Gerrit Jansen: Faunavervalsing op Terschelling

  vrijdag 27 februari 2009 | 02:47 | Laatst bijgewerkt op: woensdag 18 maart 2009 | 20:17

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Jonge vossen foto M. Schaap ;In 1992 zijn in het natuurreservaat Oostvaardersplassen vijftig herten uitgezet. Deze populatie doet het fantastisch en bestaat inmiddels uit meer dan 2000 dieren. foto Otto Faulhaber

Jonge vossen foto M. Schaap ;In 1992 zijn in het natuurreservaat Oostvaardersplassen vijftig herten uitgezet. Deze populatie doet het fantastisch en bestaat inmiddels uit meer dan 2000 dieren. foto Otto Faulhaber

Jonge vossen foto M. Schaap ;In 1992 zijn in het natuurreservaat Oostvaardersplassen vijftig herten uitgezet. Deze populatie doet het fantastisch en bestaat inmiddels uit meer dan 2000 dieren. foto Otto Faulhaber

Jonge vossen foto M. Schaap ;In 1992 zijn in het natuurreservaat Oostvaardersplassen vijftig herten uitgezet. Deze populatie doet het fantastisch en bestaat inmiddels uit meer dan 2000 dieren. foto Otto Faulhaber

1/2
start playing the slideshow

Onbegrijpelijk dat iemand tien edelherten in een veewagen laadt en in de vrije natuur op Terschelling loslaat. Om het transport te vergemakkelijken werd het mannelijk hert eerst van zijn gewei beroofd. Even onbegrijpelijk is de commotie die er dan ontstaat, als de minister van Landbouw toestemming geeft de dieren dood te schieten.


Omdat de herten van nature niet op de Waddeneilanden thuishoren, is er sprake van faunavervalsing en moeten ze dus weer weg. De Partij voor de Dieren is een mailactie gestart om amnestie voor de herten aan te vragen, maar vijf herten zijn al neergelegd. De actiecoördinator van de PvdD heeft zelfs een krans voor de gedode dieren gelegd met als tekst: 'Herten van Terschelling gedood uit gemakzucht'. Waar zijn we toch mee bezig?

De herten kwamen van een fokkerij en waren al voor de slacht bestemd. Nu zou je ze eerst moeten vangen, dan weer in een kar jagen, met de veerboot terug naar de vaste wal en dan vroeg of laat naar het slachthuis. Waanzin!

In 1992 zijn er door jagers reeën op Terschelling uitgezet; dat is stilzwijgend toegestaan. Inmiddels wordt de populatie op een driehonderd dieren geschat.

Ook op Ameland komen reeën voor, maar die zijn zelf gekomen. Reeën kunnen uitstekend zwemmen en ook 'wadlopen'. De diepte van het water en de afstand vanaf de wal sluiten spontane kolonisatie op de andere Waddeneilanden voorlopig uit. En dat is maar goed ook.

Eilanden kennen vanwege het isolement vaak een unieke flora en fauna. Het is niet vreemd dat Darwin veel ideeën over de evolutie van soorten opdeed tijdens zijn bezoek aan de Galápagos eilanden. Zijn theorie zoals hij die formuleerde in zijn Origin of species was het resultaat van een langdurig denkproces. Het gaat te ver om hier nu uitgebreid op in te gaan, maar voor belangstellenden is de expositie Op expeditie met Darwin in het Museum Naturalis in Leiden een aanrader. Het museum maakt de bezoekers duidelijk dat op dergelijke geïsoleerde stukjes natuur de evolutie in een snelkookpan zit. De variabiliteit binnen elke soort is groot. Als de variatie erfelijk is, wordt de 'afwijking' op het nageslacht overgebracht. Meestal vallen dergelijke mutanten, omdat ze opvallen, snel ten prooi aan roofvijanden, maar als roofvijanden ontbreken, grijpt de variatie zijn kans. Vliegen kost veel energie: vogels die op eilanden geen last hebben van predatoren konden zich ontwikkelen tot 'niet-vliegers'. Zij waren door deze gunstige afwijking in het voordeel op soortgenoten die energieverslindende vluchten moesten ondernemen. De dodo – een duivensoort op Mauritius – is daar een voorbeeld van. De aalscholvers van de Galápagos eilanden hebben zulke kleine vleugels gekregen dat ze niet meer van de grond komen.

Als mensen in gesloten levensgemeenschappen dieren of planten invoeren is de ecologische en economische ellende vaak niet te overzien. Denk maar aan de invoer van het konijn in Australië. En misschien wel even spectaculair is het uitsterven van de dodo op Mauritius. Veroorzaakt, omdat onze voorouders er huisdieren zoals het varken invoerden.

Misschien vraagt u zich nu af wat deze evolutiegedachten met de uitgezette edelherten op Terschelling te maken hebben. Ook Terschelling is een eiland met een unieke flora en fauna. Evenals op de andere Waddeneilanden ontbreken roofdieren zoals vos, das, wezel, bunzing, boommarter en steenmarter waardoor bodembroeders zoals lepelaar, kiekendief en velduil veilig zijn. Ook zijn er tot genoegen van de boeren geen mollen op de eilanden. Eekhoorn en zwarte rat zien we er evenmin en de bruine rat komt alleen op Ameland en op Schiermonnikoog voor. Texel is nog steeds het enige Waddeneiland waar de waterspitsmuis voorkomt. Ze wijken wat grootte en kleur betreft af van hun soortgenoten op het vaste land. De Waddeneilanden zijn nog heel jong, vergeleken met de Galápagos eilanden, Mauritius en Australië; toch vinden er in het klein door de afwezigheid van veel dieren dezelfde bijzondere evolutionaire processen plaats.

En dat moet zo blijven. Uit beheersoogpunt mag men sturen in ecosystemen, maar laat dat dan wel over aan wetenschappers. Na de succesvolle herintroducties van bever en otter lijkt in ons land nu de weg vrij voor wolf en lynx, maar gelukkig gaat men er tegenwoordig wel vanuit dat deze roofvijanden zelf de weg naar onze natuurgebieden moeten vinden. Stel je voor dat er net zo als op Terschelling nog meer malloten op het idee komen ontbrekende schakels uit ecosystemen aan de wal op de wadden los te laten. Vossen, marterachtigen en mollen zouden letterlijk en figuurlijk deze unieke levensgemeenschappen op de kop zetten.

© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.

 
Reacties
laatste eerstSorteer reacties

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Reacties van bezoekers op artikelen op deze site zijn meer dan welkom.

Echter: reacties die kwetsend, onnodig grof of beledigend zijn worden niet

geplaatst.

Klik voor de uitgebreide versie van de spelregels