Volledig scherm
© Stripalbum Noaber Gait

Stripboek voor het behoud van streektaal: 'Attamot tamottat'

VORDEN - ‘Attamot tamottat’ en ‘joajoa’. Over deze en andere typisch Oost-Nederlandse woorden, humor en gebruiken is een stripalbum verschenen met de titel: Ofneethan Naober Gait.

Het bijna 50 pagina’s tellende album van illustratoren Derk-Jan Rouwenhorst en John Post gaat over het streekeigene, dat zich niet tot één provincie langs de oostgrens beperkt.

Over vrijetijdsbezigheden als klaotscheet’n, waarbij niet op een foezeltje meer of minder wordt gekeken. Over rokjesdag. Een landelijk fenomeen natuurlijk, maar ook bezongen in het nummer Laot die rokjes now maor waaien van de band Normaal. Strips zijn er ook over ‘leu die neet van hier bunt’. Oftewel de leu uut ’t westen.

Strips en anekdotes

De strips en anekdotes met overigens een Achterhoekse schrijfwijze van de streektaal verschenen eerder in het magazine Naober. Nu zijn ze voor het eerst dus gebundeld. ,,Omdat bepaalde uitdrukkingen niet uit zwang mogen raken’’, antwoordt Rouwenhorst op de vraag naar het waarom. 

Hij houdt van de dialectwoorden. ,,Joajoa bijvoorbeeld - in de Achterhoek zeggen we jaojao. Maar ook zoiets als attamot tamottat (als het moet, dan moet het), verrabbezakt (iets finaal kapot maken) en ‘hoeterdekoet naor huus hen' (met gezwinde spoed naar huis toe). Daar willen we toch niet vanaf’’, zegt Rouwenhorst.

Het plattelandsleven

Volledig scherm
© Stripalbum Noaber Gait

De inwoner van Vorden is geboren in Doetinchem. Hij woonde nooit buiten Oost-Nederland. ,,Ik deed de reclame- en tekenopleiding en de lerarenopleiding in Zwolle. Maar reed altijd heen en weer.’’ Waarom? ,,Ik hou van hier, het plattelandsleven, dat rustige. Met drie pony’s en een hond wonen we net buiten het dorp.’’ De inspiratie is niet ver. De boer die met de armen op ‘de rugge tussen de koeien in de weie kuiern’. ‘Mooders–de-vrouwe met de katte op schoot de jeppels jassen’.

Rouwenhorst zegt dat de humor langs de grens  onlosmakelijk verbonden is met de streektaal, omdat het juist in de spraak zit verpakt. Streekbewoners zaaien hiermee graag verwarring bij westerlingen. 'Zo ook fijn an ’t spazieren', vraagt noaber Driekus in de strip, lachend als de leu uut ’t westen het niet begrijpen.

Humor in het DNA 

Humor zit in het dna van de Oost-Nederlander, vindt Rouwenhorst. Heeft die streekbewoner dan helemaal geen negatieve trekjes? Na enig nadenken:,,Jazeker. Neem nu die rare gewoonte dat bruidsparen op het feest op stoelen worden gezet en dan bijna tegen het plafond gebonjourd. Of dat feestlied Adam sloeg Eva met de sukerbiete veur de kont.’’ Rouwenhorst heeft het nooit begrepen. ,,Dat lied heeft geen traditie. Het slaat wat mij betreft nergens op.’’

Volledig scherm
Illustratoren John Post en Derk-Jan Rouwenhorst. © Foto's Derk-Jan Rouwenhorst
  1. Stadse Fratsen: Buurjongen
    Column

    Stadse Fratsen: Buurjongen

    ,,Wordt-ie net zo goed als Ard en Keessie en gaat-ie later ook naar de Olympische Spelen?'' ,,Dat hopen we natuurlijk wel.'' De vraag wordt gesteld door een tante van mij, zittend aan onze tafel in de woonkamer. Het antwoord komt van de buurvrouw die iets verderop woont aan de weg tussen Baak en Steenderen en deze zondagmiddag ook op bezoek is. De buurvrouw staat in het gat van de deur en is op weg naar huis, maar blijft hangen nu er vragen worden gesteld over haar zoon. Ik - zo jong dat ik nog geen Olympische Spelen bewust heb meegemaakt - zit ook aan tafel en kijk van de tante naar mijn buurvrouw. Met open mond, want Ard en Keessie ken ik van de tv. De buurvrouw vertelt dat Cock, haar zoon, deze vrije zondagmiddag traint in Apeldoorn. Niet op een ijsbaan maar in een flatgebouw. Hij rent de trappen op en wandelt daarna weer kalmpjes naar beneden. Om maar net zulke schaatsspieren te krijgen als Ard en Keessie. Tien jaar later - in 1979, zo ontdekte ik deze week toen ik wat woorden combineerde op google - stap ik samen met een vriend op een zaterdagmorgen in de bus die vertrekt van een plek vlakbij het huis van Cock. De bus is gehuurd door de buurt. De chauffeur brengt ons van Steenderen naar Heerenveen waar het NK Schaatsen voor allrounders wordt gehouden. Cock rijdt rond op de onoverdekte baan van Thialf. We staan laag in een bocht en klappen hard in onze handen als hij voorbij komt. Hij eindigt na twee dagen schaatsen als zestiende. Zo goed als Ard en Keessie is onze buurjongen nooit geworden. Hij heeft de Olympische Spelen ook nimmer gehaald. Maar hij is, denk ik, wel de enige die ik ooit heb gekend die ervan heeft mogen dromen.

In samenwerking met indebuurt Doetinchem

Achterhoek