05 feb 2008, 03:57 - BOXMEER - Metworst met sambal bij? Ook de omroeper heeft ze opgemerkt: het clubje carnavalvierders in kleurige kimono's, dat plechtig buigend campagne voert voor de Metworstrennen als olympische sport op de Spelen van Peking, later dit jaar.
Het is een spottende verkleedpartij voor een serieuze aangelegenheid.
Want: "De Metworstrennen winnen levert een aanzien op waar iedere
jongeman in Boxmeer jaloers op is", zegt Stan Jilesen later die dag in
de achtertuin van de Belaste Hoeve, waar hij de koning van de Metworst mag
kronen.
Met andere woorden: winnen is belangrijker dan meedoen.
Het blijft deze carnavalsmaandag iets langer dan normaal onduidelijk wie zich
in het jaar van de Olympische Spelen koning van de Metworst mag noemen.
De 268ste paardenrace begint ruim een half uur later dan gepland. Dat heeft
met het weer te maken. Als de 700 kubieke meter zand is verspreid over de
Provincialeweg tussen Sambeek en Vortum-Mullem, gaat het zachtjes regenen.
Met als gevolg dat de renbaan aan de start verandert in een zandstrook die
veel weg heeft van een plak cake die lang in de koffie heeft gelegen. En dat
kan natuurlijk niet. Want, vergeet niet, de Metworstrennen zijn een serieuze
aangelegenheid.
Pas als droog en nat zand opnieuw vermengd zijn,
kunnen de eerste hoeven het zand vertrappen. Vlak voor ieder startschot
('Zie zien los!') levert dat boeiende gevechten op: de ruiter die op zijn
steigerende paard probeert te blijven zitten, en de mannen die de paarden in
bedwang proberen te houden. Er doen dit jaar ook (voormalig) profsporters
mee aan de Metworstrennen. Paul Logtens, bijvoorbeeld. De oud-tennisprof
doet een gooi naar het koningschap bij de Knollenrit, de koddige variant op
de serieuzere Metworstrennen.
"Meedoen is belangrijker dan
winnen", zegt Paul Logtens (zie elders op deze pagina's). Vooruit, het
is makkelijk gezegd als je zojuist als voorlaatste bent geëindigd. Maar
toch. "Het gaat ook om de eer. Want als je eenmaal over het gele zand
hebt gereden, ben je verkocht. Dat is zo."
Als de knollen in
een weilandje bezig zijn aan een cooling down, begint De Finale. Die gaat
tussen Jan Thielen, Kevin Knuiman en Joey Arts. Een fotofinish wordt het
niet, weet een toeschouwer aan de eindstreep al, ook al is Jan Thielen nog
maar een blauw-wit stipje aan de Sambeekse horizon. "Ja, da's Jan,
duidelijk. Oh ja, da's Jan hoor. Die gaat winnen."
En Jan wint
ook.
Een sterk paard is de helft van de winst, zegt Thielen. Hij
spreekt uit ervaring, want vorig jaar (en in 1994) won hij ook al. Thielen:"
Dit paard heeft getraind in de Belgische duinen. Het is dus wel gewend aan het
natte zand van vandaag."
De andere helft van de winst? Dat is
geluk, volgens Thielen. "Je moet zorgen dat het paard de eerste
wedstrijd rustig aan kan doen, zodat-ie in de finale niet moe is. Dat geluk
had ik vandaag."
Volgend jaar doet de geroutineerde ruiter
weer mee. Bij winst is hij dan keizer. Olympische gedachte? Welnee: "
Meedoen is leuk, maar winnen is leuker."
Burgemeester Karel
van Soest kijkt alvast vooruit. Volgend jaar gaat de strijd om het
keizerschap van Jan Thielen, zegt hij. "Al betwijfel ik of er in
Boxmeer een jongeman is die je dat plezier bij voorbaat zou gunnen."
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties











