De Middeleeuwse kelder in de Burchtstraat die wordt toegeschreven aan het woonhuis van de Gebroeders Van Limburg. Eigenaar Gerard Scholts wijst de nis aan die de dichtgemetselde toegang tot de Burchtstraat markeert. foto Gerard Verschooten
NIJMEGEN - De Middeleeuwse kelders in de Nijmeegse Burchtstraat moeten voor
publiek toegankelijk worden, zegt Henk Beerten van de Stichting Gebroeders
Van Limburg. De 600 jaar oude kelders zijn onlangs ontdekt op de plek waar
de Gebroeders Van Limburg woonden.
De vondst van de Middeleeuwse kelders onder het pand van de
croissanterie in de Burchtstraat is gedaan door Peter van der Heijden van de
Stichting Gebroeders Van Limburg.
Samen met bouwhistoricus Frank Haans van het Monumenten Adviesbureau (MAB)
zijn de kelders aangetroffen onder het pand waar in de Middeleeuwen de
familie Maelwael woonde.
De stichting heeft inmiddels met de
gemeente overleg gevoerd om de kelders weer 'zichtbaar' te maken in het
Nijmeegse straatbeeld.
"Hiervoor willen we een projectgroep
oprichten waarin de Stichting, het MAB en de gemeente zitting hebben",
zegt Henk Beerten, secretaris van de Gebroeders Van Limburg. "De
gemeente was enthousiast en erkend het belang van de vondst, maar heeft nog
geen toezegging gedaan. Het probleem met de kelders is dat ze voor het
merendeel in particuliere handen zijn. Wil je daar iets mee doen, dan moet
je er ook een commerciële invulling aan geven."
De
kelders staan op een perceel waarvan bekend is dat de Gebroeders Van Limburg
er gewoond hebben. Mette Maelwael was de moeder van Herman, Johan en Paul
van Limburg die eind 14e en begin 15e eeuw aan het Franse hof werkten. Zij
waren kunstenaars, miniaturisten die verantwoordelijk zijn voor de
wereldberoemde getijdenboeken Les Très Riches Heures en Les Belles Heures.
De familie Maelwael bestond uit schilders, beeldsnijders en edelsmeden. Het
was bekend dat de familie Maelwael panden bezat op de hoek Burchtstraat met
de Stockumstraat.
"De toegang tot de kelder is alleen mogelijk
via een luik in de vloer van de croissanterie die hier nu gevestigd is"
, vertelt Peter van der Heijden. De historicus en documentairemaker mocht
van de eigenaar een kijkje nemen.
In de kelder, die vol staat met
koelkasten, trof hij daar achter een ruim tongewelf aan. "Dat wees op
een middeleeuwse oorsprong. Met behulp van bouwhistoricus Frank Haans is dat
bevestigd."
Frank Haans wijst erop dat in die periode veel
kelders op die manier werden aangelegd. "Ze hadden meestal een ingang
aan de straatzijde en soms werden ze ook verhuurd als winkel- of tijdelijke
opslagruimte als er grote week- of jaarmarkten in de stad waren." "
De 14e eeuwse kelders werden zorgvuldig gebouwd en waren zware
constructies. Om meer over de kelders te weten te komen, moet er
archeologisch onderzoek gedaan worden", zegt Frank Haans. "Dat
betekent uitruimen en uitgraven. En daar hangt een prijskaartje aan omdat
het particulier eigendom is."
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.


Sorteer reacties











