ARNHEM - Arnhemse ouders zijn bereid om wat meer naar draagkracht te betalen om hun kind bij de peuterspeelzalen onder te brengen. De gemeente moet dan garanderen dat ze open kunnen blijven. Dat stelt Mirjam Koedoot namens de grote groep ouders die begin dit jaar op het stadhuis protesteerde tegen het voorstel van wethouder Margriet Bleijenberg om 250.000 euro per jaar te korten op de peuterspeelzalen.
De wethouder maakte deze week bekend dat ze wil volstaan met 180.000 euro
bezuinigen. In ruil daarvoor moet de inkomensafhankelijke bijdrage van
ouders stapgewijs omhoog. "We zijn blij dat er rekening met ons wordt
gehouden" stelt Koedoot. "Iets meer betalen is een hele goede
oplossing."
Bleijenberg wilde aanvankelijk alleen nog peuterspeelzalen steunen waar veel
kinderen zitten die voorschoolse educatie nodig hebben om taalachterstand
tegen te gaan. Die staan hoofdzakelijk in de armere 'krachtwijken'. "Er
ontstond een beeld dat kinderen elders het niet nodig hadden", aldus
Koedoot. Ouders van acht bedreigde
peuterspeelzalen drukten de gemeenteraad op het hart dat deze
voorziening fundamenteel verschilt van kinderopvang. "De
peuterspeelzaal betekent heel voor de ontwikkeling van alle kinderen, waar
ze ook vandaan komen."
Directeur Ton Biesta van de Stichting
Peuterspeelzalen Arnhem SPA stelt dat de vorige regering extra geld
uittrok voor voorschoolse educatie. "Arnhem kortte toen op de
ouderbijdrage om de zalen nog toegankelijker te maken. Nu draaien ze het
weer terug."
Een hogere ouderbijdrage is niet genoeg, stelt Bleijenberg. Ze wil ook geld
binnen halen door op huisvesting te bezuinigen. Biesta legt uit dat de SPA
voor de peuterspeelzalen ruimte huurt bij de gemeente. Daar zit nieuwe, dure
huisvesting bij. "Voor die huur krijgen we dan weer subsidie."
Goedkopere ruimte huren leidt weer tot lagere inkomsten voor de gemeente.
Biesta: "Zo bijt de overheid zichzelf in de eigen staart."
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties














