Henk Oosterink in Museum Freriks in Winterswijk bij een vitrine met loopsporen van sauriėrs foto Theo Kock
Geologen vinden in de Winterswijkse steengroeve al tientallen jaren fossielen van sauriėrs. De vondsten wekken steeds meer de interesse van wetenschappers. Komende maandag is er een internationaal symposium van paleobiologen.
Zo'n 240 miljoen jaar geleden lag Winterswijk, net als de rest van West Europa, in een ondiepe zee, die geregeld droog viel.
De wereld zag er totaal anders uit dan tegenwoordig. De huidige continenten
moesten nog gevormd worden. Winterswijk lag op een plek boven de evenaar,
tussen waar nu Zuid Amerika en Afrika liggen.
De sauriėrs die toen
leefden waren zeedieren, al konden sommige soorten zich ook goed aan land
handhaven. De resten van deze dieren zijn in de miljoenen jaren versteend in
een vele tientallen meters dikke laag Muschelkalk. Behalve veel fossielen
liggen er ook mineralen, waarvan pyriet de bekendste is.
Die laag
Muschelkalk zou voor de eeuwigheid diep in de aardlaag verborgen zijn
gebleven, ware het niet dat door bewegingen in de aardkorst die laag in
Winterswijk aan de oppervlakte is gekomen. Het is de enige plek in Nederland
waar zulke oude lagen aan de oppervlakte komen. De andere oude lagen komen
in Zuid Limburg voor, maar die zijn 'slechts' 100 miljoen jaar oud.
Veel Winterswijkse fossielen komen uit de steengroeve. Daar is in 1932
gestart met de winning van kalksteen. Dat wordt gebruikt voor de wegenbouw
en de landbouw.
Henk Oosterink uit Winterswijk houdt zich al dertig
jaar bezig met de fossielen uit de Muschelkalkafzetting. Hij is een van de
sprekers op het Engelstalige symposium van maandag. Hij zal vertellen wat er
zoal is in Winterswijk is gevonden op het gebied van ongewervelde dieren.
"Veel vondsten betreffen botjes van sauriėrskeletten. Ze zijn in de
Muschelkalk versteend. Van de dieren zelf is niets meer over. We vinden dan
ook geen dna-sporen meer. Dat kan alleen in films als Jurassic Park",
lacht hij.
Behalve versteende skeletdelen, worden in de
Winterswijkse groeve ook veel loop- en sleepsporen van sauriėrs gevonden.
Het is verbazingwekkend hoe gaaf die sporen vaak bewaard zijn gebleven. Soms
is zelfs duidelijk te zien dat de sauriėr uitgleed op de gladde bodem. Ook
zijn er botten die gebroken zijn omdat ze gebeten zijn door andere dieren.
"Tot tien jaar geleden meenden wetenschappers dat er in de Winterswijkse
steengroeve niet veel te vinden zou zijn. Maar inmiddels is er
belangstelling van diverse universiteiten. De steengroeve blijkt zo'n
bijzondere vindplaats, dat het gebied sinds kort 'Vossenveld Formatie' mag
heten. Die maakt deel uit van het Germaanse bekken uit de Trias-periode die
tot in Polen loopt", legt hij uit.
De fossielen die in
Winterswijk worden gevonden komen ook in China voor. Naar verwachting zal
het aantal opgravingen daar toenemen.
"Het is goed om elkaar
te informeren over de vondsten."
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.















