Evacuatie van de Betuwe naar België

Auteur: door Karin Mulder |   zaterdag 05 december 2009 | 17:06 | Laatst bijgewerkt op: woensdag 30 december 2009 | 12:18

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
infographic De Gelderlander

infographic De Gelderlander

Foto boven: Het gezin Janssen in juni 1945 voor de woning in Lent kort na terugkeer ui België. Staand, tweede van links, Riet Janssen. Eigen Foto Portret: Riet van Heumen-Janssen foto Ed van Alem

Foto boven: Het gezin Janssen in juni 1945 voor de woning in Lent kort na terugkeer ui België. Staand, tweede van links, Riet Janssen. Eigen Foto Portret: Riet van Heumen-Janssen foto Ed van Alem

1/2
start playing the slideshow

Het manneneiland heet het boek, waarin Hen Bollen en Herman Jansen beschrijven wat er van september 1944 tot juni 1945 gebeurde in de Overbetuwe. Vrouwen en kinderen moesten vertrekken. Honderden van hen kwamen terecht in België. "Het was een kwestie van overleven", zegt Riet van Heumen-Janssen 65 jaar later. Zij arriveerde de dag vóór Sinterklaas op haar evacuatieadres.

Her en der lagen lijken op de grond. "We moesten er letterlijk overheen stappen. Een buurman zei tegen ons: niet kijken."

Riet Van Heumen-Janssen (1931) zat in de vierde klas van de meisjesschool aan de Burchtstraat in Nijmegen, toen de stad op 22 februari 1944 werd getroffen door wat later het vergissingsbombardement zou gaan heten. Het was 12 uur 's middags. Omdat ze aan de overkant van de Waal in Lent woonde, bleef Riet tussen de middag over. "We liepen terug naar school toen het luchtalarm ging. Aan de andere kant van het schoolplein was de Montessorischool. Die kinderen werden allemaal gedood bij het bombardement."

Riet en haar klasgenootjes werden ondergebracht in de kelder van de school. "Daar moesten we blijven tot we opgehaald werden. Buiten klonken de sirenes. Dat geluid ben ik altijd blijven associëren met het gegeven dat er iets kan gebeuren."

In de maanden die volgden, ging het luchtalarm steeds vaker af. De familie Janssen woonde in het buitengebied van de toenmalige gemeente Elst. Geregeld zochten ze hun toevlucht in de schuilkelder op het land. Die kelder was aan het begin van de oorlog door militairen gegraven. "Op een dag moesten we weg", herinnert Riet zich. "Het gebied was niet zuiver meer. Ik weet nog dat ik langs ging bij een kennis. Toen het luchtalarm ging, doken we met z'n allen onder de keukentafel. Er werd ook geregeld geschoten."

Ze weet het nog precies: op de dag vóór Sinterklaas arriveerde zij als jong meisje met haar familie op het evacuatieadres in België. De mannen bleven aanvankelijk in de Betuwe, om op het huis en de spullen te passen. De periode van september 1944 tot juni 1945 is beschreven in Het manneneiland, een boek van Hen Bollen en Herman Jansen. De vrouwen en kinderen vertrokken uit de Betuwe. "We werden opgehaald met militaire vrachtwagens", vertelt Riet. "We mochten alleen handbagage meenemen. In Heesch stopten we. Daar werden we ontluisd. In je ondergoed moest je in een hokje gaan zitten. Vervolgens kreeg je een laag ontsmettingsmiddel over je heen."

De colonne vrachtwagens reed naar Tilburg. Riet van Heumen herinnert zich dat de Betuwse vrouwen en kinderen de nacht doorbrachten in een wolfabriek. "Daar sliepen we met zijn allen in een grote ruimte. In het midden stond een ton waar je je behoefte in kon doen. Het stonk er verschrikkelijk. Daar lag je dan."

Ze was een meisje van 13. De oudste in een gezin met zeven kinderen. "Ik had het idee dat ik altijd volwassen moest zijn. Mijn moeder liep met de jongste van een jaar op de arm, ik nam de andere vijf kinderen op sleeptouw."

