'Moeder was één van de vele engelen

Auteur: Door Wilma de Cort |   vrijdag 10 april 2009 | 12:06 | Laatst bijgewerkt op: woensdag 23 december 2009 | 10:52

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Het huis van Kate ter Horst in Oosterbeek.

Het huis van Kate ter Horst in Oosterbeek.

Kate ter Horst en Liv Ullmann tijdens de opnamen voor A Bridge too far.

Kate ter Horst en Liv Ullmann tijdens de opnamen voor A Bridge too far.

1/2
start playing the slideshow

'Zelf heeft ze nooit met de pers willen praten over de bewogen dagen tijdens de Slag om Arnhem in haar woning, de Oude Pastorie, in Oosterbeek. Kate ter Horst, wereldberoemd als de Engel van Arnhem, vond dat ze niet meer aandacht verdiende dan alle andere vrouwen met 'een moederhart' die tijdens de oorlog gewonde soldaten verzorgden en troostten.

Begin 1992 overleed de Engel nadat ze door een auto was aangereden op het trottoir voor haar huis. Op de dag van haar dood vond haar zoon Michiel ter Horst (52) een beduimeld boekje in de kast, het Johannes Evangelie. Ze had er een noot in geschreven: 'Het gaat er niet om dat de dood wordt overwonnen in het moment van het sterven, maar dat de dood wordt overwonnen die ons in ons hele leven aantast'. 'Toen heb ik pas begrepen dat mijn moeder van daaruit leefde. 'Moeder was een van de vele engelen' Huis familie Ter Horst voor Britse oud­soldaten een pelgrimsoord

Michiel ter Horst kijkt door de ramen van zijn docentkamer in de Vrije School in Driebergen. Het is een volgepakt, uiterst klein bemeten optrekje op een hoek van het gebouw. Hij heeft het uitgekozen, vertelt hij, omdat de ramen rondom ruim zicht bieden op de lommerrijke natuur buiten.

Die liefde voor de natuur, het zit in de familie. In haar boekje 'Een regimental Aidpost', waarin Kate ter Horst verslag heeft gedaan van de schrijnende gebeurtenissen in haar hulppost voor de Britse medische dienst, heeft ze tussen alle ellende door steeds oog voor de paradijselijke natuur gehouden; de zoemende bijen, de knotwilgen langs de sloot, het glanzende moederpaard, 'ons appelgaardje'.

Michiel ter Horst was drie jaar toen tijdens de Slag om Arnhem zijn ouderlijk huis vol lag met gewonde, Britse soldaten. Ze lagen tot in het toilet. En de tuin, tot dan speelplaats voor zijn broers en zussen, was begraafplaats voor talloze omgekomen militairen.

Hij herinnert zich van die periode niks. 'Ik heb me wel eens afgevraagd hoe dat komt', zegt hij. 'Ik denk dat ik het heb verdrongen. Te erg, ik wilde het niet weten.' Later probeerde hij er zich alsnog een beeld van te vormen.

In zijn herinnering was hij een jaar of zestien toen dat lukte. Het gebeurde tijdens een bezoek van een Engelse gast, want voor veel oud­soldaten is de woning van de familie Ter Horst een soort pelgrimsoord geworden. En het had te maken met de boomgaard, 'ons appelgaardje'.

'Mijn moeder was niet thuis', vertelt hij. 'Ik ontving de man, gaf hem wat te drinken. Hij wilde het huis zien. Toen is hij mee naar boven gegaan en plop, zijn herinnering kwam terug. Hij zei: 'Hier was het. Daar lag die kameraad, en daar lag die soldaat', en hij noemde de namen van al die mensen. 'En daar stond de appelboom, daar hingen heerlijke grote appels aan. We hadden zo'n honger en dorst en een van de jongens wilde daar een appel gaan plukken en hij heeft uit het raam gehangen om de appel te plukken. Wij zeiden allemaal: doe het niet, doe het niet. Is hij toch opgestaan en uit het raam gaan hangen. Toen werd hij doodgeschoten.' Dat vertelde die man zo aangrijpend. Op dat moment had ik het gevoel: ja, zo was het.'

