Dat is het gevolg van een recent oordeel van advocaat-generaal J. Wuisman
van de Hoge Raad in Den Haag. Deze stelt met zijn visie de provincie
Gelderland in het ongelijk in een conflict met de andere partijen, dat al
vanaf juli 2001 loopt. De advocaat-generaal volgt in hoofdlijnen de
uitspraak die het Arnhems gerechtshof medio 2008 deed. De schuldeisers
houden vast aan door de provincie betwiste toezeggingen van enkele
gedeputeerden, die in 2001 zouden zijn gedaan aan het in financiële nood
verkerende Vitesse. De voetbalclub zou een huurverlaging voor het gebruik
van stadion GelreDome in het vooruitzicht zijn gesteld.
Vitesse
dreigde voor het voetbalseizoen 2001-2002 geen licentie te krijgen vanwege
zijn financiële positie. De huurverlaging maakte deel uit van een
reddingsplan van vermogende partijen, waaronder de Vrienden van Vitesse. Het
plan omvatte onder meer een miljoeneninjectie voor de club en een afkoopsom
van energieconcern Nuon, toenmalig hoofdsponsor en mede-eigenaar van Vitesse.
De provincie Gelderland was indertijd mede-eigenaar van GelreDome. Door de
toezegging over de huurverlaging niet na te komen, heeft de provincie
volgens het Arnhems gerechtshof onrechtmatig gehandeld. De Hoge Raad komt
21 mei met een definitieve en bindende uitspraak over de kwestie.
In de praktijk wijkt deze volgens een woordvoerster vaker niet dan wel af
van de conclusie van de advocaat-generaal. Als dat ook dit keer het geval
is, moet de provincie betalen. Alleen de hoogte van de schadeclaim kan dan
worden betwist.
De Vrienden van Vitesse zijn 'zeer tevreden' over
het standpunt van de advocaat-generaal. Voormalig RRVitesse-bestuurslid en
geldschieter Jan Snellenburg kondigt aan dat de Vrienden nog deze week de
schadeclaim bij de provincie neerleggen. Wel zijn ze bereid een schikking
met de provincie te treffen. Die voelt daar nu nog niets voor. Het college
van Gedeputeerde Staten van Gelderland wil eerst het eindoordeel van de Hoge
Raad vernemen.
Als de Vrienden van Vitesse een schadevergoeding
krijgen, kan deze zaak verstrekkende gevolgen hebben voor bestuurlijk
Nederland. Bestuurders vrezen dan nimmer meer informeel en vrijblijvend te
kunnen overleggen met partijen die leningen of subsidies willen van
bestuursorganen als gemeenten, provincies of het rijk.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties






















