Volledig scherm
Het bruggetje, de Ossendrijverbrug, waar de verdachte de 14-jarige Romy Nieuwburg uit Hoevelaken zou hebben opgewacht, misbruikt en vermoord. Achter de struik loopt de sloot waar ze in gevonden is. © AD

‘Een half uur na de moord op Romy zat hij hier aan de limonade’

De 14-jarige jongen uit Lunteren die heeft bekend zijn klasgenoot Romy Nieuwburg (14) uit Hoevelaken te hebben verkracht en vermoord, raakte na zijn daad geen moment in paniek. Dat blijkt uit een nauwkeurige reconstructie van de sporen die hij naliet op die fatale vrijdagmiddag 2 juni. De dader dronk op weg naar huis nog een glas limonade bij een boer.

Haar dochter heet ook Romy. Ze knikt naar het meisje van 12 dat naast haar in de deuropening van de woonboerderij staat. ,,Dat heeft er nog eens extra ingehakt'', fluistert ze. Het was haar 14-jarige zoon die op een paar honderd meter hier vandaan het lichaam van die andere Romy vond.

Omdat ze pas laat thuis is, vraagt de moeder haar zoon de bewuste vrijdagmiddag een stuk te gaan wandelen met de honden. De jongen loopt de vertrouwde ronde langs de Barneveldse Beek waar de dieren los mogen. Het dichtbegroeide, slingerende pad wordt behalve door wandelaars ook gebruikt door middelbare scholieren op de fiets, die in Jeugddorp De Glind speciaal onderwijs volgen. De honden rennen enthousiast voor hun baasje uit, totdat ze aan de overkant van de houten Ossendrijverbrug het struikgewas induiken en niet terugkomen. Omdat ze niet op zijn geroep reageren, besluit de jongen zelf poolshoogte te nemen tussen de bramenstruiken en de brandnetels.

Een minuut later gaat de telefoon in de auto van zijn moeder. ,,Hij zei: mama, er ligt hier iemand in de sloot. Ik denk dat ze dood is. Ik vroeg of hij zeker wist wat hij had gezien. Hij zei dat hij er zeker van was. Dan moet je nú 112 bellen, heb ik gezegd. Dat heeft hij gedaan. Hij is ook nog naar een plek aan het einde van het pad gelopen, zodat de politie hem kon zien. Ze waren er binnen een paar minuten. Hij heeft de agenten naar haar toe gebracht. Hij heeft goed gehandeld. Ik weet niet of ik zo rustig was gebleven. Het gaat goed met hem, maar we houden het in de gaten.”

Worsteling

Op de plek van het misdrijf zijn een maand later nog sporen te zien van de worsteling die moet hebben plaatsgevonden tussen de frêle Romy en de verdachte. De zoon van een geitenboer uit Lunteren is opvallend groot voor zijn leeftijd. Meteen achter het platgetrapte stuk struikgewas ligt de sloot waarin de scholiere werd gevonden. Haar moordenaar moet het levenloze lichaam in het water hebben gerold. Hij was die dag niet op school en zou het meisje, op wie hij volgens klasgenoten hopeloos verliefd was, op haar vaste route van school naar huis die vrijdagmiddag hebben opgewacht.

Als de twee honden aanslaan bij de sloot is de dader al een flink eind verwijderd van de plek waar hij Romy ombracht. Hij fietst langs de beek in de richting van Emelaarseweg. Op de Hessenweg rijdt de jongen het erf op van een boer die hij kent via de zorgboerderij in Barneveld waar hij de koeien melkt. ,,Ik zat buiten voor het huis met iemand een biertje te drinken toen hij aan kwam fietsen. Hij heeft me vast herkend, want hij wist niet dat ik hier woonde. Hij had dorst, kwam erbij zitten en vroeg of hij wat mocht drinken.”

