Volledig scherm
Foto ter illustratie. © Roos Koole

De meeste verkrachters zijn niet de man die uit de bosjes springt

#metooNIJMEGEN - De meeste vrouwen en mannen die worden verkracht of aangerand, kennen de dader. Het is zelden de man die uit de bosjes springt. 

Vaker is het de date die over grenzen gaat, een vriend van een vriend, of iemand in een club, op een festival of tijdens een feestje die te ver gaat. ,,Mensen waarbij je niet op je hoede bent, omdat er geen enkele reden toe is”, zegt Toine Lagro-Janssen, hoofd van het Centrum Seksueel en Familiaal Geweld in Nijmegen.

Seksueel geweld is een heet thema, nu talloze vrouwen op sociale media hun ervaringen met intimidatie, aanranding en verkrachting delen onder de hashtag #metoo. Ze willen die ervaringen niet langer als geheim meetorsen, maar duidelijk maken dat seksueel overschrijdend gedrag niet gewoon is.

Geslachtsziekten

Quote

Als een slachtoffer aangifte wil doen, of daar nog een beslissing over wil nemen, kunnen we sporenonderzoek doen om bewijs te verzamelen

Marijn Kraaijkamp

Wie te maken heeft gehad met aanranding of verkrachting, kan terecht bij een van de vijftien centra voor seksueel geweld in Nederland. Die in Nijmegen bestaat nu vijf jaar en is opgericht om een eind te maken aan de versnipperde hulpverlening na seksueel geweld. Wie naar het centrum komt, krijgt daar indien nodig medicatie tegen geslachtsziekten en zwangerschap, een vaccinatie tegen hepatitis B, hulpverlening om een psychisch trauma te voorkomen en contact met de politie om aangifte te doen.

Gillen of slaan
Het advies dat meisjes en vrouwen vaak krijgen voor het geval ze worden overvallen door een aanrander of verkrachter is om keihard te gaan gillen of slaan. In de praktijk gebeurt dat niet. Wie met seksueel geweld te maken krijgt, verlamt. Bovendien is de dader zelden een onbekende. Een beter advies is ‘samen uit, samen thuis’. Ga na een avond stappen met dezelfde vrienden naar huis als waarmee je kwam. Ouders doen er goed aan om met hun kinderen te praten over seksualiteit en om ze te leren dat grenzen heilig zijn.

Slachtoffers worden in een speciale kamer bij de spoedeisende hulp van het RadboudUMC opgevangen. ,,We vragen kort wat er is gebeurd en vragen of ze contact willen met de politie”, zegt Marijn Kraaijkamp, die als forensisch verpleegkundige slachtoffers opvangt en verzorgt. ,,Als een slachtoffer aangifte wil doen, of daar nog een beslissing over wil nemen, kunnen we sporenonderzoek doen om bewijs te verzamelen.”

Ze benadrukt dat slachtoffers niet worden verplicht om aangifte te doen. Twijfelaars kunnen nog een week beslissen of ze sporenonderzoek willen doen, zodat ze naar de politie stappen. Maar ook wie helemaal geen aangifte wil doen, kan bij het centrum terecht. ,,We zijn een hulpverlenersopvang”, zegt Kraaijkamp.

Sporenonderzoek

Volledig scherm
Toine Lagro-Janssen, hoofd Centrum Seksueel en Familiaal Geweld Nijmegen. foto Do Visser

Het is belangrijk dat de slachtoffers zelf controle hebben over wat er gebeurt. ,,Wat wil de persoon zelf? Wat verwacht het slachtoffer?” Voor het forensisch onderzoek kan het zijn dat er vaginaal sporenonderzoek wordt gedaan en ook dan is het belangrijk dat het slachtoffer iedere keer op de rem kan trappen. ,,Toestemming vragen voor lichamelijk onderzoek en daardoor de controle over het lichaam kunnen terugkrijgen, is het begin van het helingsproces”, zegt Lagro-Janssen.

Net zoals het belangrijk is dat de slachtoffers erkenning krijgen voor wat er is gebeurd. ,,Ja, het is heftig en rot.” Te vaak gebeurt het tegenovergestelde en wordt de schuld (deels) bij het slachtoffer gelegd of zijn er twijfels. Was je wel voorzichtig? Had je niet iets kunnen doen om een verkrachting of aanranding te voorkomen?

Doodsbedreiging

Dat laatste is sowieso niet het geval. Ieder slachtoffer verlamt als iemand te ver gaat. ,,Je stem doet het niet, waardoor je niet kunt gillen. Je hebt geen kracht om te slaan. Veel slachtoffers zeggen: Ik kon gewoon niks.” Dat is logisch, omdat het lichaam in de overlevingsstand gaat. Beter een beetje meebewegen en overleven dan verzetten en mogelijk doodgaan, zegt het lichaam. ,,Een verkrachting voelen slachtoffers écht als een doodsbedreiging.”

Quote

Je stem doet het niet, waardoor je niet kunt gillen. Je hebt geen kracht om te slaan. Veel slachtoffers zeggen: Ik kon gewoon niks

Toine Lagro-Janssen

Niet zelden leidt dat tot een psychisch trauma. De helft van de slachtoffer ontwikkelt een posttraumatisch stresssyndroom (PTSS). ,,Met de juiste zorg wordt de kans op PTSS kleiner.” Hoewel daarbij ook persoonlijke omstandigheden een rol spelen, zoals iemands sociale netwerk.

,,Als slachtoffers bij ons komen, zijn ze vooral overdonderd”, zegt Kraaijkamp. Pas later komen de vragen. Waarom werd ik gepakt? Waarom kon ik niets doen? Lagro-Janssen: ,,Het heeft niets te maken met een uitdagende reactie, met kleding of gedrag. Er is geen antwoord op de waarom-vraag. Het had net zo goed een ander kunnen zijn.”

Samenwerking
Dat medische zorg, psychologische hulpverlening en politie op één plek samenwerken na acuut seksueel geweld is bijzonder. Het zorgt voor hogere aangiftecijfers, blijkt uit onderzoek van het centrum in Nijmegen en de politie. De afgelopen drie jaar deed 40 procent van de slachtoffers die zich bij het centrum in Nijmegen meldde aangifte. Landelijk wordt geschat dat 10 tot 20 procent van de slachtoffers van seksueel geweld aangifte doet.

Bij het Centrum voor Seksueel en Familiaal Geweld Nijmegen meldden zich in 2016 65 acute slachtoffers, waarvan…

...60 vrouwen en 5 mannen
...75 procent jonger dan 25 jaar
...ruim de helft eerder seksueel geweld had meegemaakt
...1 van de 8 een verstandelijke beperking had
...5 van de 6 de dader kenden
...in alle gevallen een man de dader was