Volledig scherm
© DG

Mahlers 'Zevende' uitgevoerd in een akoestisch paradijs

recensieDit Duitse orkest maakte zaterdag met Tsjaikovski de blits in de nieuwe, prachtig klinkende Parkzaal van het Arnhemse Musis Sacrum. Tsjonge, de Düsseldorfer Symphoniker schuwt de contrasten niet. Zowel in het Vioolconcert in D als de Fantasie-Ouverture Romeo en Julia werkte het tegen elkaar afzetten van minimaal geluid, opzwepende crescendi en vurige fortes zonder meer voortreffelijk.

 Wat een tempi ontwikkelden dirigent Alexandre Bloch en violiste Alena Baeva bovendien. Super.

Broer
Wie dit Gastspiel in Arnhem heeft gemist en toch wil kennismaken met het vermaarde orkest uit Nordrhein-Westfalen maak ik graag attent op de eigen Mahlerserie van de Düsseldorfers voor het label CAvi-music (Challenge Classics uit Amersfoort). Inmiddels zijn in 2016/17 de Zevende en Vierde symfonie verschenen en ook de Eerste komt er nu snel aan.

Op de bok staat een grote naam uit de klassieke wereld: de Hongaar Adam Fischer die 9 september trouwens 68 jaar wordt. Hij is daar aan de Rijn sinds 2015 de chef-dirigent. Zijn broer is de twee jaar jongere Iván Fischer, als dirigent van het Budapest Festival Orchestra eveneens bezig met een Mahlercyclus. Voor het label Channel Classics uit het Gelderse Herwijnen.

Fysiek
Mahlers Zevende symfonie staat bekend als Lied der Nacht en vraagt van musici het uiterste. Artistiek en fysiek. De Düsseldorfer Symphoniker speelt het stuk 'live' op zijn thuisbasis de Tonhalle - een akoestisch paradijs. De leden doen dat met de flair van grote Mahlerorkesten als het Koninklijk Concertgebouworkest en de Wiener Philharmoniker. Want de communicatief zeer sterke Adam Fischer weet de orkestleden goed bij de les te houden. De vijfdelige symfonie valt geenszins uiteen in een aantal symfonische gedichten maar blijft een monumentale eenheid.

Spil

Spil in compositorisch opzicht is het Scherzo (Schattenhaft) en daarin gaan de Düsseldorfer werkelijk de diepte in als het draait om het uitbeelden van de diverse gemoedstoestanden. Met het als rode draad het fenomeen dans in al zijn eigenaardigheden.

Door de knieën ga ik ook voor de uitvoering van het Andante amoroso (Nachtmusik). Hier is de sfeer het intiemst, met steeds weer veranderende kleuren en effecten (mandolinespel!). Heerlijk hoe Fischer de speelsheid van sommige passages onderstreept. Werkelijk een verademing in deze duistere symfonie die overigens uiteindelijk wel stralend naar een einde gaat. Zeker in de glorieuze aanpak van de Düsseldorfer.

Grootheden

Knap orkestspel dus, maar dat kan ook bijna niet anders bij een symfonieorkest dat in de negentiende eeuw Felix Mendelssohn en Robert Schumann aan de wieg had staan en in de na-oorlogse tijd samenwerkte met grote dirigenten als Rafael Frübeck de Burgos, Jean Martinon en onze eigen Willem van Otterloo. Ben benieuwd wanneer de Eerste symfonie op de markt komt!