Lent hoorde destijds bij de toenmalige gemeente Elst, waar de vader van Riet een gemengd bedrijfje runde. "Hij had wat vee, verbouwde wat groente en fruit. Opa en oma woonden bij ons in. Vanaf het moment dat je kon lopen, moest je aan het werk. Er was weinig persoonlijke aandacht. Eén keer per jaar mochten we naar de speeltuin in Nijmegen. Lopend. Dan kreeg je drinken mee en kon je jezelf uitleven op de wip en in de draaimolen."

Na de overnachting in de Tilburgse fabriek werden de vrouwen en kinderen op de trein naar het zuiden gezet. "'s Nachts werd de trein gebombardeerd", vertelt Riet. "De locomotief was geraakt. We moesten met zijn allen op het spoor onder de trein gaan zitten. In het donker. Uren later konden we verder. Naar Ath, in België."

Het was een lange reis. De jonge Riet sliep veel. "In Tilburg hadden we allemaal een pakketje gekregen, met boterhammen en een appel. Eenmaal in Ath werden we in omliggende dorpen verdeeld over gastgezinnen. Wij kwamen terecht bij een onderwijzer en zijn gezin in Ophasselt, in Vlaanderen."

De onderwijzer was het hoofd van het vluchtelingenwerk in Ophasselt. Twee kinderen uit het gezin Janssen werden elders ondergebracht. "Wij kregen de beste kamer van het huis", aldus Riet. Prettig vond ze het er niet. "Ik leerde niks op school. Behalve weesgegroetjes in het Frans."

Als oudste van het gezin moest ze een handje helpen in huis. "Poetsen en vegen. In het begin haalden we eten uit de gaarkeuken. Na een paar weken kwam mijn vader ook. Er was een Hollands huis in het dorp, waar we bij elkaar kwamen, spelletjes deden en liedjes zongen. We onderhielden intensief contact met de andere evacués. De informatievoorziening was gebrekkig, daarom wisten we niet hoe lang het zou gaan duren." Toen ze hoorden dat Nederland was bevrijd, hingen ze in België de vlag uit. "We hebben gezongen en gesprongen, dat weet ik nog goed."

Militaire wagens brachten de Betuwse evacués in juni 1945 terug naar huis. In tegenstelling tot het noordelijke deel van de Betuwe was Lent niet onder water gezet door de vijand. "Maar", herinnert Riet van Heumen zich, "ook ons huis was gedeeltelijk afgebrand en leeggeroofd. "De puinhoop was enorm. Maar we kregen veel hulp. Na de oorlog werd alles beter."

Riet werd verpleegkundige. Ze trouwde, kreeg kinderen en verhuisde naar Cuijk. Daar zit ze al twintig jaar in de gemeenteraad voor de fractie Progressief Leefbaar Cuijk.

© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.

 
Reacties
laatste eerstSorteer reacties
hallo, ik woon in Ophasselt en ik zou graag weten wat de naam was van deze onderwijzer. Ik ken er namelijk enkele .Grt Kristoff
kristoff - 30-12-2009 | 12:18

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Reacties van bezoekers op artikelen op deze site zijn meer dan welkom.

Echter: reacties die kwetsend, onnodig grof of beledigend zijn worden niet

geplaatst.

Klik voor de uitgebreide versie van de spelregels



Websites met informatie over de Tweede Wereldoorlog, de operatie Market Garden en vrouwen in oorlogstijd:

Regionaal Archief Nijmegen
WO II Online
Beeldbank WO2
NIOD
Market Garden.com
Bevrijdingsmuseum Groesbeek
Oorlogsmuseum Overloon
Oorlogsdoden Nijmegen
Airbornemuseum
Kamp Westerbork
Literatuurlijst De Feeks
Museum Bronbeek
Omroep Gelderland
Verzetsmuseum Amsterdam
Vrouwen archief
Onderduikmuseum Aalten




De foto's op deze website zijn afkomstig uit het Regionaal Archief Nijmegen, het Gelders archief, het Nationaal Bevrijdingsmuseum in Groesbeek en diverse gemeentelijke archieven.