Keukenstuk (1560-1565) met verschillende personen te midden van groenten, vruchten, brood, gevogelte en vis.
Volledig scherm
PREMIUM
Keukenstuk (1560-1565) met verschillende personen te midden van groenten, vruchten, brood, gevogelte en vis. © Pieter Aertsen / Rijksmuseum

Eten in tijden van pest: voedselprobleem nam af, want er waren steeds minder monden te voeden

Na de uitbraak van het coronavirus sloeg een groot deel van Nederland aan het hamsteren, hoewel hier geen voedselschaarste is. Inmiddels liggen de supermarktschappen weer vol. Hoe was dat tijdens pestepidemieën uit het verleden? Schokkend: er was steeds meer te eten omdat er minder mensen overbleven, aldus hoogleraar Guy Geltner.

‘Het was in het jaar onzes Heren dertienhonderd achtenveertig dat in de voortreffelijke stad Florence, de mooiste van alle Italiaanse steden, de dood en verderf ­zaaiende pestilentie uitbrak, die door de invloed van de hemellichamen of door Gods rechtmatige toorn om onze wandaden als straf over de stervelingen werd ­uitgestort. Enige jaren tevoren was deze plaag in het Oosten begonnen en had zich, na daar ontelbare mensen te hebben weggemaaid, zonder ooit te rusten in westelijke richting verbreid en daarbij in de ene na de andere streek vreselijk huisgehouden.’ Beroemde woorden, uit de Decamerone (ca. 1353-1360) van Giovanni Boccaccio, een bundel met verhalen verteld door tien jonge mensen die Florence ontvluchtten tijdens de pestuitbraak van 1348.