Volledig scherm
PREMIUM
Özcan Akyol. © Joost Hoving

Erdogan moet zijn fouten bekennen en hulp bij anderen zoeken

columnÖzcan Akyol schrijft drie keer per week over wat hem bezighoudt.

Hoewel de uitslagen openlijk worden betwist, heeft het er alle schijn van dat de AK-partij van de Turkse president Recep Tayyip Erdogan een gevoelige nederlaag heeft geleden. De lokale verkiezingen van afgelopen weekend pakten niet in zijn voordeel uit: de burgemeestersposten van de drie grootste steden, Istanbul, Ankara en Izmir, zijn een prooi geworden voor kandidaten van de grootste oppositiepartij (CHP).

Procentueel blijft de club van de president, verspreid over het hele land, nog steeds de allergrootste, mede dankzij een alliantie met de nationalisten, maar in de praktijk wankelt zijn machtspositie én het vertrouwen van een aanzienlijk deel van de bevolking. Wat menigeen jaren geleden heeft voorspeld, lijkt nu bewaarheid te worden: op ideologisch niveau had Erdogan weinig te duchten van zijn tegenstrevers, vooral omdat hij gans de natie creditcardwelvaart gaf en met grote bouwprojecten en banenplannen harten stal.