Volledig scherm
© ANP

Tom Dumoulin: 53 seconden verwijderd van eeuwige roem

Het roze gloort, 53 tellen is het verschil naar eeuwige roem voor Tom Dumoulin. In de slottijdrit van de Giro morgen, van Monza naar Milaan, gaat de man die de derde Nederlandse grote rondewinnaar kan worden 'sterven tot aan de meet' en 'afzien als een buffel'. ,,En dan hoop ik dat de tijdsverschillen groot genoeg gaan zijn.''

Door Pim Bijl

Chaos troef als Tom Dumoulin na de twintigste etappe van Pordenone naar Asiago, in een stoel ploft. Overal fans, uit Italië, uit Maastricht ook. En hordes journalisten. Zelf zit hij er kalm en opgewekt bij. Hij is tevreden. Zegt dat hij zijn kompanen Mollema, Yates en Jungels na het kopwerk in de achtervolging eeuwig dankbaar is. En kan goed leven met de vijftien tellen die hij moest toegeven op winnaar Pinot, Quintana en Nibali. Wat volgt is een spervuur aan vragen, steeds net ietsje anders geformuleerd, maar allen met hetzelfde thema: kan hij de Giro de winnen?

,,Daar gaat iedereen nu over speculeren en discussiëren'', zegt Dumoulin. ,,Ik doe dat niet en ga hopelijk gewoon lekker slapen. Ik wil er gewoon niet teveel mee bezig zijn.'' Met alleen nog de tijdrit van Monza naar Milaan voor de boeg weet hij wat hem te wachten staat. Hij staat vierde. 53 seconden achter rozetruidrager Quintana, veertien op Nibali en tien op Pinot. De Rus Zakarin is ook nog niet volledig kansloos, al heeft Dumoulin op hem een voorsprong van 22 tellen. Als zijn maatje en meesterknecht Laurens Ten Dam die verschillen onder ogen krijgt, het slijm ondertussen uit zijn mondhoeken vegend, zegt hij: ,,Goh, ik had graag gewild dat hij het wat minder spannend had gemaakt. Ik hoop dat hij het morgen afmaakt. Maar ik weet het echt niet.''

Niets geks

Zeker is dat zijn concurrenten er niet gerust op zijn. Niemand is vergeten hoe Dumoulin alle klassementsmannen werkelijk wegvaagde in de tijdrit eerder deze Giro naar Montefalco. Maar die tijdrit was lastiger, op zijn lijf geschreven en 39,8 kilometer. Die van morgen is vlak en 'slechts' 29,3 kilometer. ,,De tijdsverschillen gaan zeker kleiner zijn dan bij de eerste tijdrit, maar ik hoop alleen dat ze groot genoeg gaan zijn'', zegt Dumoulin, die weer een goed gevoel op zijn fiets had, een dag na zijn slechte dag naar Piancavallo. ,,Het scherpe randje van Oropa en Blockhaus is er een beetje af. Zo goed ben ik niet meer. De echte klimmers die blijven iets meer op niveau hangen. Maar je ziet dat ik met mijn tijdrijderskwaliteiten de schade aardig weet te beperken.''

Straffe uitspraken, plaagstootjes, psychologische oorlogsvoering richting zijn concurrenten laat hij dit maal wijselijk achterwege. Hij zegt zijn eigen rit te gaan rijden. Te gaan sterven tot de meet. En dat hij gaat afzien als een buffel. En dan maar zien of het genoeg is. Genoeg wil zeggen: een historische zege. De derde Nederlandse grote rondewinnaar ooit, na Jan Janssen en Joop Zoetemelk. Een eerste Nederlander als eindwinnaar van de Giro. De honderdste editie bovendien, bol van de verhalen. Beseft hij dat, dat hij geschiedenis kan schrijven? ,,Ook daar wil ik nu niet mee bezig zijn. Ik ga nu niets geks doen. Rusten, eten, slapen. Dan ga ik de tijdrit van mijn leven proberen te rijden en zie ik na de finish wat het heeft opgeleverd.''