Westerling geniet weer in Winterswijk

  woensdag 16 april 2008 | 03:56 | Laatst bijgewerkt op: woensdag 16 april 2008 | 08:45

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Herman Beidschat bij het 'Haarlemse' scorebord van Hickory. foto Theo Kock

Herman Beidschat bij het 'Haarlemse' scorebord van Hickory. foto Theo Kock

WINTERSWIJK - Herman Beidschat is in de Nederlandse honkbalwereld een levende legende. Na zijn verhuizing naar Winterswijk helpt de oud-international de plaatselijke club Hickory. „Maar ik leid hier geen training, want dan ben ik een gevaar voor de spelers."

Vorige week moest hij nog een chauffeur van TNT Post aanhouden nadat hij per fiets was verdwaald bij het tochtje naar de golfbaan. Kan de pret niet drukken voor Herman Beidschat. Hij woont nu een maand in Winterswijk en telt zijn zegeningen. Lachen, plezier maken, genieten, dat is nu zijn doel. " En ik ben blij dat ik hier een ander leven mag leiden", zegt de 68-jarige Beidschat.

In een eerder leven was hij honkballer. Een uitstekende zelfs. Meer dan tien keer werper van het jaar in Nederland, international, veelvuldig Nederlands kampioen met zijn club Haarlem Nicols (en de voorlopers ervan met marginaal andere namen), daarna trainer en als jonge jongen bijna prof in de Verenigde Staten. "Ik kreeg een stage aangeboden bij Pittsburgh Pirates, dat net de World Series had gewonnen. Liep ik met een jack van de club op straat, allemaal meiden achter me aan. Ik kon een contract krijgen, maar mijn vader wilde dat ik in Nederland mijn opleiding afmaakte. Maar Amerika beviel me niet hoor, heel kil. Motel in motel uit voor je sport, dat is niks voor mij. Ik heb er geen spijt van, maar ik heb wel wat laten liggen."

Sinds kort is de man die rook aan de Amerikaanse profcompetitie adviseur van Hickory. Het verhaal over hoe de voormalige topper en de naar de vijfde klasse (nota bene het een na laagste niveau) afgegleden honkbalclub uit Winterswijk elkaar vonden begint bij de wens van Beidschat de hectiek van het westen van Nederland achter zich te laten. "We hadden genoeg van de idioterie in de Randstad" , zegt Beidschat, die zijn westerse tongval heeft meegenomen bij zijn verhuizing naar het oosten. "Mijn vrouw en ik zijn gek op Duitsland, nou, dat scheelt nu anderhalf uur rijden. Er is hier nooit file."

"Ik kende de Achterhoek van een weekje in een vakantiehuisje in Groenlo. Prima bevallen. We hebben hier rondgereden op zoek naar een huisje, eerst in de auto, daarna op de fiets, ook gepraat met mensen. Aalten leek ons een mooi plaatsje, maar een deel van de mensen daar vindt het niet fijn als je daar op zondag iets doet. Dan kan ik dus niet paaldansen", lacht Beidschat.

Lachen doet hij veel, de laatste tijd. Mooi huis, rust, ruimte. Toen Herman Beidschat voor het eerst naar zijn nieuwe domicilie reed, had hij niet eens in de gaten dat hij langs een honkbalveld kwam. Saillant detail: het scorebord van Hickory hing vroeger in het honkbalstadion in Haarlem. "Er zit zelfs een plekje op dat misschien wel van mij afkomstig is", zegt Beidschat in zijn huis, een ferme klap verwijderd van de werpheuvel van Hickory. "In mijn actieve tijd heb ik wel eens een homerun geslagen door het scorebord te raken."

Hij schreef een mailtje naar de club en kreeg een enthousiast antwoord van voorzitter Theo Hartjes. Een officiële functie ambieert hij niet en het in Winterswijk aanwezige kader wil hij ook niet voor de voeten lopen. Beidschat voelt zich na zijn 'emigratie' een gast die graag wil integreren. "Ik wil hier mensen leren kennen, maar dat moet natuurlijk wel van mij komen. In de sportschool geef ik iedereen een hand."

Schertsend: " Ik ben oud en lelijk, honkballen is een van de weinige dingen die ik goed kan. Daarom heb ik mijn diensten aangboden."

De afgelopen zes jaar deed hij niets in zijn sport. In Winterswijk

kan hij weer genieten van drie slag of een mooi dubbelspel. Hij heeft er een omslag in denken voor moeten maken. Vroeger was Beidschat een redelijk asociale honkballer die maar aan één ding dacht: winnen, de beste worden. De pitcher gooide zonder blikken of blozen een bal op het lichaam van de slagman als de wedstrijd daar om vroeg, zelfs als degene die met de knuppel tegenover hem stond, zijn beste vriend was. "Ik werd vijf keer achter elkaar pitcher van het jaar, dat vond ik heel gewoon. Als je ernaar streeft de beste te zijn, heb je geen vrienden of kennissen. Nu ben ik veel menselijker en weet ik dat ik idioot bezig was. Het heeft vrienden gekost, mijn eerste huwelijk. Mijn twee zonen zijn goed opgevoed door hun moeder, ik nam ze mee naar het honkbalveld. Gelukkig heb ik toch een goede band met ze", zegt Beidschat, die naast zijn honkballoopbaan werkzaam was als vertegenwoordiger in dierenartikelen.

Tegenwoordig houdt hij zich in. Op het trainingsveld van Hickory poogt hij vooral plezier te kweken. Even praten met de pitcher over de grip bij een curveball, even bomen met de slagman over een stootslag, dat soort dingen. Beidschat: "Ik assisteer, observeer, heb een dienende taak. Ik leid geen training, dan ben ik een gevaar voor de spelers, met mijn bloeddoorlopen ogen. Het is de kunst mensen spelplezier te geven. Het is nu dinsdag: donderdag mag ik weer op het veld staan. En daar verheug ik me nu al op. Ach, het is hier elke dag vakantie, ik voel me hier helemaal thuis."

© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.

 
Reacties
laatste eerstSorteer reacties
Leuk interview! Vanaf 1958 zag ik Herman Beidschat vaak pitchen. In de Watergraafsmeerse club VVGA was Nico Brands de eerste werper, en Herman Beidschat was nummer 2. Hij kreeg de kans bij het Haarlemse EHS te gaan pitchen en brak meteen door als opvolger van Joop Schuitemaker. Als jeugdige toeschouwer probeerde ik een patroon te ontdekken in Beidschat's worpen per slagman: eerst een keiharde rechte worp om op voorsprong inzake slag/wijd te komen. Daarna een dropcurve die hoog aanzeilde en dan omlaag in de slagzone dook (2-slag!). Daarna een outcurve die aanvankelijk naar het lichaam van de slagman koerste doch vlak voor de plaat indraaide (3-slag uit!).
In het interview mis ik zijn sportleraarcarriere, waarvoor hij in z'n jonge jaren de opleiding op het CIOS volgde.
W.H.C. Carton - 14-01-2011 | 21:43

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Reacties van bezoekers op artikelen op deze site zijn meer dan welkom.

Echter: reacties die kwetsend, onnodig grof of beledigend zijn worden niet

geplaatst.

Klik voor de uitgebreide versie van de spelregels