DEN HAAG - De Q-koorts is hoogstwaarschijnlijk wijder verspreid dan nu wordt aangenomen. De huidige onderzoekmethode, waarbij melktanks eens per twee maanden worden bemonsterd, brengt niet alle besmettingen aan het licht. Bedrijven kunnen zo ten onrechte vrij van Q-koorts worden verklaard. Het ministerie van Landbouw heeft daarom de frequentie van de testen sinds maandagavond opgevoerd.
Bedrijven met meer dan vijftig melkgeiten of -schapen worden nu iedere twee
weken gecontroleerd. Het gaat om ongeveer 360 bedrijven.
Een
melkgeit met Q-koorts die wordt gemolken laat niet altijd de Q-bacterie
achter in haar melk. Dit maakt de testen op de ziekte via de melk ook zo
onbetrouwbaar. Als de bacterie immers niet in de melk zit zal een
melktanktest een bedrijf als niet-besmet beoordelen terwijl de dieren in
werkelijkheid wel besmet zijn.
Het afgeven van de Q-koortsbacterie
door een geit gebeurt onregelmatig, meldt een woordvoerder van het
ministerie van Landbouw. Om dit probleem te ondervangen, zijn de testen in
aantal opgeschroefd. Binnenkort begint de Voedsel- en Warenautoriteit met
het ruimen van besmette dieren.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.















