Terschelling is een eiland met een unieke flora en
fauna. Evenals op de andere Waddeneilanden ontbreken roofdieren zoals vos,
das, wezel, bunzing, boommarter en steenmarter waardoor bodembroeders zoals
lepelaar, kiekendief en velduil veilig zijn. Ook zijn er tot genoegen van de
boeren geen mollen op de eilanden. Eekhoorn en zwarte rat zien we er evenmin
en de bruine rat komt alleen op Ameland en op Schiermonnikoog voor. Texel is
nog steeds het enige Waddeneiland waar de waterspitsmuis voorkomt. Ze wijken
wat grootte en kleur betreft af van hun soortgenoten op het vaste land. De
Waddeneilanden zijn nog heel jong, vergeleken met de Galápagos eilanden,
Mauritius en Australië; toch vinden er in het klein door de afwezigheid van
veel dieren dezelfde bijzondere evolutionaire processen plaats.
En
dat moet zo blijven. Uit beheersoogpunt mag men sturen in ecosystemen, maar
laat dat dan wel over aan wetenschappers. Na de succesvolle herintroducties
van bever en otter lijkt in ons land nu de weg vrij voor wolf en lynx, maar
gelukkig gaat men er tegenwoordig wel vanuit dat deze roofvijanden zelf de
weg naar onze natuurgebieden moeten vinden. Stel je voor dat er net zo als
op Terschelling nog meer malloten op het idee komen ontbrekende schakels uit
ecosystemen aan de wal op de wadden los te laten. Vossen, marterachtigen en
mollen zouden letterlijk en figuurlijk deze unieke levensgemeenschappen op
de kop zetten.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.






Sorteer reacties












