Volledig scherm
Chris Poulissen (links) en Laurent Ney, de architecten van de stadsbrug, aan de Waal in Nijmegen. Foto: Bert Beelen

'Nieuwe stadsbrug straks dé plek voor afspraakjes'

Een ode aan het rivierlandschap. Zo typeren de Belgische architecten Laurent Ney en Chris Poulissen hun ontwerp voor de stadsbrug over de Waal in Nijmegen.

Ze hebben bewust respect willen tonen voor het landschap en de geschiedenis van de plek en de stad. De enorme boog over de rivier is ook één groot gebaar: hier stroomt de Waal.

"Het ontwerp voor deze stadsbrug geeft een goed gevoel. Het is een eigentijdse brug die tegelijk tegemoet komt aan de wens van de meeste Nijmegenaren: een nieuwe boogbrug als derde brug over de Waal."

Dat was het commentaar van Hans van Delft begin 2010 toen bekend werd dat het ontwerp van de Belgische architecten Laurent Ney en Chris Poulissen was uitgekozen voor de nieuwe oeververbinding. De oud-NEC-voorzitter en vastgoedondernemer Van Delft maakte als 'erkende Nijmegenaar' deel uit van de commissie die de vier ingediende brugontwerpen op de vorm moest beoordelen. Een belangrijke klus, want bij de aanbesteding van de opdracht konden de architecten en aannemers de meeste punten verdienen met het uiterlijk van de brug. Nijmegenaren hadden immers in een peiling van de gemeente aangegeven dat de brug moest passen bij de Nijmeegse familie van Waalbruggen. Tegelijkertijd mocht de nieuwe brug de monumentale Waalbrug ook weer niet in de schaduw zetten.

Applaus

Volgens Van Delft was de jury eensgezind positief over het ontwerp van de Belgen. Juryvoorzitter Jan Brouwer, voormalig rijksadviseur voor infrastructurele projecten, sprak zelf van 'een ode aan het rivierlandschap'.

Het goede gevoel van de jury bij de brug van Ney en Poulissen was geen vergissing. Een enquête van De Gelderlander leverde vooral juichende reacties op. Lezers gaven voor het ontwerp van de twee Belgen uitsluitend hoge cijfers.

Het duo waardeert dit applaus voor zijn brug zeer. Tegelijkertijd benadrukken ze dat hun 1.200 meter lange brug nog lang niet af is, zelfs niet bij de opening in 2013. Poulissen: "Essentieel is de opname van de brug in de nieuwe stadswijken die aan beide oevers verrijzen. De brug moet nog van de Nijmegenaren worden. Ze moeten de brug naar zich toe trekken, aanvullen en gebruiken. Dat is echt nog een grote uitdaging. De brug moet zich verbinden met het stadsleven. Dan pas is onze opdracht geslaagd."

Inspiratie voor de Nijmeegse stadsbrug haalden ze in onder meer Florence. "Daar heb je bruggen waarop je een afspraak maakt voor een ontmoeting."

De keuze voor roodbruine bakstenen tegen de bogen en gewelven van de brug komt ook niet uit de lucht vallen. Ze geven de brug extra karakter. "Ons bouwmateriaal voor de brug komt letterlijk uit de rivier. We laten de stenen ook bewust in de Betuwe maken." Het Belgische tweetal denkt dat het voor een succesvolle verbinding van de brug met de nieuwe wijken zelfs nodig is dat de bouwers in het Waalfront-West en de Citadel rond het fort Hof van Holland met diezelfde rode stenen aan de slag moeten gaan.

Het duo wil dat er in de toekomst, na de oplevering, ook nog onder, tegen en op de brug gebouwd wordt. Hun 'eigen' balkons op de brug, vanwaar wandelaars en fietsers in alle rust over de Waal en de oevers kunnen uitkijken, zijn slechts een begin van talloze verblijfplaatsen bij de brug.

Onder de bogen horen, zo betogen de twee Belgen, speelplekken, horeca, markten en festivals. Vooral de landtong die na de teruglegging van de dijk bij Lent in de Waal ontstaat, biedt hiervoor geweldige mogelijkheden.

Poulissen: "Waarom bouwen we geen clublokaal van een roeivereniging tegen die onderkant? Of een museum dat het verhaal van de Oversteek verbeeldt en vertelt, het verhaal van de Amerikanen die onder moordend vuur de rivier overstaken in 1944?"

Al bij hun eerste bezoek aan Nijmegen raakten beide architecten onder de indruk van de stad. Ze werden verrast door het reliëf, de stuwwal en de prachtige natuur aan de Waaloevers. Ze zagen hollende paarden in de uiterwaarden. Poulissen: "Een plaatje. Dan besef je dat je als ontwerper veel respect moet tonen voor de omgeving."

Poulissen komt uit Antwerpen en weet uit ervaring dat een rivier mensen bindt. "Als Antwerpenaar zeg je geen slecht woord over de Schelde. Ik zie rimpelingen in de rivier die buitenstaanders nauwelijks opmerken. Ook Nijmegenaren beleven de rivier op hun eigen wijze."

Delicaat

Het duo kwam in 2009 onbevooroordeeld naar de stad. Ney: "Bij het eerste bezoek denk je niet eens aan het bouwen van een brug. Dan probeer je de omgeving te verstaan. Je kijkt rond, je ziet de rivier, het landschap. Dan begint de nieuwsgierigheid. We beseften snel dat het hier om een ingreep in een delicate omgeving gaat."

Ze maakten kennis met de geschiedenis van de stad, de Waal en de aanstaande vernieuwing van de oevers. Poulissen: "Mijn vader keek ooit naar A Brigde Too Far, de verfilming van het oorlogsverhaal uit deze regio. Dan sta je plots in Nijmegen. Dan lees je ook nog dat Nijmegen de oudste stad van Nederland is. Je hoort van het Romeinse verleden. Dat neem je allemaal mee in je brugontwerp. De brug moet respect tonen voor het landschap en de geschiedenis van de plek."

Hun keuze voor een boogbrug vinden ze logisch. En niet omdat de Nijmegenaren dat zo graag willen. "Met een boog ga je geen concurrentie aan met Electrabel, de hoogspanningsmasten en de toekomstige woontorens van Waalfront West." Over de omvang van de overspanning waren ze het ook snel eens. De boog zou alleen de rivier mogen overspannen. "Het is één groot gebaar: hier stroomt de Waal. Ik geniet er al van dat mensen de loop van de rivier altijd zullen herkennen", zegt Poulissen. "Zelfs als straks de uiterwaarden bij Lent zijn uitgegraven, kan iedereen exact zien waar de rivier ligt." De boog is een blikvanger. Toch is de aanloop naar de brug zeker zo belangrijk. Ney: "Die aanbruggen zorgen ervoor dat de brug straks écht onderdeel is van de stad."