Het was in september 1944 toen Kate ter Horst werd gevraagd haar woning beschikbaar te stellen als hulppost. In het huis deden zich in de daarop volgende dagen verschrikkelijke taferelen voor, maar zelf benadrukte ze later de positieve kant, juist de diep menselijke verhoudingen. En dat was ook eigenlijk alles wat ze erover kwijt wilde.

'In het begin toen ik opgroeide als kind', zegt Michiel ter Horst, 'begonnen m'n oudere zussen er wel eens over. Dan zei een zus iets over een Duitser met grote laarzen die ze had gezien en dan vond mijn moeder het wel weer genoeg geweest. Het was niet zo dat er het zwijgen toe werd gedaan. Ik had niet het gevoel dat het een verboden onderwerp was. Maar het enige waar mijn moeder uit zichzelf over sprak, waren de moed en ontzaglijk sterke, morele omgang van de soldaten onderling.'

'De moed en liefde zijn haar meer bijgebleven gebleven dan de ellende en het verdriet. Water was schaars. De waterleiding was al lang kapot geschoten. Dus wilden ze water, dan moesten ze naar buiten naar de pomp. Dat was een kwestie van leven op dood. En als iemand water had gehaald dan kwam mijn moeder met een glas bij de deur van een kamer waar dertig mensen lagen. De eerste dronk een slokje, gaf het door aan tweede, ook een slokje, naar de derde. Zo ging het de hele kamer door en toen was er nog een half glas over. Moeder zei: jullie moeten goed drinken, maar ze antwoordden: 'Give it to the boys next door, geef het aan de jongens hiernaast'.'

'Die dingen heeft ze veel verteld. Daarvan was ze geweldig onder de indruk. Ook van de moed die ze hadden bij operaties. Er was geen morfine, geen verdovingsmiddel. Sneden ze iemand z'n been open om er een kogel uit te halen. Moeder zei: 'Zo iemand wist nog grapjes te maken, zoiets van: nou, juffie, kijk maar niet dan word je misschien nog zenuwachtig'.'

'Haar eigen rol, en dan vooral de eretitel, koosnaam welhaast, Engel van Arnhem, heeft ze altijd gerelativeerd. Met gevoel voor humor zei ze: 'Moet je horen, die soldaten hadden maanden in barakken, kazernes gelegen en hadden een tijd geen vrouw gezien. En als je dan in die hel plotseling een vrouw aan je bed ziet staan, ja, dan denk je al gauw dat het een engel is'.'

Ze wilde geen mythevorming, zegt haar zoon, niet voor zichzelf. Maar aan de andere kant vatte ze de eretitel op als een symbool voor de mensen die al het mogelijke hebben gedaan. 'In zulke vreselijke omstandigheden en ontberingen hebben mensen meer kracht dan ze tevoren geloofden. Moeder was ervan overtuigd dat die in ieder mens te vinden is.'

Dat uitgerekend Kate ter Horst de Engel is genoemd, terwijl zoveel anderen hetzelfde hebben gedaan, ligt wellicht aan haar karakter. Uitermate betrokken, gevoelsmatig. In de film 'Een brug te ver', waarin Liv Ulmann de rol van Kate ter Horst speelt, wordt vooral die betrokkenheid benadrukt. Temidden van het oorlogsgeweld, terwijl haar huis onder vuur ligt, voert ze persoonlijke gesprekken met de vaak zwaar gewonde soldaten en leest ze hen voor terwijl de kogels rond het huis vliegen.

'Ze kon erg op iemand ingaan tijdens een gesprek. Als zij een soldaat verzorgde dan zal ze hem ook vragen hebben gesteld die zijn hart bereikt hebben', zegt Michiel ter Horst.

Hij beschrijft zijn moeder als een 'ontzaglijk zonnig mens' die niet uit de weg ging wat ze op haar levenspad tegenkwam. Op de dag van haar dood vonden de kinderen in een kast een boekje 'waaraan je kon zien dat het veel was gebruikt'. 'In een voetnoot had ze geschreven: 'het gaat er niet om dat de dood wordt overwonnen in het moment van sterven, maar dat de dood wordt overwonnen die ons in ons hele leven aantast'. Toen ik heb ik pas begrepen dat mijn moeder van daaruit leefde', zegt Michiel ter Horst.

Hij vertelt dat zijn ouders op een zeker moment hebben overwogen weg te gaan uit hun huis in Oosterbeek. 'Het was er zo erg geweest, zo'n chaos, gewone jongens die er gestorven waren. Maar moeder zei: 'Dat is nu de dood die ons in ons hele leven aantast'.'

