Karin van As.
Volledig scherm
PREMIUM
Karin van As. © Marlies Wessels

Tuffie; een naam die bij een klein dansfeest op een plein tussen de platanen hoort

column thomas verbogtNooit geweten dat de stem die we op stations hoorden, van Tuffie Vos was, de stem die vertragingen en spoorwijzigingen aan ons doorgaf. Maar liefst 25 jaar lang. Hoe had ik dat ook kunnen weten? Volgens mij werd het toen ze begon niet bekendgemaakt, anders had ik het vast onthouden, wat natuurlijk vooral door die naam komt, Tuffie. 

  1. Dan het champagneshot. Als je niet weet waar de pijn zit, ben je daar tóch nieuwsgierig naar
    PREMIUM

    Dan het champag­neshot. Als je niet weet waar de pijn zit, ben je daar tóch nieuwsgie­rig naar

    Zweedse poema op de Veluwe. Wurgslang in een Bemmels keukenkastje. Meestal zijn het dieren die de komkommertijd inluiden. Dit jaar begon het met het uitstellen van een paar essentiële kwesties rond de kabinetsformatie tot ergens in augustus, want blijkbaar doe je in de zomer zulke dingen niet. Mis ik verder wat? Kan best dat door het vele sportnieuws komkommerberichten beetje weggedrukt worden.
  2. Astrid verloor in drie maanden tijd haar blonde lokken door ziekte en doorbreekt taboe op Twitter

    Astrid verloor in drie maanden tijd haar blonde lokken door ziekte en doorbreekt taboe op Twitter

    Wanneer haar dochter in de auto naar de Ikea in tranen uitbarst, weet Astrid dat het menens is. ,,Mam, je hebt een hele kale plek!” Een paar dagen later krijgt ze de diagnose Alopecia Areata. Een auto-immuunziekte waar je haar van uitvalt. Na een jaar van radiostilte over de diagnose, spreekt Astrid zich voor het eerst uit op Twitter. ,,Als je een kaal iemand ziet, denk je al snel aan kanker. Dat is zeker niet altijd zo.”
  1. Wat voor de een ‘straks’ is, hoeft het niet voor de ander te zijn
    PREMIUM

    Wat voor de een ‘straks’ is, hoeft het niet voor de ander te zijn

    ,,We zien wel.” Ik zeg het liever niet en hoor het ook niet graag. Komt door de eerste periode van mijn leven. Volwassenen zeiden het vaak. Dan wilde je iets, terwijl je uiteraard niets te willen had, en dan zei bijvoorbeeld de onderwijzer of een autoritaire tante bij wie je moest logeren: ,,We zien wel.” Met als variant: ,,Dat zien we straks wel.” Nooit wist ik wat ik me precies bij ‘straks’ moest voorstellen. Heb ik nog steeds. Hoezo straks? In sommige situaties heb ik vlammende behoefte aan concreetheid. Wat voor de een ‘straks’ is, hoeft het niet voor de ander te zijn.

Columns