Volledig scherm
De letters I Amsterdam worden verwijderd van het Museumplein. Ze vormde een grote toeristenattractie. © EPA

Groei toerisme in Nederland vlakt af

Het aantal overnachtingen van toeristen in Nederland groeit dit jaar en volgend jaar minder hard dan in 2018. De groeivertraging heeft te maken met de lagere economische groei in veel landen. Dat constateert ABN AMRO in zijn sectorprognose over toerisme en vrijetijdsbesteding.

In 2018 nam het aantal toeristen nog toe met 3,9 procent tot ruim 116 miljoen. Volgens de economen van ABN AMRO komt de groei in 2019 en 2020 uit op naar verwachting ongeveer 3 procent per jaar. Overnachtingen via sites als Airbnb worden niet meegerekend.

De groei komt vooral op het conto van buitenlandse toeristen, en vindt met name plaats buiten de grote steden. Festivals, musea en attractieparken elders in het land zullen hiervan volgens ABN AMRO profiteren, bijvoorbeeld door een ‘overloop’ van toerisme vanuit de drukkere gebieden te stimuleren. Zo probeerde het toerismebureau van de provincie Drenthe al toeristen uit de drukte weg te lokken door meertalige promotieborden in Amsterdam te plaatsen.

Ook is de reislustige generatie millennials minder dan oudere generaties geïnteresseerd in de toerismehotspots in de stadscentra. Zij zoeken op vakantie naar ‘authentieke ervaringen waarbij ze zich willen voelen als een lokale inwoner’.

Binnenlandse toeristen gaan vooralsnog juist vaker naar de grote stad. Nederlanders die naar de stad op vakantie gaan, blijken minder gevoelig voor negatieve berichten in de media over megadrukte in bijvoorbeeld Amsterdam. Voor toerismebedrijven uit de regio zouden er nog kansen liggen bij die doelgroep.

  1. ‘Hypotheekadviseur vangt geld voor doorverwijzen klant naar energieverkopers’

    ‘Hypotheek­ad­vi­seur vangt geld voor doorverwij­zen klant naar energiever­ko­pers’

    Hypotheekadviseurs krijgen geld van commerciële partijen als keukenboeren, installateurs van zonnepanelen en energiebedrijven voor elke nieuwe klant die zij aanbrengen. Die vergoeding kan van een paar tientjes oplopen tot honderden euro’s. De eigen beroepsorganisatie van hypotheekadviseurs, de Nederlandse Vereniging van Hypothecair Planners (NVHP), trekt hierover aan de bel: ,,Klanten hebben vaak geen idee.’’