Typerend voor haar vindt Michiel ter Horst het dan ook dat ze er niet alleen voor koos om te blijven, maar ook de tuin omtoverde tot een paradijs.

'Ze ontmoette graag mensen in de tuin, dus altijd ging ze met de Engelse gasten de tuin in. En als je in een mooie tuin bent, dan komt het gesprek ook heel gemakkelijk. Als er mannen aan de deur kwamen om nog een keer de tuin te zien of om nog een keer te zien waar die of die gesneuveld was, dan ging ze niet zeggen: och, wat vreselijk, maar vroeg ze: hoe was die dan& Die mensen ervoeren dat als oprechte belangstelling, ze voelden zich gesteund.'

Dat het ouderlijk huis in Oosterbeek tot op de dag van vandaag door Airbornes wordt bezocht, heeft het gezin Ter Horst als een begrijpelijk gegeven aanvaard. Tegenwoordig wordt het bezoek ontvangen door de zus van Michiel ter Horst, die er met haar hoogbejaarde vader woont. 'Ik zal u een voorbeeld geven', zegt Michiel ter Horst. 'Generaal Hackett was bij ons en zei: 'Morgenvroeg ga ik met de kameraden van mijn oude peloton, die hier nu zijn en waarmee ik door Oosterbeek ben getrokken, de oude tocht overdoen'. Echt iets voor mijn moeder om vervolgens te zeggen: 'Dan ga ik mee.' Zo was zij. Dus zij ging mee. Op vrijwel iedere hoek zeiden ze: hier is Jim gestorven en dan spraken ze over Jim en hoe hij was. Daar was Tom doodgeschoten en spraken ze over Tom en hoe hij was.'

'Dat was een en al menselijke liefde en dan was mijn moeder niet iemand die zich ging afvragen of zij dat nou wel zo leuk vond of niet. Ze was er vooral van onder de indruk. Later heeft Hackett bij ons een toespraak gehouden met het thema 'how love springs from war', hoe liefde uit de oorlog ontspringt. Een heel hoge militair die zoiets kan zeggen, bij ons thuis.'

Dat Michiel ter Horst zich niets meer herinnert uit de tijd dat zijn ouderlijk huis hulppost was, kan ook komen doordat zijn moeder ervoor heeft gewaakt dat haar vijf kinderen te veel met de ellende in aanraking kwamen. Haar kroost moest in de kelder blijven. 'Als sardientjes lagen we op matrassen naast elkaar.'

In het boekje van Kate ter Horst komt het beeld naar voren van een vrouw die haar aandacht goed wist te verdelen tussen haar kinderen en de soldaten. Maar zoon Michiel weet van haar verhalen dat ze 'met de grens heeft geworsteld'.

'Boven lagen alles bij elkaar zo'n driehonderd soldaten. Sommigen waren doods­ en doodsbang. Soms kwamen die jongens naar beneden, op de keldertrap zitten. Als ze uit hun rantsoen chocola aan ons gaven, ons op schoot namen, bemoedigende woorden toespraken, dan kon mijn moeder dat wel accepteren. Maar toen er eentje uit pure angst niet meer naar boven wilde, heeft ze gezegd: 'Dit kan gewoon niet, je moet terug.' Daar heeft ze een grens gesteld: niet over de rand van het nest. Ze heeft natuurlijk ook geworsteld met de vraag of ze zelf wel naar boven moest gaan, want het was natuurlijk gevaarlijk. Maar ook daarin heeft ze zo goed mogelijk de grens gezocht.'

Kort na de oorlog en een tijd later, werd Kate ter Horst onderscheiden. Ze vond dat niet nodig, maar het ging haar ook te ver om te weigeren. Ze wist immers dat mensen er zich voor hadden ingespannen. Bij de uitreiking van de laatste onderscheiding noemde ze haar mooiste onderscheiding dat Scan Bolden, Chief Medical Orderly in de hulppost, na jaren naar Oosterbeek was teruggekeerd.

Scan heeft een grote indruk op Kate ter Horst gemaakt. Toen een Duitse tank van dichtbij het vuur opende op het huis in Oosterbeek, rende Scan Bolden naar buiten, scheldend en wapperend met een Rode­Kruisvlag. 'Dat vond ze klasse. En Scan is nooit teruggekomen tot begin jaren tachtig. Moeder had zijn adres niet.

ze kende hem als Scan, maar dat was niet z'n echte naam. Ze heeft nooit kunnen achterhalen wie hij was. Ze vond het vreselijk dat ze hem niet had terug gezien. Op een dag loopt ze in de tuin, het was in september, en ze hoort zo'n stentorstem, zo'n stem die alleen badmeesters hebben en de hele tuin vult. En daar stond ie dan en toen was het een oude dikke man. Was ontzettend leuk.'

Een tijd terug is het voorstel geopperd voor Kate ter Horst een monument op te richten. Haar kinderen hebben daarop gezegd: 'Maak dan een monument voor alle vrouwen in Arnhem en Oosterbeek die hetzelfde hebben gedaan.' De Engel van Arnhem bestaat in hun ogen niet. Hun moeder was een van de vele engelen. Een vrouw, zegt haar zoon, van wie hij heeft geleerd te kijken naar de lichtkanten, naar de lichtende krachten in de mens. Een sterke persoonlijkheid, dat was zijn moeder ook. Impulsief en onorthodox in het leggen van contacten.

Michiel ter Horst: 'Kort voordat ze stierf, zaten er in het weiland achter ons huis veertig zwanen en die hebben daar een week gebivakkeerd. Er kwam een vreemde man aan huis voor een boodschap. Zegt ze in een opwelling: 'U moet even meegaan naar boven.' Brengt ze die man naar de slaapkamer omdat je vandaaruit die zwanen zo mooi kunt zien. Dat is toch ongebruikelijk, totaal verrassend, impulsief, gevoelsmatig. Helemaal niet moeilijk doen. Ze was geen groot psycholoog die een diepgravende vraag stelt of zo, maar gewoon ' ga even mee naar boven, want dan kunnen we de zwanen zien.'

Dit verhaal verscheen op 10 september 1994 in De Gelderlander bij gelegenheid van de vijftigste herdenking van de operatie Market Garden.

© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.

 
Reacties
laatste eerstSorteer reacties
Gisteren was er een excursie in Oosterbeek voor de leden van de Vrienden van het Airborne Museum. We bezochten plaatsen waar de gewonde Britse militairen werden verpleegd tijdens de slag om de perimeter. Naast hotel De Tafelberg en De Pietersberg, ontbrak uiteraard ook niet het huis van Kate ter Horst naast het kerkje. Het bijzondere was dat we de tuin mochten bezoeken, die normaliter niet voor het publiek toegankelijk is. In stille eerbied hebben we bij de plaats gestaan waar destijds een massagraf was van 65 militairen. Na de oorlog heeft Kate ter Horst hier een vijvertje gemaakt met een omgekeerde Pegasus. Ook een toen-en-nu foto gemaakt. Zeer indrukwekkend.
Alfred Saak - 28-03-2010 | 13:09
Ik word helemaal stil van al deze verhalen.
Prima idee, een monument voor de vrouwen

Mischien is het bevrijdings musuem in Groesbeek een goede plek.Er komen veel mensen en het draagt mee aan educatie voor de jongeren.
Wellicht is er een kunstenaar-es die zich geroepen voelt.
Mischien juist een mooi en vrolijk beeld.
Een die de overwinningen van de vrouw voorstelt zonder voorbij te gaan aan haar, deels onbekende, lijden.

Ik weet zeker dat er wel ergens een potje is voor het geld vd. materiaalen.

Mocht iemand praktische ideen over hebben, mail dan de Gelderlander.

Wellicht kan omroep Gelderland hier ook een rol inspelen, zij zenden prg. uit wat in het verlengde van deze special ligt
micha - 23-12-2009 | 10:52
Geachte redactie,
Zijn de foto's te bestellen welke u heeft afgedrukt bij het thema Moeder was één van de engelen in Vrouwen in oorlogstijd. Ik hoor ik wel via de mail. Met vr.gr. R.van Ee
R.van Ee - 18-06-2009 | 13:52

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Reacties van bezoekers op artikelen op deze site zijn meer dan welkom.

Echter: reacties die kwetsend, onnodig grof of beledigend zijn worden niet

geplaatst.

Klik voor de uitgebreide versie van de spelregels