Ronald Koeman scoort in 1988 tegen Duitsland vanaf de stip.
Volledig scherm
Ronald Koeman scoort in 1988 tegen Duitsland vanaf de stip. © AFP

Koeman die het shirt van Olaf Thon gebruikte als wc-papier... Uniek

Velen krijgen nu nog een glimlach rond de lippen, als ze terugdenken aan het EK van 1988. Maar wat als je tien jaar na dat toernooi geboren bent? Jeffrey van der Maten, van 16 november 1998, over wat dit toernooi bij hem losmaakt.

Laatst had ik het toevallig met een vriend over het EK van 1988. Hij, een echte voetballiefhebber, wist tot een paar jaar geleden niet eens dat Oranje een Europese titel op zijn naam had geschreven. Eindeloos kunnen we praten over de eindronden van de laatste jaren, maar het toernooi dat tien jaar voor onze geboorte werd georganiseerd? Ik heb er weinig gevoelens bij.

Quote

Ik bewonder Joshua Kimmich juist als een geweldige voetballer

Vraag mij midden in de nacht om de eerste drie associaties op te noemen die ik heb met het Nederlands elftal en hoogstwaarschijnlijk komt het jaar 1988 niet in mijn lijstje voor. Voor mijn generatie voelt het eigenlijk alsof Nederland nog nooit een prijs heeft gewonnen. De prijs van 1988 voelt totaal niet als mijn titel en bij het zien van de beelden komen zeker geen chauvinistische gevoelens naar boven.

Begrijp me niet verkeerd, ik heb veel respect voor de spelers die schitterden in de jaren dat ik nog niet eens geboren was. Je merkt vaak dat het Nederlands elftal een hoog aanzien heeft in andere landen. Daaruit blijkt dat ‘wij’ een roemrijke historie hebben. Maar voor mij en mijn generatiegenoten zijn Arjen Robben en Virgil van Dijk de grote mannen, niet Marco van Basten en Frank Rijkaard.

Uiteraard heb ik de beelden van het meest succesvolle eindtoernooi uit de Nederlandse geschiedenis wel eens gezien. De prachtige volley van Van Basten in de finale komt nog steeds geregeld voorbij, net als zijn doelpunt in de halve finale. Het beeld dat bij mij verder beklijft? Dat tv-journalist Kees Jansma in het water wordt gegooid. Prachtige beelden zijn dat. Maar dat was ‘m wel zo’n beetje. Het toernooiverloop is voor mij verder zeker geen abc’tje, terwijl ik de route richting de verloren finale in 2010 bijvoorbeeld kan dromen.

Joshua Kimmich.
Volledig scherm
Joshua Kimmich. © AP

Ik heb twee weken terug nog gekeken naar de speciale NOS-uitzending over het EK ‘88. Als voetballiefhebber word ik tegenwoordig al van elke rollende bal blij, dus ook deze uitzending wilde ik niet missen. In de halve finale tegen Duitsland kwam mij de enorme rivaliteit onder ogen, iets wat ik niet ken. Koeman die het shirt van Olaf Thon gebruikte als wc-papier, voor mij is dat echt uniek. Als ik Matthijs de Ligt zoiets zou zien doen, geen idee wat me zou overkomen.

De rivaliteit tussen Nederland en Duitsland is iets wat ik persoonlijk niet zo ken en mijn vrienden volgens mij ook niet. Als ik aan bijvoorbeeld Joshua Kimmich van Bayern München denk, roept dat geen haatgevoelens bij mij op. Ik bewonder hem juist als een geweldige voetballer. Of hij nu Duits is of niet. En ik heb ook zeker geen baksteen door de televisie gegooid toen Duitsland een jaar geleden met 2-3 van het Nederlands elftal won in de strijd om EK-kwalificatie.

Ik hoor oudere mensen wel eens met genot terugblikken op de jaren zeventig en tachtig, waarin ‘het allemaal beter was’. Feit is dat ik daar niet over kan oordelen en ik weinig gevoelens heb bij die succesjaren. Geef mij maar de zweefkopbal van Van Persie of de teen van Iker Casillas. Het Nederlands elftal is voor mij veel meer een nummer twee dan een nummer een.

Gullit over EK ‘88: Voor finale naar concert Whitney Houston