Volledig scherm
PREMIUM

Ik heb als kind en als jongen heel vaak met mijn hoofd tegen de radio gezeten

Column Jo WijnenDe radio bestaat honderd jaar. Ik vier het eeuwfeest van harte. Want ik ben meer een luisteraar dan een kijker, meer iemand die het van een luidspreker dan van een beeldscherm moet hebben. Mijn kinder- en tienerjaren waren radiojaren. 

En nu ik dit schrijf, krijg ik de bijna onbedwingbare neiging allerlei destijds veelbeluisterde radioprogramma’s op te sommen. Maar dan kom ik woorden tekort.

Hoe dan ook, ik heb als kind en als jongen heel vaak met mijn hoofd tegen de radio gezeten voor een hoorspel, een concert, een jazzprogramma, een opera, maar ook voor prachtig amusement: soms ontroerd, maar soms ook gierend van het lachen. 

Quote

Ik krijg de bijna onbedwing­ba­re neiging allerlei destijds veelbeluis­ter­de radioprogramma’s op te sommen. Maar dan kom ik woorden tekort

Columns