Volledig scherm
Ernst van Drumpt, bestuurder van Elver. © Gerard Burgers

Meer plek voor cliënten die intensieve zorg nodig hebben

NIEUW-WEHL - Elver, de zorginstelling voor mensen met een ernstige verstandelijke beperking, gaat meer plek maken voor cliënten die zeer intensieve zorg en begeleiding nodig hebben.

Op het terrein in Nieuw-Wehl worden units gebouwd voor vijftien cliënten.

Uitbreiding
„Deze cliënten hebben bijna één-op-één begeleiding nodig. Daar krijgen we steeds meer vraag naar”, zegt bestuurder Ernst van Drumpt. De uitbreiding vindt komend jaar plaats. Elver is momenteel bezig de complete huisvesting onder de loep te nemen. Dat geldt niet alleen voor Nieuw-Wehl maar ook voor de locaties in Arnhem en Laag-Soeren, evenals de kleinschaligere woonvoorzieningen.

Verplaatsen
„Het gaat zowel over het moderniseren van de huisvesting als om het verplaatsen”, zegt Van Drumpt. „Een deel van onze cliënten woont liever dichter bij de samenleving, midden in de wijken. Dat kan betekenen dat we andere, oude huisvesting afstoten.”

2019
Onderzoek moet uitwijzen waar renovatie afdoende is, en waar vervangende nieuwbouw nodig is. Van Drumpt verwacht dat dergelijke huisvestingsplannen pas vanaf 2019 concreet gaan worden. „Het wordt vooral een taak voor mijn opvolgster Irma Harmelink, die in februari aantreedt”, zegt hij. Zelf neemt Van Drumpt (62) in juni afscheid van Elver.

  1. Stadse Fratsen: Radio
    Column

    Stadse Fratsen: Radio

    Ergens hoop ik dat ze het aan de bar van café Herfkens in Baak, het dorp waar ik opgroeide, wel eens over mij hebben. Dat ze bijvoorbeeld zeggen: 'Nooit gedacht dat dat bleue jongetje nog eens stukjes zou schrijven voor de krant.'' Dinsdag loop ik rond kwart voor vier in de middag café Herfkens binnen en constateer dat de kozijnen een likje verf kunnen gebruiken. Eerder die dag ben ik gebeld door iemand van Radio1 of ik in de uitzending wat wil vertellen over bevolkingskrimp in de Achterhoek. Dat zou dan wel ergens ter plekke moeten, maar waar? Baak, zei ik. Zo komt het dat ik even na vier uur midden in Baak, met op de achtergrond de kolossale kathedraal, live op de radio vertel over mijn dorp. Hier voetbalde ik, ging ik naar school en naar de kerk. Ik leg uit dat ik in een klas zat met 23 leerlingen. En dat veertig jaar later in 2011 maar vier kinderen in Baak zijn geboren: drie meisjes en één jongen. Reden voor de voetbalclub - de trots van het dorp - subiet te fuseren met Steenderen, in mijn tijd de aartsrivaal. In de gelagkamer leunt de radioploeg tegen het biljart. Aan de bar zitten vijf of zes gepensioneerde mannen, op gepaste afstand van elkaar. Eén ervan herken ik. Herman, een van de beste klaverjassers die ik ooit heb gekend en de voormalige aanvoerder van ons eerste. Hij voetbalde altijd met een bandage om zijn knie. Herman herkent mij. Ik schud hem de hand en loop dan naar de radioploeg. Uit wat de redacteur van het Hilversumse gezelschap zegt, begrijp ik dat ze al een kort onderhoud met Herman hebben gehad. Ik hoor dat ik daarbij even ter sprake ben gekomen. Een goede voetballer, had Herman gezegd.

In samenwerking met indebuurt Doetinchem

Achterhoek