Dinsdag, 21 augustus 2007 - TIEL - Net één jaar bestaan en dan al 25 leden hebben. Een feit voor Alois Tetelepta. De Tielenaar runt sinds medio 2006 aikidodojo Manen Cho Ho. De mystieke Japanse krijgskunst is in trek bij nuchtere Nederlanders.
Aikido, dat is een woord van drie lettergrepen. Ai is Japans voor ‘harmonie’; ki, dat staat voor ‘levensenergie’, en do tenslotte wil zoveel zeggen als ‘de weg’. ‘In harmonie met levensenergie de weg vinden’ is aikido dus. Er zijn wereldburgers die meer woorden nodig hebben om zich duidelijk te maken.
Japanners zijn zwijgzaam. Weinig woorden, veel daden. Geheimzinnig en derhalve gesloten? Niet altijd, want Alois Tetelepta opende een jaar geleden een sportieve deur van het Land van de Rijzende Zon, de oriëntaalse cultuurdrager bij uitstek.
„Aikido wordt steeds populairder in Nederland”, legt derdegeneratieleraar Tetelepta uit. „In Tiel ben ik gestart aan de Latensteinse Rondweg. Ik heb nu 25 aikidoka’s.”
Een verklaring voor de hit heeft hij wel. „Mensen willen niet alleen lichamelijk bezig zijn, maar ook geestelijk. Meer bewegen is één ding, maar aikido leert je je bewuster van jezelf te worden. Daarom noemen wij het geen sport, maar krijgskunst.”
Tetelepta kwam twaalf jaar geleden in aanraking met de kunstvorm die zijn toekomst zou bepalen. „Ik was in de bibliotheek en liep tegen een aikidoboek aan. Toeval, want al had ik ervan gehoord, ik was er niet doelgericht naar op zoek.”
Het virus raakte de 32-jarige docent niet meer kwijt. „Aikido is aanval en defensie tegelijkertijd. Vooral van verdedigen wordt uitgegaan. Een agressor is niet in balans. Het is de kunst van zijn energie gebruik te maken. Zo kan een klein persoon een reus vellen.”
‘Tijd’ is een door de mens bedacht fenomeen om verleden, heden en toekomst een gezicht te geven. Aikodoka's leven even anders. „Wij zitten in het nu”, zegt Tetelepta, „en niet in het toen of het straks. Het leven is als een boom: die doet ook niet zijn best om groot te worden; hij ís er gewoon.”
Aikido is een uit de samoeraileer voortgekomen kunstvorm. De verticale bewegingen die de krijgsedelen met hun zwaarden maakten, hanteren aikidoka’s eveneens. „Met het lichaam in balans. Ons middelpunt zit 2 centimeter onder de navel. Daar halen we onze kracht vandaan. Zo ademen we vanuit de buik.”
Nederlanders zijn vooral bezig met ‘straks’. „‘Over een uur zus en zo’, hoor je dan. Hoe ver je kunt reiken, is niet het doel van een aikidoka. Aikido trekt je juist in balans. Het maakt sommige mensen assertiever en weer andere personen vrolijker. Wij westerlingen verzamelen veel informatie per dag; aikido is vooral ‘loslaten’. Presteren, het maatschappelijk scoren, is niet van belang. In aikidotermen vertaald: niet winnen of verliezen doet ertoe maar lerend genieten in het nu. Zo win je elke dag de lotto zonder dat er miljoenen euro’s tegenover staan.”
‘Mijn dojo’ zal niemand Tetelepta ooit horen zeggen. „Omdat het onze dojo is. ‘Onze’, ja – van de leerlingen en mij. Hoewel iedereen voor zichzelf oefent, doen we het samen. Een theeceremonie hoort daarbij. De dojo is dus van ons allemaal; het is een plek waar je elke dag terecht kunt.”
Het heilzame effect dat van het nieuwe Japanse fenomeen uitgaat, acht Tetelepta bewezen.
„Zo heb ik zeer moeilijk opvoedbare kinderen getraind. Verschillende ouders vertelden me dat hun zoon of dochter rustiger is geworden. Ook ondernemers profiteren van aikido. Je leert ontspannen, een weg te creëren zonder forceren. Een aikidoka gaat vooral uit van zichzelf, en dat is niet egoïstisch bedoeld. Als ik me bijvoorbeeld blesseer, zoek ik het altijd bij mezelf.”
Meer informatie is in te winnen bij Alois Tetelepta, tel. 06-55828121.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.























