Van Ooijen voerde op de zitting aan dat twee tuincentra gaat leiden tot duurzame ontwrichting van de markt door overaanbod. De rechter gaat daar niet in mee en zegt dat van ontwrichting zelfs geen sprake is als een van de twee moet sluiten. Het is pas aan de orde, zegt de rechter, als Elstenaren niet op aanvaardbare afstand een tuincentrum kunnen bezoeken.
Voor onderzoek naar andere bezwaren die te maken hebben met luchtkwaliteit, bodemgesteldheid en branchevervaging vindt de rechter het nu niet het juiste tijdstip. Die moeten later in de bodemprocedure aan de orde komen.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties












