Home / Sport / Overige sporten / Basketbal / ’De naam Akerboom is ’n dubbele handicap’

’De naam Akerboom is ’n dubbele handicap’

Foto's
1
  • Afbeelding
    Beschrijving
    Magixx-speler Rans Brempong reikt naar de bal. Kees Akerboom ( 12) en Ramiz Suljanovic (10) kunnen er niet bij. William Frisby ( links) en Sydmill Harris (5) wachten af. Foto: Dennis Beek

DEN BOSCH – Kees Akerboom wordt, net als zijn gelijknamige vader, het gezicht van basketballend Den Bosch. Vanaf vanavond gaat de schutter met EiffelTowers in de play-offs op jacht naar zijn tweede landstitel. „Ik flikker die ballen er wel in."

Die stem, die lach, die gebaren. Ze schelen wat jaartjes en kilo’s, maar er zijn veel overeenkomsten; Kees Akerboom (56) en zijn zoon Kees Akerboom junior (24). Ook op het basketbalveld is het soms net of je ’ouwe Kees’ weer ziet lopen. En vooral alsof je hem ziet schieten van afstand. Want dat is het handelsmerk van de Akerbomen. ’Oh Akerboom, oh Akerboom, wat zijn je schoten wonderschoon’, klonk het vaak.

Wat vader en zoon ook gemeen hebben, is dat ze graag in Den Bosch spelen. Senior bleef de stad jarenlang trouw, terwijl menige club hem graag wilde inlijven. En junior besloot onlangs in zijn tweede seizoen bij EiffelTowers Den Bosch - na een tweejarig verblijf in Groningen - zijn verblijf met nog eens vier seizoenen te verlengen. „Er was heus wel veel belangstelling, ook uit het buitenland. Maar ik heb het hier goed naar mijn zin. Het is een ambitieuze club die voor de prijzen gaat. En ik vind het ook fijn dat ik dicht bij mijn familie woon. Ook had ik nog niet het idee dat ik helemaal klaar ben voor het buitenland. Dat komt nog wel”, begint junior, die vanavond (19.30 uur) in Zwolle met EiffelTowers begint aan de play-offs om de landstitel.

Aan de andere kant van de grote eettafel in huize Akerboom zit senior. Het is een publiek geheim dat hij geen groot aanhanger is van Randy Wiel, de coach van Den Bosch. En dat is nog zachtjes uitgedrukt. Of niet?

Senior moet even nadenken voordat hij antwoord geeft. „Laat ik het zo zeggen: Randy Wiel heeft heel veel verstand van basketbal. Hij heeft ze niet voor niets twee keer kampioen gemaakt. Maar hij zou een stuk beter zijn als coach als hij maar acht spelers tevreden moet houden in plaats van twaalf. Dat is het grote probleem geweest bij EiffelTowers.”

Dat grote aantal spelers is vast onderwerp van gesprek geweest bij de onderhandelingen?

Senior: „Het heeft zeker meegespeeld in de beslissing van Kees. Ze willen nu met meer top-Nederlanders gaan spelen en minder Amerikanen. Je moet met een rotatie van acht man spelen. En de nummers negen en tien moeten weten dat ze alleen gebruikt worden als het echt nodig is. Zo doen ze dat in de NBA ook.”

Junior: „Dit seizoen hadden we te veel spelers die voor eigen succes wilden gaan. Gelukkig is dat de

laatste maanden veranderd. De bal gaat al veel meer rond. Ik flikker die ballen er wel in als het moet en ook als het niet moet. Maar ik moet wel de kansen krijgen. Mijn sterkste punt wordt vaak niet goed genoeg gebruikt. Ik ben een streakershooter, ik wil graag een serietje maken. Als ik hot ben, vliegen die ballen er heus wel in.”

Het is algemeen bekend dat u zich nog wel eens heeft zitten verbijten op de tribunes...

Senior: „Ik kijk absoluut gekleurd. Maar basketbal is en blijft een teamsport. En dat zie ik te weinig. De mentaliteit is veranderd, dat zie je ook in het voetbal. Maar ik kan inderdaad wel eens boos worden. Zeker als Kees veel scoort en vervolgens weinig speeltijd krijgt. In zijn tijd bij Groningen ben ik wel eens woedend geworden. Toen had hij in de eerste helft 18 punten en in de tweede helft kwam hij het veld niet meer in. Dat is toch absurd?”

Heeft junior de potentie om net zo goed te worden als zijn vader?

Senior: „Zeker wel, hij heeft al veel prestaties neergezet onder moeilijke omstandigheden. En ik vind dat

hij nu meer allround is dan ik was. Ik kon vooral hard lopen en heel goed schieten. Maar de tijden zijn nu zó anders. Er wordt zó hard verdedigd, ze hebben alle trucjes snel door. Het komt nu meer op individuele klasse aan, je moet één tegen één durven gaan.” Junior: „Tegenstanders weten nu wel dat ik kan schieten en dan gaan ze mij keihard lopen te verdedigen. Ze hebben nog liever dat een teamgenoot van mij een open lay-up loopt dan dat ik van afstand kan schieten.”

Senior: „Kees heeft de pech dat hij Akerboom heet, dat is een dubbele handicap. Iedereen let op hem.

Maar hij blijft er voor knokken, dat waardeer ik in hem. Kees heeft twee moeilijke jaren in Groningen gehad. Het was geen warm nest voor hem, wat ik in Den Bosch wel altijd heb ervaren. Maar hij is er sterker uitgekomen.”

Junior: „Ik ben ondanks alles blij dat ik in Groningen heb gespeeld. Van Ton Boot heb ik geleerd wat topsport echt inhoudt. Ik heb er leren rebounden en verdedigen. Alleen moest ik zó hard werken dat mijn schot niet viel.”