Koude Judasoren. ;De beadering van de vruchtlichamen van Judasoor maakt de gelijkenis met een oorschelp nog groter. foto Gerrit Jansen
Koude Judasoren. ;De beadering van de vruchtlichamen van Judasoor maakt de gelijkenis met een oorschelp nog groter. foto Gerrit Jansen
Als je een kind vraagt een paddenstoel te tekenen, dan wordt het in negen
van de tien gevallen een zwam met een steel en een hoed. Een enkeling, die
meer met elfen opheeft dan met kabouters, tekent een elfenbankje.
Geen kind zal spontaan een Judasoor tekenen. Tenzij vader of moeder net een
verhaal heeft verteld over heksenkringen, duivelseieren, heksenboter en de
oren van de apostel die zich heeft opgehangen aan een vlierstruik.
Het Judasoor behoort tot de trilzwammen. De meeste trilzwammen zijn
onregelmatige, hersenachtig geplooide, slijmerige gevallen, die al naar
gelang de soort pikzwart, bruin, oranjegeel of kleurloos zijn. Ze zijn het
hele jaar door te vinden, maar het meest in de herfst. Judasoren zijn
fotogeniek bij vochtig weer. Ook in de winter nemen de vruchtlichamen van
deze trilzwam na een droge periode snel water op waardoor ze vleeskleurig en
schelpvormig worden. De beadering maakt de gelijkenis met een oorschelp dan
nog groter. Als het lang vriest, drogen de oren in tot harde, zwartpaarse,
rimpelige kluitjes. Zodra het weer vochtig wordt, zwellen die kluitjes
totdat ze hun oorvorm terug hebben.
De legende wil ons doen geloven
dat, toen Judas Iskariot zich wilde verhangen, alle geschikte bomen 'uit
protest' vanwege zijn verraad hun takken lieten hangen. De vlier wilde dat
niet of kon dat niet. Judas kwam zo in de vlier aan zijn einde. Nog steeds
is dan ook zijn oor aan de struik te zien.
De oorsprong van het
verhaal is Europees. Dat blijkt uit het feit dat de vlier in Palestina niet
voorkomt. Overigens, de broze takken van de vlierstruik zouden onder het
gewicht van Judas zeker gebroken zijn.
Onze kleinkinderen weten wat
Judasoren zijn. Ik heb ze met de geheimzinnige paddenstoelen op de foto
gezet. Deze keer niet om te ruiken, te voelen of te proeven, maar voor de
gelijkenis: een notentak vol met Judasoren naast het even grote kinderoor.
We hebben een aantal knoestige, oude vlieren in de bosjes op ons terrein
staan. Kanjers van struiken, meer dan twintig jaar oud; meer dood dan levend
met vuistdikke takken. Elk jaar zoek ik de vlieren af naar Judasoren, want
de vlier is, als we de literatuur moeten geloven, de gastboom bij uitstek
voor deze bijzondere trilzwam.
In het westen van het land, vooral
in de duinen, is Judasoor op oude vlieren een niet te missen soort. De
paddenstoel floreert bij winters weer. De trilzwam leeft in het begin van
zijn bestaan parasitair. Al moet gezegd worden, dat de sporen enkel op zieke
gastbomen tot kieming komen. Dit klinkt voor een parasiet enigszins
positief, want van 'leven ten koste van een ander' moeten wij mensen niets
hebben.
Maar ja, in de natuur is voor kneusjes geen plaats. Pas
als de zwamvlok, of het mycelium van Judasoor, voldoende voedsel heeft
opgenomen, verschijnen de bijzondere vruchtlichamen. De sporenvormende laag,
het kiemvlies of hymenium, bevindt zich aan de binnenkant van het oor. De
sporendragende cellen dragen vier steeltjes waarop de sporen worden gevormd.
Om dat waar te nemen, is wel een microscoop nodig.
Opgezwollen
Judasoren strooien kwistig met hun sporen als de vruchtlichamen trillen! Zeg
maar, wapperen in de wind. De zwakteparasiet treffen we ook op het dode hout
van de gastheer aan. Dit betekent dat er na de parasitaire voedingswijze een
saprofytisch vervolg komt.
Bovenstaande foto's heb ik de afgelopen
week gemaakt. Twee weken geleden was er nog geen oor te bekennen. Bij
temperaturen rond het vriespunt en een laagje sneeuw verschenen ze met
tientallen tegelijk op het notenhout dat ik twee jaar geleden gesnoeid heb.
Dat snoeihout was nog kerngezond. Waarschijnlijk heeft het mycelium zich pas
ontwikkeld, toen het hout door reducenten werd aangepakt. Dit betekent dat
Judasoor niet perse parasitair, maar ook direct saprofytisch zijn leven kan
beginnen.
Lezers van deze rubriek hebben de zwam inmiddels op de
volgende gastheren aangetroffen: vlier, beuk, esdoorn, plataan, populier,
es, meidoorn, lijsterbes, kardinaalsmuts en walnoot. Op onze meidoorns,
essen en esdoorns heb ik de paddenstoel nog niet aangetroffen. Als de vorst
aanhoudt, zal de zwam de oren wel laten hangen. De ineengeschrompelde
korsten zien er dan niet meer uit.
In Frankrijk kun je overal de
gedroogde 'oreilles de Judas' kopen. Judasoor is nauw verwant met de
'Chinese morieljes'. Deze 'muizenoren' worden praktisch in elk Aziatisch
restaurant als bijgerecht geserveerd. Ook als je onze Judasoren laat
trekken, krijg je een overheerlijke bouillon. Judasoren in de soep: kunt u
het zich voorstellen?
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.



















