Volledig scherm
PREMIUM
© ANP

Trompet

Thomas VerbogtBij de dood van Anneke Grönloh denk ik aan de dagen waarmee zij onlosmakelijk verbonden was, in mijn geval de eerste helft van de jaren zestig. Met haar repertoire had ik weinig, maar ik vond haar sympathiek.

Haar liedjes klonken dikwijls door ons huis, niet alleen uit de radio, mijn moeder zong ze ook, op volle kracht, samen met vriendinnen ('tantes' voor mij) die vaak vrolijk op bezoek waren. 'Brandend zand en een verloren land en een leven vol gevaar'. Wim Kan heeft het lied al eens geanalyseerd en we waren het allemaal met hem eens: tamelijk onbegrijpelijk. 

  1. Lang geleden dat ik zo’n protserige toespraak meemaakte
    PREMIUM
    column

    Lang geleden dat ik zo’n protserige toespraak meemaakte

    Werd ik gisterochtend wakker in een ander Nederland? Terwijl ik antwoord zocht op die vraag, verdwaalde ik in een herinnering. En was weer terug in mijn schooljaren, mijn gymnasiumtijd op het Canisiuscollege in Nijmegen, tweede helft jaren zestig. Behalve dat je je door je leerplicht heen ploeterde, kon je ook lid worden van diverse clubs en clubjes. Je mocht natuurlijk zelf weten of je dat deed, maar het was toch min of meer verplicht. Als je er vanaf zag, konden je rapportcijfers er gehavend uitzien.

Columns