Het Comité Anti Stierenvechten (CAS) is namelijk boos op Cuijk omdat die het ontwerp van de Nijmeegse kunstenaar Camille Meeussen heeft gekozen. Stierenvechten is een gruwelijk gebruik, aldus het CAS, dat zegt zeer geschokt te zijn.
Al toen in de zomer bekend werd dat het beeld een van de drie genomineerde kunstwerken was, heeft CAS zich in een brief tot de gemeente gewend. Deze week opnieuw, nadat bekend werd dat het beeld de wedstrijd heeft gewonnen en zal worden geplaatst.
Toread'or, zo noemde Meeussen in eerste instantie zijn ontwerp. Het eerste deel verwijst naar het stierenvechten, zo zei hij tijdens zijn presentatie, en het tweede deel, or wat goud betekent, naar de kleur van het beeld. Hij vond het een aardig antwoord op het beeld van de Cuijkse stier dat bij de Maas staat.
"Jammer dat hij die verbinding met de stier tijdens de presentatie heeft gelegd", zegt nu Henk Teusink, voorzitter van de Cuijkse kunstcommissie. "Dat heeft een verbinding met het stierenvechten gelegd die hij tijdens het ontwerpen helemaal niet voor ogen had. Meeussen heeft zijn beeld helemaal niet op de stier geënt. Pas later, toen hij zijn ontwerp af had, ontdekte hij dat elders in Cuijk die stier staat."
Volgens Teusink stelt het beeld ook helemaal geen stierenvechter voor. "Eigenlijk zijn het twee naar elkaar geplaatste personen met een gouden jas aan. Het zijn twee achterkanten van een man, er is geen voorkant."
Meeussen heeft zelf de nieuwe titel bedacht. "Maar", zegt Teusink, "daar is wel een gesprek met de kunstcommissie aan vooraf gegaan."
Binnenkort krijgt het CAS een brief van de kunstcommissie waarin wordt uitgelegd dat er van verheerlijking van het stierenvechten geen sprake is.
De voorzitter van de kunstcommissie vindt de nieuwe titel veel beter bij het ontwerp passen. Ommezwaai verwijst volgens hem naar het draaien dat het verkeer op een rotonde doet én naar de losse panden van de jas die zwierig ronddraaien.
Een passender naam kan een ommezwaai van kunstenaar, kunstcommissie en gemeentebestuur eigenlijk ook niet krijgen.
© Gelderlander 2012, op dit artikel rust copyright.


Sorteer reacties