De boer vraagt de jongen waarom hij zo ver van huis is. Het is warm en zeker drie kwartier fietsen. Ook de school is een andere kant uit. ,,Hij zei me dat zijn familie graag fietste. Dat zijn oma wel eens 100 kilometer op een dag fietste. Hij zei ook van fietsen te houden. Ja, dat geloof je dan.” Het oog van de boer valt op de rode arm van de jongen, die onder de schrammen en brandnetelbulten zit. ,,Hij vertelde dat hij een vriendje uit Hoevelaken naar huis had gebracht en dat ze onderweg hadden gestoeid in het gras.” Volgens de boer zweet de verdachte flink. ,,Hij haalde een grote badhanddoek uit zijn rugzak en veegde zijn gezicht ermee af. Het was zo’n handdoek met een briefje van 200 euro er op. Hij was er erg trots op.”

Zomaar kwaad

De boer is net terug van twee weken vakantie. ,,Ik moest weg. Het werd me te veel. Ik kan er nog steeds niet bij dat een jongen van 14 meteen na zo’n vreselijke daad bij mij op het erf zit en doet alsof er niets is gebeurd.” Hij omschrijft de verdachte als een chaotische jongen met een korte spanningsboog. ,,Als we om 06.00 uur afspraken en ik was er om 2 minuten over 6, dan sprak hij me daar boos op aan. Hij stopte soms zomaar met melken en liep dan weg. Zei ik daar wat van, dan kon hij zomaar kwaad worden. Hij was lang. Als ik zijn leeftijd was, was ik bang voor hem geweest.”

De man zegt er nog iedere dag mee bezig te zijn. ,,Ondanks zijn onvoorspelbare gedrag mocht ik hem op mijn manier wel. Dat raakt me nog het meest. Ik had het niet verwacht. Achteraf denk ik: hij is gewetenloos. Hij is gevaarlijk. Want al die tijd dat hij bij mij zat en verhalen ophing over zijn vriendje en zijn oma, heb ik niets door gehad. Ik vraag me steeds af: had ik iets moeten zien? Hij gedroeg zich volstrékt normaal.”

Na een kwartier vervolgt de jongen zijn weg door het dorp richting het ouderlijk huis in Lunteren, dat 14 kilometer verderop ligt. Vlak voordat hij Achterveld uit is, stopt hij bij café De Berken voor een ijsje. Iedereen in het dorp praat erover, beaamt een medewerkster, maar zelf heeft ze de jongen niet gezien. ,,Ik werkte die middag. Mijn collega en ik kunnen ons hem niet herinneren. Dat zegt niet alles, want je onthoudt niet elke klant. Volgens de recherche was hij in elk geval hier.”

Thuis schuift de verdachte op tijd aan voor het avondeten. Hij zwijgt over wat er die middag is gebeurd. De volgende dag meldt hij zich keurig zoals iedere zaterdag bij de zorgboerderij in Barneveld. Twee dagen later, in de nacht van zondag op maandag, wordt de 14-jarige Luntenaar door de politie van zijn bed gelicht.

In Lunteren, Achterveld en Hoevelaken doet het verhaal de ronde dat de ouders van de jongen al langer om hulp vroegen voor hun zoon, die ernstige gedragsproblemen heeft. Ook de man van de zorgboerderij blijft het herhalen: ,,Ik kan niks vertellen'', zegt hij over de telefoon. ,,Maar praat met de moeder. Praat met zijn moeder.’’

Die reageert woensdagmiddag nauwelijks verbaasd op de geluiden uit de omgeving. Ingaan op de achtergronden wil ze niet of nog niet, zegt ze zichtbaar aangeslagen. ,,Er komt waarschijnlijk een rechtszaak aan en die moeten we afwachten.’’

Stalkgedrag

Deze krant sprak al eerder met de klasgenoot van Romy met wie ze op de ochtend voor haar dood verkering kreeg. De twee postten het nieuws die ochtend op hun Instagramaccounts, die ook gevolgd worden door de latere verdachte. In haar klas op de J.H. Donnerschool in De Glind en voor vriendinnen was het een publiek geheim dat hij verliefd was op Romy. Het nam obsessieve vormen aan, vertellen meerdere bronnen. Hij zou haar vaker stiekem hebben gevolgd. Vriendinnen maakten vanwege zijn stalkgedrag een Whatsappgroep aan om Romy te waarschuwen als de verdachte weer achter haar aan liep. De week en de dag van de moord zou de verdachte niet op school zijn geweest. De school blijft zwijgen.

De Vallei