Volledig scherm
© ANP XTRA (stockfoto)

Werk of stage? ROC-studente claimt ‘achterstallig salaris’ van Enschedese zorgorganisatie

ENSCHEDE - Had een bbl-stagiaire van het ROC van Twente een arbeidscontract of een leerovereenkomst? Dat is de kern van de zaak die zij heeft aangespannen tegen haar voormalige werkgever, Beter Thuis Wonen in Enschede.

Beter Thuis Wonen had met de stagiaire een overeenkomst tot maximaal het einde van haar opleiding Verzorgende. Het contract kon in overleg met de opleiding tussentijds worden opgezegd en dat is gebeurd. 

Volgens Beter Thuis Wonen schoot de studente ernstig te kort in de zeven maanden dat zij als bbl-stagiaire werkte voor de thuiszorgorganisatie. Bbl betekent vier dagen werken, een dag naar school. Ze kwam vaak te laat opdagen, soms helemaal niet. Ze hield zich niet aan afspraken. Ondanks haar diploma Helpende was haar bagage om het bbl-traject in te gaan onvoldoende. Ze kon niet zelfstandig werken, somt Beter Thuis Wonen deze donderdag op voor de kantonrechter. „Maar dat inzicht had ze zelf niet. De school vond ook dat ze geen beroepsmatige houding heeft.”

De zorginstantie gaf haar het advies om thuissituaties niet meer als doel te hebben, maar zich te richten op intramuraal werk. 

Niet op orde

De studente stelt op haar beurt dat de organisatie de zaken zelf niet altijd op orde had. Ze had vaker zelfstandig bij een cliënt gewerkt dan de bedoeling was en dat was niet haar schuld. „Er waren door ziekte of ontslag soms te weinig collega’s. Het kwam voor dat afspraken uitliepen en collega's me vroegen om alvast naar de volgende cliënt te gaan om die te wassen of steunkousen aan te doen of zo. Dan zouden we bij die cliënt weer op schema lopen.” 

Ze ontkent dat ze een keer medicatie zou hebben verstrekt. „Dat mag ik niet eens, ook niet van school.” Ze begrijpt niet dat het ROC tegen Beter Thuis Wonen heeft gezegd dat het niet goed met haar gaat op school. „Ik vind dat ze liegen. Het gaat juist hartstikke goed.”

Medicatie

Toen Beter Thuis Wonen hoorde dat de studente medicatie zou hebben verstrekt bij een cliënt, werd haar verboden om nog langer zonder het toeziend oog van een ervaren collega te werken. „Het was de bedoeling dat ze steeds zelfstandiger zou worden. Daar is niets van terecht gekomen. We hebben ontzettend veel tijd gestoken in haar begeleiding.” 

De studente heeft de opzegging van haar dienstverband ondertekend, maar ze nam vervolgens een advocaat in de arm omdat ze nog salaris te goed zou hebben. De hoogte van het mogelijk onterecht niet uitbetaalde bedrag wordt bepaald door de vraag of ze een arbeidscontract had of een leerovereenkomst. Daarover verschillen partijen van mening.

Studiefinanciering

Volgens de advocate van de studente is er sprake van een gewoon dienstverband. „Een bbl-student krijgt geen studiefinanciering, dat zegt genoeg. Mijn cliënte wil ook weten welke subsidies er voor haar zijn aangevraagd.” De werkgever is van mening dat het een stage-overeenkomst betreft.

De kantonrechter stelt voor dat partijen ter plekke nog een poging wagen om er samen uit te komen. De werkgever voelt daar echter niets voor. Dat betekent dat de rechter binnen vier weken met een beschikking komt.