Volledig scherm
Intro van TU/e-studenten. © FotoMeulenhof

Voor wie écht wil, is op de TU/e vaak nog wel plek

EINDHOVEN - TU/e-opleidingen met een studentenstop zitten lang niet altijd vol. Vier vragen over numerus fixus.

1. Het afgelopen studiejaar zat geen van de vier TU/e-opleidingen met een numerus fixus vol. Hoe kan dit?

Allereerst: het is geen fenomeen dat zich alleen bij de Technische Universiteit in Eindhoven voordoet. In studiejaar 2018-2019 zaten 23 van de 35 opleidingen met een instroombeperking in Nederland niet vol. Nederlandse studenten kunnen zich aanmelden bij maximaal drie opleidingen. Van die mogelijkheid wordt gretig gebruikgemaakt zodat studenten uiteindelijk een opleiding kunnen kiezen. Zo voorkomen ze dat ze ergens buiten de boot vallen. En dus zitten veel studies uiteindelijk minder vol dan vooraf was beoogd. Bij de TU/e zien ze de meeste studenten dan ook niet zozeer als 'afhakers', het is vooral een kwestie van kiezen. Althans, deze vlieger gaat op voor Nederlandse studenten. Internationale studenten melden zich volgens de TU/e vaak aan bij een waslijst aan instituten en gaan uiteindelijk voor de mooiste plek die ze kunnen bemachtigen. De kans dat een buitenlandse student bij de start van de opleiding in de collegezaal zit, is daardoor veel kleiner.

2 .Als in de praktijk toch veel studenten uiteindelijk niet voor een opleiding kiezen, waarom wordt er dan toch zo nadrukkelijk op de rem getrapt?

Ja, de TU/e weet dat een deel van de studenten niet zal komen. ,,Maar we weten niet wie en kunnen de plaatsen die leegvallen niet meer aan anderen aanbieden", legt een zegsman uit. Die andere studenten zitten immers niet in een wachtkamer maar hebben op dat moment al een ander keuze moeten maken. Toch kan de TU/e daar wel degelijk op inspelen door de numerus fixus- grens wat te verhogen, maar dat kan maar beperkt omdat de universiteit zo het risico loopt dat ze toch met hogere aantallen te maken krijgt dan ze aankan.

3. Welke middelen zet de TU/e in om zoveel mogelijk mensen in de opleidingen te krijgen? De roep om ingenieurs is immers groot, vooral in deze regio.

De TU/e zegt steeds te benadrukken dat selectie niet alleen op cijfers is gebaseerd.

Ook communiceert de universiteit dat ze in de afgelopen jaren iedereen die geïnteresseerd was in een selectieopleiding een plek heeft kunnen aanbieden. Met andere woorden: voor wie echt wil, wordt meestal wel een plek gevonden. En wie een plek met een hoger nummer op de lijst krijgt toegewezen is vaak helemaal niet kansloos vanwege het uitvallen van studenten met een lager nummer.

4. Gaat de werkwijze rond instroombeperking op de schop?

Om te voorkomen dat er meer studentenstops komen, werkt minister Van Engelshoven van Onderwijs aan een wetsvoorstel. Dan kan het ministerie in plaats van de universiteit bepalen of een opleiding het aantal studenten mag beperken.

De Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie (AWTI) wil juist dat universiteiten en hogescholen meer mogelijkheden krijgen om strengere criteria te hanteren.

In die raad zitten onder anderen ASML-manager Jos Benschop, TU/e-hoogleraar Emmo Meijer en Fontys-baas Nienke Meijer. Door te selecteren kan uitval worden teruggedrongen en kunnen onderwijsinstellingen zich beter van elkaar onderscheiden door te selecteren op studenten met specifieke kwaliteiten. Dat is volgens de AWTI nodig om Nederland mee te laten doen in de wetenschappelijke wereldtop.