Gelderse recreatiejongens kunnen rustig achterover leunen

Column Rob BerendsHet zijn gouden tijden voor hotels, campings en attractieparken in Gelderland. Het aantal toeristen is explosief aan het stijgen en een ding is zeker: er gaan er de komende jaren nog meer komen. Bij Burgers' Zoo, het Holland Erlebnismuseum en de Juliana Tower kunnen ze hun borst nat maken.

Volledig scherm
Rob Berends
Quote

Met zachte hand, maar vastbera­den, worden de toeristen over het land gespreid

Want: in Amsterdam klotsen de toeristen tegen de plinten op. In het centrum kom je geen Amsterdammer meer tegen. Het is er zo vol dat het nationaal toerismebureau de buitenlandse vakantiegangers over het land wil spreiden.

Dat gaat zo: de marketeers van de toerismebranche doen alsof Nederland en Amsterdam eigenlijk hetzelfde zijn. Want, zeggen ze, afstanden betekenen niks voor die buitenlanders. Honderd kilometer is voor hen wat honderd meter voor ons is.

Dus heet het Muiderslot in de vakantiefolders tegenwoordig Amsterdam Castle, is Marken omgetoverd tot een excentrisch wijkje van de hoofdstad en is Giethoorn - als je het scherp bekijkt - Amsterdam-Noordoost. Dit heet het HollandCity concept.

Met zachte hand, maar vastberaden, worden de toeristen over het land gespreid. Wie zachtjes sputtert dat hij nu toch echt ver buiten Amsterdam is terechtgekomen, stuit op een strenge reisleider die het vingertje heft en zegt: hoho, we zijn hier in Amsterdam Groningen. Briljant bedrog, ik kan niet anders zeggen.

De Gelderlander gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement. Reacties van mensen die de nickname anonymous, anoniem of een variant daarop voeren, worden niet geplaatst.
  1. Dialect: 'De taal van de schaamte'
    PREMIUM
    column

    Dialect: 'De taal van de schaamte'

    Tot mijn twaalfde heb ik niets dan dialect gesproken. Thuis, met vriendjes, bij de voetbalclub - overal praatten we plat. Alleen in de klas op de lagere school schakelden we over op Nederlands, omdat het niet anders kon. Maar de taal van het schoolplein was het dialect. Soms zat er in de klas een nieuw kind, iemand wier ouders in ons dorp waren komen wonen. Import was het. Een stads'n, noemde we zo iemand. Het kind bleek geen dialect te verstaan, laat staan te spreken. Hoogst merkwaardig vond ik dat, een tikje verdacht zelfs. Hoe was zoiets in vredesnaam mogelijk?

Columns