Pleisterende kraanvogels en wilde zwanen in Zuid-Zweden. foto Koos Dansen
Parende torenvalken. foto Otto Faulhaber
Op internet kan men tegenwoordig dagelijks het wel en wee van gezenderde vogels volgen. Trekbewegingen worden met moderne technieken in kaart gebracht en de webcam laat zien hoe vogels paren, broeden en de jongen verzorgen.
Spectaculair was de afgelopen dagen de kraanvogeltrek boven ons land.
Tientallen lezers zagen grote groepen over het verspreidingsgebied van De
Gelderlander komen. De vliegroute was, zoals het hoort in deze tijd van het
jaar, noordoost en liep vooral over Brabant, met name het Maasheggengebied,
en de Achterhoek. Maar er trokken ook groepen over Nijmegen, Arnhem,
Wageningen, Ede en Lienden.
Zelf zag en hoorde ik op 22 februari
een groep van 37 kranen boven ons huis in Angeren. Ik heb de waarneming op
www.waarneming.nl gezet: die dag zijn er voor het hele land 52 groepen
gemeld. Gezien de waarnemingslijst was waarschijnlijk dezelfde groep even
eerder boven Nijmegen gespot. Een bijzondere trek die dag, maar het werd nog
mooier.
Op zondag 1 maart bijna 400 groepen; er waren zelfs
vluchten van meer dan 500 vogels. Wel 15.000 kranen zijn er die dag over ons
land getrokken. De passage van noordelijke broedvogels over ons land hangt
sterk samen met de weersomstandigheden en de voedselvoorraden op de
trekroute.
Het is niet vreemd dat er de laatste jaren meer kranen
bij ons doortrekken, want het gaat de Europese populatie, die voor een groot
deel broedt in Scandinavië (vooral Zweden), Oost-Europa en de Baltische
Staten, voor de wind. Opvallender is het dat de trek over ons land ook meer
westelijk plaatsvindt. Er zijn de afgelopen week zelfs kranen boven Zeeland
en Utrecht gezien. Vroeger passeerden de vogels gewoontegetrouw Limburg en
Brabant; in Gelderland schampten ze slechts sporadisch de oostgrens.
De voorjaarstrek piekt meestal rond 15 maart. Ik heb afgelopen woensdag nog
even op de site www.grus-grus.com gekeken. Daar wordt de trekroute van de
kraanvogels in beeld gebracht. Praktisch alle kraanvogels doen tijdens de
trek voor kortere of langere tijd het Lac du Der Chantecocq aan, een
kunstmatige binnenmeer in de streek Champagne in Frankrijk. Rond het Lac
telde men er op 1 maart nog 16.000! In het najaar houden zich daar soms meer
dan 50.000 vogels op. Misschien komt een aantal bij ons nog over.
Pleisteren doen de vogels waarschijnlijk bij Diepholz, ruim een uur rijden
ten oosten van Enschede en op en bij Rügen in en aan de Oostzee. Bij het
Hornborgameer verzamelen zich elk voorjaar rond deze tijd duizenden
kraanvogels. Ze worden op enkele hectaren grasland aan de zuidoever van het
meer gevoerd met graan. Dat doen de regionale bestuurders en de
natuurbeschermers niet alleen voor de kraanvogels: vorig jaar kwamen er meer
dan 150.000 toeristen kijken naar de imponerende bals van deze geweldige
vogels (www.hornborga.com).
Er zijn meer mogelijkheden om op
internet het wel en wee van vogels te volgen. Kijk maar eens op
www.sovon.nl en klik dan 'satellietzenders' aan. Zo krijgt men informatie
over gezenderde kolganzen, brandganzen, grauwe kiekendieven, purperreigers,
zilvermeeuwen en kleine mantelmeeuwen. De nieuwste zenders zijn uitgerust
met een gps-ontvanger, waarmee de locatie van de gezenderde vogel tot op
enkele meters nauwkeurig kan worden vastgelegd.
Op
www.beleefdelente.nl laten de webcams van Vogelbescherming spannende
televisie zien. Hoofdrolspelers zijn steenuil, torenvalk, ijsvogel,
slechtvalk, ooievaar, lepelaar, grote stern en koolmees. Stiekem kijken we
mee hoe ze paren, broeden en hun jongen verzorgen. Zoiets werkt verslavend;
gelukkig worden de meest interessante beelden in korte filmpjes samengevat.
Natuurlijk zijn er ook natuurliefhebbers die met al die www'tjes op internet
niets te maken willen hebben. Zij gaan met de verrekijker het veld in en
zien daar dan leeuweriken en graspiepers op doortrek of horen in de verte de
schaterende lach van de groene specht, die vindt dat het tijd wordt om aan
nageslacht te gaan denken. Dat is en blijft ook voor mij het echte vogelen.
Maar de vogelsites kan ik toch niet missen.
Er huizen dit jaar
voor het eerst twee kerkuilen op onze hooizolder. Er staat geen webcam op de
kast gericht. Daarom kleed ik mij even voor zeven uur warm aan en stel ik
mij achter in de tuin strategisch op. Uitvliegende uilen zijn vanaf daar
niet te missen. 's Avonds hoor ik ze af en toe buiten krijsen.
Elke dag klik ik
www.kerkuilen.nu , de site van Kerkuilenwerkgroep Betuwe-Oost, aan om
even te kijken of de kerkuilen in het voormalige NH-kerkje in Ooij al
broedneigingen hebben. Ze brengen daar praktisch elk jaar jongen groot, maar
zover is het nu nog niet. Er zitten op dit moment steenuilen in de kast. Op
de beelden was te zien, dat ze dit jaar op 16 februari voor het eerst
paarden. Dat deed ons paar in Angeren in de schemer op de nestkast een dag
later. Ook dat was, net zoals via internet, vogelen vanuit de luie stoel.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.






Sorteer reacties












