Dit onderstreept nog eens de kloof tussen de plaatselijke volksvertegenwoordigers en burgers. Hoe komt dit eigenlijk? Is er iets tegen te doen? En moet je er wel iets tegen willen ondernemen? In de loop der jaren is immers al van alles geprobeerd. Zo trok de gemeenteraad de wijk in, werden Wageningers uitgenodigd om als vip (very important person) een raadsvergadering bij te wonen, waren er lagerhuisdebatten in het stadhuis en kennen we inloopavonden, wijkgericht werken en wijkschouwen. Tenslotte bemensen politici met enige regelmaat een kraampje op de zaterdagmarkt.
Een aantal initiatieven was een kort leven beschoren, zoals de lagerhuisdebatten. Andere zijn min of meer geïnstitutionaliseerd, zoals de wijkbezoeken (tegenwoordig met deelname van burgemeester en wethouders) en de vip-bezoeken aan de gemeenteraad.
Ondanks alle goede bedoelingen bestaat de kloof nog steeds en lijkt groter dan ooit. Laten politici kansen liggen of interesseert het burgers simpelweg onvoldoende? Als altijd ligt het antwoord ongetwijfeld in het midden. Als een onderwerp Wageningers echt raakt, laten juist zij van zich horen. Dan zit de publieke tribune bij de betreffende commissie- of raadsvergadering vol. Voorbeelden te over. Neem de bouwplannen voor universiteitsterrein De Dreijen, alles rondom het stadion op de Berg of de plaatsing van de 'Paal van Bernhard'. Opvallend vaak betreft het zaken die behoren tot de categorie not in my backyard (oftewel nimby). Burgers zijn in die gevallen doorgaans vasthoudend en weten de weg. De Raad van State behandelt relatief vaak Wageningse zaken.
Maar voor het overige lijken Wageningers niet echt geïnteresseerd in de plaatselijke politiek dan wel de politici. Desondanks mag van politici best een inspanning worden verwacht om zich te laten informeren over wat speelt onder de burgers die zij vertegenwoordigen. En niet alleen voorafgaand aan gemeenteraadsverkiezingen, maar ook daarna. Daaraan wil het nogal eens mankeren. Zodra politici in spe hun mandaat voor vier jaar binnen hebben, beperken zij zich tot het onder elkaar besluiten nemen en laten zij zich spaarzaam gezien buiten stadhuis en (eigen) partijbijeenkomsten.
Dit is in elk geval een veel gehoorde klacht in het Wageningse. Ongetwijfeld horen we tot aan de verkiezingen weer veel mooie woorden. Die na 3 maart ook omzetten in daden zou zeker in dit digitale tijdperk mogelijk moeten zijn.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.















