Volledig scherm
PREMIUM
© Jan Ruland van den Brink

‘Soms had ik een paar urnen hier in de schuur staan’

overburenDOETINCHEM - Direct uitzicht op de overburen? Dat levert gewild of ongewild een inkijkje op in hun wereld. Elke week spreken we iemand met bijzondere buren. Deze week is dat Bennie Arendsen (56). Hij woont naast crematorium Slangenburg in Doetinchem.

‘Toen het crematorium hier net was, begin jaren 90, waren wij eigenlijk het postadres. Dan kregen we de pakketjes hier bezorgd als daar de boel dicht zat. Soms had ik hier dan een paar urnen in de schuur staan. Wel ingepakt en leeg natuurlijk. Toen zeiden ze op een gegeven moment: dat hebben we liever niet meer, laat de bezorgers maar weer terugkomen naar het crematorium. Ik was er al lang blij mee, want dan hoefde ik niks meer aan te pakken. Nee, het crematorium is een goede buur. En in de winter hebben we ook altijd geluk. We zijn dan altijd de eerste met zout strooien. De weg is hier altijd schoon.

De Gelderlander gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement. Reacties van mensen die de nickname anonymous, anoniem of een variant daarop voeren, worden niet geplaatst.
  1. Stadse Fratsen: Scoren na de Z van Zorro
    PREMIUM
    Column

    Stadse Fratsen: Scoren na de Z van Zorro

    Kom ik er net achter dat ik iemand ken - de naamgever van een broodjeszaak in de binnenstad - die is gepasseerd door Johan Cruijff. Het is de dag nadat Ajax in Doetinchem kampioen is geworden. Ik weet dat de roots van de man in Amsterdam liggen en vraag hoe hij het heeft beleefd. Het antwoord in sappig Mokums luidt dat het hem niet veel doet: ,,Ik speelde als amateur altijd tégen Ajax.” Zelf voetbalde ik ooit tegen - ‘Knakkie’ - Dick Schneider. De oud-international van Feyenoord was in zijn nadagen bij Zutphen in de onderbond beland en regeerde daar als een vorst. We speelden thuis in Baak en er was wat extra volk op afgekomen. Zo vaak zagen we bij ons in het dorp immers geen international. En zeker niet op het voetbalveld. De hele wedstrijd deed Schneider niets bijzonders, behalve dan dat hij als libero alles potdicht hield. Omdat ik ook verdediger was, kwam ik niet bij hem in de buurt. Wel vielen mij van een afstandje zijn kolossale bovenbenen op. De enige keer dat Knakkie naar voren kwam, was toen Zutphen na rust een strafschop kreeg. Vanaf elf meter schoot hij, halfhoog, onberispelijk in. Het was het enige doelpunt in de wedstrijd. De naamgever van de broodjeszaak zegt voor de keus te hebben gestaan: doelman worden achter Jan Jongbloed bij DWS (die andere Amsterdamse profclub) of bij zijn amateurclub blijven, met een bestaan als bakker in het vooruitzicht. Hij koos voor het laatste. Maar speelde met zijn amateurclub op het bijveld van stadion De Meer wel soms een oefenwedstrijd tegen Ajax. Ik vraag hem of hij zich het doelpunt herinnert dat Cruijff tegen hem scoorde. Hij maakt - net als vroeger de tv-held Zorro - een Z in de lucht. ,,Ineens stond-ie voor me”, zegt hij. Met een boog vloog de bal over zijn hoofd in het doel.

In samenwerking met indebuurt Doetinchem

Achterhoek