De oostkant van de nevengeul die de uiterwaarden van de Wageningse Bovenpolder doorsnijdt.
Steenfabriek De Bovenste Polder in de Wageningse uiterwaarden. foto's Arnold Winkel/De Gelderlander
Na een pittige klim eindigt het pad op de flanken van de Wageningse Berg bij het voormalige pand van Landmeetkunde.
Deze regio biedt vele mogelijkheden voor boeiende fiets- en wandeltochten. De Gelderlander neemt u mee op pad. Vandaag: Van vogels en fraaie gebouwen.
Zie ook:
Houdt u van wandelen? Ziet u niet op tegen een paar klimmetjes? Laat u zich niet tegenhouden door brandnetels, distels of zelfs een kudde koeien? Bent u liefhebber van natuur of meer van architectuur? Valt u voor fraaie vergezichten of ziet u meer heil in een nauw en donker pad? In al deze gevallen is de wandeling over de flanken van de Wageningse Berg en de uiterwaarden een aanrader.
In ongeveer twee uur is de wandeling goed te doen.
Maar het spotten van een bijzondere vogel, een zeldzame plant of een
architectonisch pareltje kan zomaar een kwartier of meer schelen.
Het eerste deel van de wandeling, dat voert door arboretum Belmonte is vooral
aantrekkelijk voor liefhebbers van planten en bomen. Maar zelfs de grootste
leek op het terrein van de biologie kan op gezette tijden ongebreideld
genieten van de fraaie kleurenpracht van bloeiende struiken, planten en
bomen. En voor iedereen is het eigenlijk verplicht om even rustig te zitten
op een van de bankjes aan de rand van het arboretum. Het uitzicht over de
Rijn en de Betuwe is onvergetelijk en elke keer anders.
Via de Holleweg, die al in de Romeinse tijd bekend was, gaat de route richting
uiterwaarden. Twee ooievaars zoeken in een pas gemaaid weiland naar voedsel.
Gierzwaluwen halen hoog in de lucht acrobatische stunts uit, maar scheren
soms ook net over het water van de nevengeul om daar insecten op te pikken.
In de ondiepe stukken van het water lopen steltvogels als grutto en tureluur.
Kieviten en scholeksters zoeken eten. Meerkoeten, kuifeenden, wilde eenden
en futen zwemmen op het zacht kabbelende wateroppervlak. Wie geluk heeft,
ziet langs de waterkant zeldzamer vogels als waterral en porseleinhoen.
Op een hoog stuk land in de uiterwaarden, niet ver van de Rijn, prijkt de
toren van de voormalige steenfabriek De Bovenste Polder. Rond de
eeuwwisseling is de fabriek gerestaureerd. Nu is er woonruimte en werken er
kunstenaars.
Na het verlaten van de uiterwaarden lonkt op de Wageningse Berg het
straalwitte pand van Landmeetkunde. Vroeger was het van de universiteit. Nu
zitten er een woonhuis en bedrijven in.
Links van Landmeetkunde is het Schip van Blaauw te zien. Ook een
architectonisch hoogstandje uit het begin van de vorige eeuw.
Op weg naar het einde van de wandeling gaat het smalle paadjes op de bergrand.
Op sommige plekken buigen de bomen langs het pad zover door, dat het een
tunnel lijkt. Hier waant de wandelaar zich soms in de Ardennen of de Eifel.
Maar het blijft gewoon de Wageningse Berg.

© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.




















