Velp voor Oranje is in de 22 jaar van zijn voorzitterschap uitgegroeid tot een ware volksbeweging. Koninginnedag in Velp is een groot feest en op Oranje-hoogtijdagen zijn er altijd in het oog springende acties. "Toen ik kwam, bestond het bestuur uit vier man", blikt hij terug. "Er gebeurde veel minder dan nu, maar wij hadden er de handen vol aan."
Driessen wil niet geloven dat hij de enige verantwoordelijke is voor de opmerkelijke groei van de oranjebeweging in Velp. Duidelijk was wel dat de stichting na een voorzitterloze periode een impuls nodig had. "Ik kreeg de zaak in beweging."
De Velpenaar hoeft zich in het dorp eigenlijk aan niemand voor te stellen. Oud-burgemeester Koek noemde hem ooit 'de burgemeester van Velp'. Hij stapt overal op af en is vriendelijk en taktisch. Ook tegen hooggeplaatsten.
Zo ontmoette hij ooit Prins Bernhard op een schietbaan bij Harderwijk. "'Hoogheid', zei ik. Maar de prins zei: 'Ik ben gewoon Bernhard'. En zo is het. Je kijkt hoog op tegen het Koninklijk Huis, maar het zijn gewone mensen."
Beatrix naar Velp halen, is er nooit van gekomen. "Oud-wethouder Hans Albers zei ooit: 'Hans, we moeten zien dat we de koningin hierheen halen'. Maar hij werd burgemeester. Ik zou het trouwens wel leuk vinden, verdikkie nou."
Toch draait Velp voor Oranje niet in eerste instantie op het koningshuis, erkent hij. "Koninginnedag in Velp is vooral een volksfeest. Oranje is de aanleiding voor zestien clubs en verenigingen om er een festijn van te maken."
Hij treedt nu officieel terug, maar blijft het uithangbord van de oranjestichting. De ceremoniële momenten blijven voor hem, zoals de kranslegging op 4 mei en het eerste schot bij het vogelschieten op Koninginnedag. "Als je er geen lol meer in hebt, moet je stoppen. Maar zolang ik kan, blijf ik hierbij betrokken."
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.
















