Volledig scherm
De afslag Veenendaal op de A12. © ANP

Veens denken, het is niet ieder gegeven

‘Ik kan niet Veens denken.’ Dat zijn niet mijn woorden. Een wethouder fluisterde me dat in, toen in ik 2001 Veenendaal verruilde voor een andere werkplek. Hij kon het ook niet, Veens denken. Voor hem was dat lastig, in mijn geval was het een voordeel. Als journalist moet je objectief zijn, vond de wethouder. En dat kan niet als je Veens denkt.

Wat dat is? Een kwestie van ons kent ons, zaken regelen we wel onderling. Langs het voetbalveld, binnen de muren van de kerkgebouwen. Ons kent ons en buitenstaanders houden we op een afstand. Altijd beschaafd en vriendelijk, dat wel. Lastig Ik zal nooit een Veenendaler worden, ook al woon ik er al sinds de twintigste eeuw. Geeft ook niet. Maar soms is het lastig als je nieuwsgierig bent. Dat vertelde ook Sameer van Alfen, schrijver van een boek over de Freulezaak. Bij zijn speurtocht naar antwoorden bleven op het gemeentehuis de luiken dicht en hoorde hij slechts oorverdovende stilte. Iets dat hij nog nooit bij een andere gemeente had meegemaakt. Stilte In de Freulezaak ging Veenendaal voor miljoenen het schip in, omdat de gemeente borg stond. Tegenwoordig vergadert het gemeentehuis over een andere borgstelling van miljoenen euro’s. Het betreft een heel andere zaak, niet met elkaar te vergelijken. Behalve dan de stilte. Gesloten deuren, tot nu toe, met af en toe een kier. En naar buiten toe glimlachen we vriendelijk en zwijgen. Dat het kopje thee afgelopen woensdag bij het persgesprek met de wethouders een wat lauw en troebel bakkie was, dat was dan weer niet Veens. Denk ik. Maar ja, ik kan ook niet Veens denken.

Jaap Rademaker

De Gelderlander gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement. Reacties van mensen die de nickname anonymous, anoniem of een variant daarop voeren, worden niet geplaatst.