Volledig scherm
Een in scène gezette straatroof. © Frank Jansen

Tiener laat zich verleiden tot straatroof in Oost-Nederland: ‘Wat goed is en fout’ is voor daders vaag

ARNHEM - Politie en justitie maken zich zorgen over gemak waarmee jongeren in de criminaliteit stappen. Zo wordt het aandeel jonge straatrovers in Oost-Nederland steeds groter.

Het aantal straatroven steeg vorig jaar in Oost-Nederland bovendien met 22 procent, van 199 in 2018 naar 243 in 2019. De daders blijken steeds vaker minderjarig, tussen de 12 en 17 jaar. 

Jongeren blijken makkelijk te verleiden tot drugshandel. Dat levert snel geld en status op. Ook laten zij zich door criminelen gebruiken als geldezel, waarbij ze hun bankrekening ter beschikking stellen voor criminele geldtransacties.

Jongeren zijn zich niet altijd bewust van de grens tussen strafbaar en niet strafbaar gedrag. Politiechef Oscar Dros, waarnemend hoofdofficier van justitie Marthyne Kunst en regioburgemeester Hubert Bruls van Oost-Nederland doen daarom een dringend appel op ouders.

Ook scholen, gemeenten en welzijnsinstanties moeten volgens de driehoek (burgemeester, politie, Openbaar Ministerie) veel meer de aandacht leggen op ‘wat goed is en wat fout’.

Bestrijden criminaliteit is ook taak van ouders en scholen

Quote

Er zijn jonge verdachten, maar er is niet echt sprake van het jonger worden van verdachten.

Henk Ferwerda, Criminoloog bij Bureau Beke

,,In de aanpak en het voorkomen van jeugdcriminaliteit is het van belang dat we scherp blijven op wie het beste een specifiek probleem kan oppakken”, zegt Bruls.

,,Daar ligt een taak, niet alleen bij politie, maar ook bij ouders, scholen, gemeenten en andere partners”, aldus de burgemeester van Nijmegen.

Politiechef Dros looft de aanpak in Twente waar honderden mbo-docenten in speciale ondermijningscursussen zijn getraind in het herkennen van jongeren die mogelijk afglijden. Signalen zijn bijvoorbeeld een leerling die ineens dure kleding draagt of ineens over meerdere telefoons beschikt.

Aantal jonge verdachten neemt af

Naar schatting komt vijf procent van alle jongeren met de politie in contact. Van deze kleine groep zal 3 tot 7 procent zich ontwikkelen tot ‘beroepscrimineel’. Deze groep is verantwoordelijk voor veertig tot zestig procent van de jeugdcriminaliteit.

,,Er zijn jonge verdachten, maar er is niet echt sprake van het jonger worden van verdachten. In algemene zin neemt het aantal jonge verdachten af. En fors ook”, zegt criminoloog Henk Ferwerda, directeur van Bureau Beke in Arnhem. Als ze wel doorgroeien is dat zeer verontrustend. 

‘Rising stars’

Uit eerder onderzoek van Bureau Beke blijkt dat criminele jeugdgroepen te beschouwen zijn als de ‘kraamkamer van de georganiseerde misdaad’. Zware criminelen rekruteren doelbewust aanstormend crimineel talent. 

Deze ‘rising stars’ behoren in het begin vaak nog tot jongeren die qua overlast en lichte criminaliteit opvallen en (nog) goed bekend zijn bij de wijkagent.

Daarna professionaliseren ze en verdwijnen ze bij de lokale politie uit beeld. Inbraken en overvallen plegen ze bewust buiten de eigen woonplaats. Politie, justitie en hulpinstellingen verliezen het zicht op deze groepen omdat veiligheidsbeleid juist vaak lokaal is georiënteerd en georganiseerd, waarschuwde Beke al eerder. 

In samenwerking met indebuurt Arnhem

Arnhem e.o.