CAPELLE - Sociaal verarmd en fysiek gebroken, maar een enorme ervaring
rijker kwam volleybalinternational Kay van Dijk dit voorjaar terug uit
Zuid-Korea. Eén seizoen hield hij het vol bij LIG Greaters, daarna liet de
24-jarige boomlange diagonaalspeler uit Oosterbeek zijn contract ontbinden.
Dit weekeinde begint hij met Oranje aan de World League, op zoek naar
vooruitgang en een nieuwe club.
Een meppende coach, looptraining tot zijn knieën het bijna begaven, slechts
acht dagen vrij in het hele seizoen en ook nog eens niemand om mee te
praten. Van Dijk kwam in Seoul in een compleet andere wereld terecht. Het
niet kunnen communiceren was nog het ergste voor de extraverte Van Dijk,
wiens mond normaal gesproken niet stilstaat. Geen van zijn medespelers, met
wie hij toch van 's ochtends zeven tot 's avonds elf zat opgescheept, sprak
Engels, hij sprak geen Koreaans.
Op de training werd praten sowieso
niet gewaardeerd. De hoofdcoach, die Van Dijk de dictator noemt, duldde geen
tegenspraak. "Het leek wel een militair gebeuren. Als hij praatte,
stond iedereen in de houding. Spelers die domme fouten maakten, mepte hij in
het gezicht. Vol met de vuist."
De eerste keer schrok de
roodharige reus zich rot. "Ik heb meteen mijn manager gebeld. Als dat
bij mij zou gebeuren, zou ik vol terugmeppen. Hij moest dan maar zorgen dat
ik naar Nederland terug kon. Gelukkig is het nooit gebeurd."
Alleen door zijn verstand op nul te zetten kon de Nederlander de periode
doorstaan. "En slapen. Heel veel slapen zodat de tijd lekker snel
voorbij ging."
Zijn grootste angst in Zuid-Korea was
geblesseerd raken. "Het woord herstellen kennen ze daar namelijk niet"
, zegt hij smalend over de Spartaanse trainingsmethoden. "Elke dag weer
voluit trainen. Absurde looptrainingen, die niets met volleybal te maken
hebben. In het hele seizoen ben ik maar acht dagen vrij geweest. Ik had veel
last van mijn knieën en heb enorm veel pijnstillers geslikt, maar gelukkig
is het in Nederland allemaal weer goed gekomen."
Spijt van
zijn Aziatische avontuur heeft Van Dijk niet. Na drie jaar bij het Belgische
Maaseik en een stukgelopen relatie wilde hij even iets heel anders. En dat
was precies wat hij kreeg.
"Het was in ieder geval een unieke
ervaring, al lijkt het achteraf nogal onwerkelijk", zegt Van Dijk.
Bovendien heeft hij er een aardige boterham aan overgehouden en heeft hij zich
in Zuid-Korea versneld kunnen ontwikkelen als diagonaalspeler. "Alle
aanvalsballen gingen naar mij, mijn record daar was 78 ballen in één
wedstrijd. Dat is heel veel shit om op te lossen. Dat krijg je in Europa dus
nooit, hè."
Het heeft hem vertrouwen gegeven. Dat was
twee weken geleden ook te zien tijdens zijn uitstekende invalbeurt tegen
Turkije op het WK-kwalificatietoernooi. Uitbundig vierde Van Dijk zijn
punten. "Dat is normaal in Korea. Mijn medespelers liepen na elk punt
twee rondjes om het veld of stonden op de boarding te dansen."
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.























