Volledig scherm
CDA-minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid vindt meer geld niet de oplossing voor de problemen van de jeugdzorg. © ANP

Acties in jeugdzorg na verlopen ultimatum

Vakbonden in de jeugdzorg gaan acties voorbereiden omdat minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) niet ingaat op hun eisen voor meer geld. De bewindsman had tot 1 juni de tijd gekregen om met 750 miljoen euro tekorten in de jeugdzorg aan te vullen, en met 200 miljoen euro voor arbeidsvoorwaarden over de brug te komen. Er komen acties en ook is een landelijke staking gepland, op 2 september.

De Jonge liet eerder weten dat hij in 2019 eenmalig 420 miljoen euro extra uittrekt voor jeugdzorg en in 2020 en 2021 jaarlijks 300 miljoen euro. Dat vinden de vakbonden niet genoeg. Maaike van der Aar, bestuurder FNV Zorg & Welzijn: ,,Het beloofde geld is te weinig, eenmalig en het is niet geoormerkt. Bovendien zullen jeugdhulpverleners niets gaan merken van dit geld.’’

De 200 miljoen euro voor arbeidsvoorwaarden is hard nodig om voor de 30.000 jeugdzorgwerkers loonsverhoging en werkdrukverlichting mogelijk te maken. Verloop en ziekteverzuim in de sector zijn erg hoog, waardoor de wachtlijsten voor cliënten weer blijven groeien. FNV verwacht dat duizenden mensen gaan staken op 2 september.

Maar volgens De Jonge ,,is er nu genoeg geld’’. Voor de problemen waar de jeugdzorg nu nog mee kampt, is meer geld niet per se de oplossing, meent hij.

‘Kind centraal’

Overigens komen 23 maatschappelijke organisaties zaterdag met een gezamenlijk manifest waarin ze ervoor pleiten dat het kind centraal in de zorg komt te staan, maar ook voor passende hulp, minder papierwerk, meer geld en meer doelmatigheid.

De organisaties - zoals vakbonden, beroepsverenigingen en belangenclubs - stellen dat een op de tien kinderen te maken krijgt met tijdelijk of langer durende problemen. Maar het huidige jeugdzorgbeleid baart ze zorgen. Ze willen een systeem waarin het kind, het gezin en de hulpverlener de kern vormen van de zorg. ,,Het systeem eromheen moet dus ondersteunend zijn, en niet leidend.’’